wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

2BK - H1 Bevolking herhaling P1.1 t/m 1.4 en p1.8 en 1.9

Total questions: 25

Worksheet time: 42mins

Name
Class
Date
1.

Wat is een belangrijke reden voor de verandering van de bevolkingssamenstelling in stadswijken zoals Lombok?

a)

Verstedelijking en migratie

b)

Natuurlijke bevolkingsgroei

c)

Klimaatverandering

d)

Industrialisatie

2.

Bekijk de kaart.

Is de bevolkingsspreiding in Nederland gelijk of ongelijk?

a)

Gelijk iedereen is netjes verdeeld over Nederland

b)

Ongelijk de meeste mensen wonen in het oosten van Nederland

c)

Ongelijk de meeste mensen wonen in het westen van Nederland

d)

Ongelijk de meeste mensen wonen in het noorden van Nederland

3.

Juist of onjuist: De bevolkingsgroei in Lombok komt vooral door een hoog geboortecijfer.

a)

Juist

b)

Onjuist

4.

Wat is een kenmerk van een dichtbevolkt gebied?

a)

Goede werkgelegenheid en voorzieningen

b)

Lage huizenprijzen

c)

Veel landbouwgrond

d)

Weinig infrastructuur

5.

In welke gebieden vinden we meestal een lage bevolkingsdichtheid?

a)

Stedelijke gebieden

b)

Gebieden met veel industrie

c)

Hooggelegen berggebieden

d)

Kustgebieden

6.

Wat is de belangrijkste reden voor de hoge bevolkingsdichtheid in steden?

a)

Het milde klimaat

b)

De hoeveelheid natuurgebieden

c)

De aanwezigheid van landbouwgrond

d)

De concentratie van banen en voorzieningen

7.

Wat betekent "natuurlijke bevolkingsgroei"?

a)

Groei van de bevolking door migratie

b)

Afname van de bevolking door sterfte

c)

Groei van de bevolking door een hoger geboortecijfer dan sterftecijfer

d)

Groei van de bevolking door betere landbouwmethoden

8.

Welke factor kan het geboortecijfer in een land doen stijgen?

a)

Hogere inkomens

b)

Hogere sterftecijfers

c)

Toenemende vergrijzing

d)

Betere gezondheidszorg

9.

Juist of onjuist: Een land met een hoog sterftecijfer heeft automatisch een negatieve bevolkingsgroei.

a)

Juist

b)

Onjuist

10.

Bekijk de kaart.

Geef aan goed of fout:

In de provincie Groningen heeft een lagere bevolkingsdichtheid dan de provincie Zuid-Holland

a)

Goed

b)

Fout

11.

Bekijk de afbeelding over de bevolkingsontwikkeling van Amstelveen.

Geef aan juist of onjuist:

In 2020 had Amstelveen een hoger sterftecijfer dan geboortecijfer.

a)

Juist

b)

Onjuist

12.

Bekijk de afbeelding over de bevolkingsontwikkeling van Amstelveen.

Geef aan juist of onjuist:

Vanaf 2010 tot 2020 heeft Amstelveen alleen maar sterfteoverschot gehad.

a)

Juist

b)

Onjuist

13.

Bekijk de afbeelding over de bevolkingsontwikkeling van Amstelveen.

Geef aan juist of onjuist:

Vanaf 2019 heeft Amstelveen een bevolkingskrimp

a)

Juist

b)

Onjuist

14.

Wat is de vorm van deze bevolkingsgrafiek?

a)

Granaat

b)

Urn

c)

Piramide

15.

Wat is de vorm van deze bevolkingsgrafiek?

a)

Piramide

b)

Urn

c)

Granaat

16.

Deze bevolkingsgrafiek hoort bij een ...

a)

Rijk land

b)

Arm land

17.

Geef aan juist of onjuist:

Bij deze bevolkingsgrafiek zijn er meer jonge dan oude mensen

a)

Juist

b)

Onjuist

18.

Juist of onjuist: Een smalle top in een bevolkingsdiagram geeft aan dat er een hoge sterfte onder ouderen is.

a)

Juist

b)

Onjuist

19.

Welke kenmerken kunnen je identiteit bepalen?

(2 zijn antwoorden goed)

a)

Land

b)

Interesse/hobby

c)

Hand waarmee je schrijft

d)

Dat je een elektrische fiets hebt

20.

Welk begrip past het beste bij deze afbeelding?

a)

Zichtbaar cultuur kenmerk

b)

Onzichtbaar cultuur kenmerk

c)

Multiculturele samenleving

d)

Integratie

21.

Welk van de volgende onderdelen hoort bij een onzichtbaar cultuur kenmerk?

(2 antwoorden goed)

a)

Voedsel

b)

Kleding

c)

Taal

d)

Godsdienst

22.

Welke zin is goed?

a)

Integratie is het opnemen van bevolkingsgroepen met een eigen cultuur in een samenleving

b)

Integratie is een samenleving waarin veel groepen mensen met verschillende culturen samen wonen

23.

Armoede, werkeloosheid en oorlog zorgen ervoor dat een gebied een ....

a)

Afstotingsgebied is

b)

Aantrekkingsgebied is

24.

Bekijk de afbeelding.

Om welke vorm van migratie gaat het hier?

Iemand verhuist van Utrecht naar Noordwijk aan Zee.

a)

Binnenlandse migratie

b)

Buitenlandse migratie

25.

Bij migratie gaat het om het verhuizen van het ene gebied naar het andere gebied.

Welke hindernissen zijn er niet voor binnenlandse migranten maar wel voor buitenlandse migranten?

a)

Geld

b)

Grenzen en regels

c)

Natuur (meren of zeeën)

d)

Afstand