WorksheetsWoordbetekenis 2: morfologie
Total questions: 21
Worksheet time: 7mins
her-
opnieuw
tegen
klein
hoger
Noem een werkwoord dat begint met her-
hyper-
het volk
meer
niet
klein
een woord dat begint met hyper-
over-
opnieuw
te veel
in de buurt
samen
woord dat begint met over-
anti-
tegen
onder
samen
opnieuw
woord dat begint met anti-
micro-
zeer klein
naast
leven
samen
woord dat begint met micro-
macro-
zeer groot
in de buurt
samen met
zeer klein
woord dat begint met macro-
kruiden met veel aroma
(a) kruiden
een politicus met veel ambitie
een (a) politicus
een horloge van goud
een (a) horloge
De krant meldt het overlijden van de zanger:
de (a) zanger
deze formulering bevat een paradox
het is een (a) formulering
Dit gebouw lijkt op een monument.
Het is een (a) gebouw
Je bent hiertoe verplicht omdat je het contract getekend hebt.
Dit is een (a) verplichting.
Deze redenering volgt de logica: het is een (a) redenering.
Ik kreeg veel informatie tijdens dit gesprek, het was een (a) gesprek
