NEW
Font size
WorksheetsFormatieve toets H1 H3 Havo3
Total questions: 12
Worksheet time: 6mins
In welk rijtje staan alleen vaste lasten?
Abonnementen - boodschappen - huur
Contributie voetbal - gas en elektra - huur
Hypotheek - cadeautjes - nieuwe wasmachine
Wat wordt bedoeld met een secundair inkomen?
Inkomen uit arbeid en bezit
Het primair inkomen en het overdrachtsinkomen samen minus de belastingen
Inkomen zonder dat je er een directe tegenprestatie voor levert.
Wanneer spreek je van zelfvoorziening?
Als je een product voor verschillende prijzen kunt kopen.
Als je een product zelf maakt.
Als je een product op verschillende manieren kunt inzetten.
Als je een keuze tussen producten maakt.
Bij sportvereniging 1 betaal je €15 per kwartaal. Bij sportvereniging 2 betaal je €1,20 per week. welke is het duurst?
Sportvereniging 1
Sportvereniging 2
Stelling 1: Een duurdere auto leidt tot hogere vaste lasten. Stelling 2: Inkopen bij de meubelzaak behoren tot de incidente uitgaven.
Alleen stelling 1 is juist.
Alleen stelling 2 is juist.
Beide stellingen zijn juist.
Beide stellingen zijn onjuist.
In welk rijtje staan alleen dagelijkse uitgaven?
Tandpasta - boodschappen - wasmiddel
Contributie voetbal - gas en elektra - huur
Hypotheek - cadeautjes - nieuwe wasmachine
Moreel wangedrag houdt in dat...
...verzekerden zich meer voorzichtig gaan gedragen wanneer ze verzekerd zijn.
...verzekerden zich meer onvoorzichtig gaan gedragen wanneer zij verzekerd zijn.
...je altijd een deel van de schade zelf moeten betalen.
...mensen met een hoog risico meer premies moeten betalen dan mensen met een laag risico.
Welke bewering is juist?
Het terugbetalen van een lening noem je rente
Bij een lening betaalt de bank rente
Rente zijn de kosten van een lening
De rente op een spaarrekening zijn opbrengsten voor de bank
Stelling 1: Een hypotheek is een lening voor een consumptief krediet. Stelling 2: Bij een persoonlijke lening leen je een bedrag dat je in een van tevoren bepaalde termijn afbetaalt.
Alleen stelling 1 is juist.
Alleen stelling 2 is juist.
Stelling 1 en 2 zijn beide juist.
Stelling 1 en 2 zijn beide onjuist.
Wat zijn incidentele uitgaven?
Uitgaven die regelmatig terugkomen, zoals huur en abonnementen.
Uitgaven die sporadisch voorkomen, zoals een vakantie of een nieuwe computer.
Uitgaven die je nooit kunt plannen, zoals medische kosten.
Wat zijn vaste lasten?
Uitgaven die je niet kunt plannen, zoals medische kosten.
Uitgaven die regelmatig terugkomen, zoals huur en verzekeringen.
Uitgaven die je alleen in bepaalde maanden hebt, zoals vakantiekosten.
Wat wordt verstaan onder een budgetplan?
Een overzicht van al je inkomsten en uitgaven.
Een plan om meer geld te sparen.
Een lijst van al je schulden en leningen.
