wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Voedingstechnologie N3 24-25

Total questions: 17

Worksheet time: 1hrs 13mins

Name
Class
Date
1.

Bij ....................... processen ondergaan de ingrediënten een verandering op moleculair niveau. Nieuwe stoffen worden gevormd, vaak met een verandering in kleur, smaak of textuur.

a)

laboratorium

b)

chemische

c)

fysische

d)

spontane

2.

Wat is het meest populaire fastfoodgerecht ter wereld?

a)

Frikandel

b)

Eierbal

c)

Hamburger

d)

Gehaktbal

3.

In de keuken zijn er twee chemische reacties die vaak voorkomen. De ................ en .................... Deze twee reacties gaan hand in hand met elkaar en zijn vaak moeilijk uit elkaar te houden, het worden allebei bruiningsreactie genoemd.

a)

Karamellisatie

b)

Krokantellisatie

c)

Maillard-reactie

d)

Michelin-reactie

4.

Een rauwe hamburger is van origine vaak licht roze/rood met witte stukjes. Vaak wordt voor een hamburger rundvlees gebruikt maar een combinatie met varkensvlees komt ook voor. De verhouding voor een hamburger is .........% vlees en ..........% vet.

4 lines
5.

Karamellisatie is een chemische reactie die ontstaat tijdens de verhitting van ................

4 lines
6.

Wat gebeurt er met caramel als het boven de 188 graden komt?

a)

Word donker en krijgt een bittere smaak.

b)

Word krokant en zoet

c)

Word vloeibaar en kan je gebruiken als saus.

d)

verdampt.

7.

De opslag van aardappelen is ook heel belangrijk. De ideale opslagtemperatuur is tussen de 7-10 °C.

a)

-7 & -10 °C

b)

0 & 7 °C

c)

7 & 10 °C

d)

10 & 17 °C

8.

Een ander chemisch proces wat vaak voorkomt in keukens is het proces van emulgeren. Wat is emulgeren?

a)

het mengen van suikers in water met een hulpstof

b)

Het bruiningsproces bij verhitting

c)

het proces waarbij twee vloeistoffen zich van elkaar afscheiden

d)

het mengen van olie in water met een hulpstof

9.

Virussen horen officieel niet tot de micro-organismen, omdat ze zich niet zelfstandig kunnen delen. Ze kunnen wel, net als micro-organismen, ziekmakend zijn en voedsel besmetten.

a)

Waar

b)

Niet waar

10.

In de voedingsmiddelenbranche worden bacteriën gebruikt bij de bereiding van yoghurt, kaas en zuurkool. Schimmels worden gebruikt bij het maken van kaassoorten als brie, camembert.

a)

Voedings micro-organismen

b)

Nuttige micro-organismen

c)

Bederfwekkende micro-organismen

d)

Ziekteverwekkende micro-organismen

11.

Voorbeelden hiervan zijn de micro-organismen die ervoor zorgen dat melk zuur wordt, dat brood beschimmelt en dat vruchtensappen en jam gaan gisten. Dit gistingsproces is schadelijk, in tegenstelling tot het gisten van bijvoorbeeld bier.

a)

Voedings micro-organismen

b)

Nuttige micro-organismen

c)

Bederfwekkende micro-organismen

d)

Ziekteverwekkende micro-organismen

12.

Deze micro-organismen kunnen in ons voedsel voorkomen zonder merkbare veranderingen teweeg te brengen. Het voedsel ziet er niet anders uit en smaakt gewoon. Toch kun je er behoorlijk ziek van worden. Een bekende ziekteverwekker is de Salmonellabacterie.

a)

Voedings micro-organismen

b)

Nuttige micro-organismen

c)

Bederfwekkende micro-organismen

d)

Ziekteverwekkende micro-organismen

13.

Bacteriën planten zich voort door middel van..................

4 lines
14.

Welke drie soorten micro-organismen zijn er:

4 lines
15.

Micro-organismen hebben vijf levensvoorwaarden nodig, welke mist er?
Vocht

  • Voedingsstoffen

  • Temperatuur

  • Zuurgraad (pH)

4 lines
16.

.......................... is erop gericht om bederf van voedsel uit te stellen (houdbaarheid verlengen). Je kunt een product langer houdbaar maken door micro-organismen te doden of hun groei te remmen of te stoppen. Het ................................. gebeurt meestal door één of meer levensvoorwaarden van micro- organismen ongunstig te maken.  

(a)  

17.

De simpelste en meest gebruikte methode is temperatuurverlaging. Dit kan op twee manieren:

4 lines