WorksheetsTh2 Thema 1 basisstof 4
Total questions: 16
Worksheet time: 16mins
In de bronchiën vindt gaswisseling plaats
waar
niet waar
Wat is de stand van de huig en strottenklep bij inademen?
open, open
dicht,open
open, dicht
beide dicht
Bij inademen gaan de ribben en het middenrif omhoog
waar
niet waar
Gaswisseling kan snel plaats vinden in de longblaasjes omdat?
Ze een heel groot oppervlakte samen hebben en een dikke wand hebben
Ze een hele dikke wand hebben waardoor water en opgeloste voedingsstoffen makkelijk doorheen kan
Ze een heel groot oppervlakte hebben en maar 1 cellaag dik zijn
Wat verstaan we onder gaswisseling
het uitwisselen van zuurstof en koolstofdioxide in de longblaasjes
het uitwisselen van stikstof en zuurstof in de longblaasjes
Het uitwisselen van stikstof en zuurstof tussen cellen en bloed
het opnemen van zuurstof in het bloed
Bij pijl 1 stroomt het bloed met veel koolstofdioxide naar het longblaasje.
Juist
Onjuist
Pijl 3 geeft bloed aan met weinig zuurstof.
Juist
Onjuist
Het oppervlak van de longblaasjes heeft invloed op de snelheid van de gaswisseling.
Juist
Onjuist
Wanneer je bij borstademhaling uitademt, spannen de buikspieren zich aan.
Juist
Onjuist
Wat gebeurd er wanneer de longen groter worden?
Er stroomt lucht de longen in.
Er stroomt lucht de longen uit.
De buikspieren spannen zich aan.
De tussenribspieren spannen zich aan.
Wat is de goede volgorde bij een buikademhaling?
Het middenrif spant zich aan --> de longen worden groter --> er stroomt lucht de longen in
Het middenrif spant zich aan --> er stroomt lucht de longen in --> de longen worden groter
Er stroomt lucht --> de longen in de longen worden groter --> het middenrif spant zich aan
De longen worden groter --> het middenrif spant zich aan --> er stroomt lucht de longen in
