wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

KLA2 - Quiz

Total questions: 71

Worksheet time: 56mins

Name
Class
Date
1.

58134=...\frac{5}{8}-\frac{13}{4}=...

a)

218\frac{21}{8}

b)

318\frac{31}{8}

c)

318-\frac{31}{8}

d)

218-\frac{21}{8}

2.

1212÷12+1212=...\frac{1}{2}\cdot\frac{1}{2}\div\frac{1}{2}+\frac{1}{2}-\frac{1}{2}=...

a)

12-\frac{1}{2}

b)

0

c)

12\frac{1}{2}

d)

1

3.

57÷1514=...\frac{5}{7}\div\frac{15}{14}=...

a)

9875\frac{98}{75}

b)

32\frac{3}{2}

c)

23\frac{2}{3}

d)

7598\frac{75}{98}

4.

Om een breuk te vermenigvuldigen doe ik...

a)

noemer maal noemer en teller maal teller

b)

noemer 1 maal teller 2 en teller 1 maal noemer2

c)

op gelijke noemer zetten en teller maal teller

5.

3  233\ \cdot\ \frac{2}{3}

a)

29\frac{2}{9}

b)

23\frac{2}{3}

c)

2

6.

(18 - 4 . 0) + 3 - 6 : 3 =

a)

-1

b)

19

7.

200 + 200 : 2 =

a)

300

b)

200

8.
2⋅(4+5+1)³ + 6 + 8 - (7-9) =
a)
76
b)
2016
c)
100
d)
2012
9.
(4-6)3 + (6-9)2 =
a)
1
b)
-17
c)
17
10.
10 - 3(7-4) = 
a)
1
b)
21
c)
19
d)
-90
11.

Wat is de juiste volgorde van bewerking?

a)

Haakjes, Optellen, Vermenigvuldigen, Delen

b)

Optellen, Haakjes, Delen, Vermenigvuldigen

c)

Haakjes, Delen, Vermenigvuldigen, Optellen

d)

Vermenigvuldigen, Delen, Optellen, Haakjes

e)

Vermenigvuldigen, Optellen, Haakjes, Delen

12.

(3.(-1))²+4-2:2

(a)  

13.

5+3.4.(3-4)

(a)  

14.

51.7(71):2\sqrt[]{5-1}.7-\left(7-1\right):2

(a)  

15.

32=-3^2=  

a)

-6

b)

6

c)

-9

d)

9

16.

(2)4=\left(-2\right)^4=  

a)

16

b)

-16

c)

-24

d)

-8

17.

8  (5) =-8\ -\ \left(-5\right)\ =  

a)

-3

b)

-13

c)

13

d)

40

18.

16=\sqrt{-16}=  

a)

-8

b)

-4

c)

8

d)

bestaat niet

19.

Kies de berekeningen die juist zijn (meerdere kunnen goed zijn!)

a)

5 x 2 + 3 = 11

b)

6 - 3 x 2 = 6

c)

10 : 5 x 3 = 6

d)

8 + 3 x 3 = 17

e)

4 x (2 + 1) = 12

20.

Reken mee: 2 + 3 + 4 x 2 = 18

a)

Dit is waar, want 9 x 2 = 18

b)

Dit is niet waar, want de keer gaat voor en dan krijg je 5 + 8 = 13

21.

Haakjes gaan voor keer en gedeeld door en dan pas komt plus en min. Dit is:

a)

juist

b)

niet juist

22.

Klik de juiste berekeningen aan

(meerdere juiste antwoorden zijn mogelijk)

a)

6 x ( 9 - 5 ) = 49

b)

8 : 2 x 5 = 20

c)
d)

6 : 2 x ( 1 + 2 ) = 9

e)

12 - 4 x 2 = 16

23.

Kies alle goede berekeningen:

a)

2 + 4 . 3 = 14

b)

2 . (2 + 3) = 7

c)

5 - 4 : 2 =3

d)

8 : (5 - 3) = 4

e)

9 : 3 . 4 = 15

24.

Klik alleen op de goede berekeningen:

a)

3 -1 . 3 = 0

b)

9 : 3 . 3 = 9

c)

8 + 2 . 4 = 40

d)

10 + 2 . 5 = 20

e)

100 : 10 . 2 + 3 = 23

25.

In normale omstandigheden smelt Freongas bij -158°C en kookt bij -30°C. Hoe groot is het temperatuursverschil tussen smeltpunt en kookpunt van Freongas?

a)

188 °C

b)

128°C

c)

-188°C

d)

-128°C

26.

Op een winterdag is het verschil tussen de hoogste en de laagste temperatuur 12 °C. De hoogste en de laagste temperatuur van die dag zijn precies elkaars tegengestelde. Wat zijn die temperaturen?

a)

6°C en -6°C

b)

12°C en 1/12°C

c)

-12°C en 12°C

d)

Dit kan je niet weten, er is te weinig informatie

27.

bereken: -24 + (-23) =

a)

-1

b)

-47

c)

1

d)

47

28.

|5 - 6| =

a)

1

b)

-1

c)

-11

29.

-33 - (-22)

a)

-55

b)

55

c)

-11

d)

11

30.

Reken mee: 2 + 3 + 4 . 2 = 18

a)

Dit is waar, want 9 . 2 = 18

b)

Dit is niet waar, want de keer gaat voor en dan krijg je 5 + 8 = 13

31.

Klik de juiste berekeningen aan

(meerdere juiste antwoorden zijn mogelijk)

a)

6 . ( 9 - 5 ) = 49

b)

8 : 2 . 5 = 20

c)

6 : 2 . ( 1 + 2 ) = 9

d)

12 - 4 . 2 = 16

32.
Als aftrektal en aftrekker gelijk zijn aan elkaar, dan is het verschil gelijk aan
a)
0
b)
1
c)
Kan je niet weten
d)
Gaat niet
33.
Het quotiënt van twee getallen is 1. De deler is 25. Het deeltal is
a)
1
b)
0
c)
25
d)
26
34.

Kijk goed naar de bewerking.

Zoek het juiste getal.

a)

b)

c)

d)

35.

Kijk goed naar de bewerking.

Zoek het juiste getal.

a)

b)

c)

d)

36.

hoe lang brandt de tweede kaars?

(a)  

37.

welk getal is de vis?

(a)  

38.

3b3(2b2)3b^3\cdot\left(-2b^2\right)  

a)

6b5-6b^5  

b)

6b6-6b^6  

c)

bb  

d)

108b5108b^5  

39.

23x45x\frac{2}{3}x\cdot\frac{4}{5}x  

a)

815x2\frac{8}{15}x^2  

b)

815\frac{8}{15}  

c)

815x\frac{8}{15}x  

d)

0

40.

(2x2)3\left(-2x^2\right)^3  

a)

8x6-8x^6  

b)

8x68x^6  

c)

8x5-8x^5  

d)

8x58x^5  

41.

3a(2b+5c)3a\left(2b+5c\right)  

a)

6ab+15ac6ab+15ac  

b)

21abc21abc  

c)

6ab+5c6ab+5c  

d)

5ab+8ac5ab+8ac  

42.

0,5x(8x24x+2)-0,5x\cdot\left(8x^2-4x+2\right)  

a)

4x3+2x2x-4x^3+2x^2-x  

b)

4x34x+2-4x^3-4x+2  

c)

2x2x-2x^2-x  

d)

3x2-3x^2  

43.

x2yy+x+3y-x-2y-y+x+3y  

a)

00  

b)

4y4y  

c)

2x2x  

d)

2x+4y2x+4y  

44.

(2x34x)(3x)\left(2x^3-4x\right)\cdot\left(-3x\right)  

a)

6x4+12x2-6x^4+12x^2  

b)

2x37x2x^3-7x  

c)

6x66x^6  

d)

2x3+12x22x^3+12x^2  

45.

Herleid en rangschik de veeltermen:

3a2 - 9ab + 6ab -8b2 +3ab +7b2

a)

b)

c)

d)

46.

De basishoeken in een gelijkbenige driehoek zijn even groot. Wat moet er bij gevraagd staan?

a)

b)

c)

d)

Geen van deze mogelijkheden

47.

Gegeven is gelijkbenige ΔABC\Delta ABC  .
Hoek B meet 50°. Hoe groot is hoek A?

a)

100°

b)

80°

c)

50°

d)

180°

48.

 Gegeven is volgende tekening. Hoe groot is hoek D2D_2 ?

a)

98°

b)

82°

c)

180°

d)

42°

49.

Hoe groot is hoek F1F_1  ?

a)

67°

b)

33°

c)

90°

d)

57°

50.

Wat is de som van de hoeken van een driehoek?

a)

180°

b)

360°

c)

90°

d)

270°

51.

Een gelijkzijdige driehoek kan stomphoekig zijn.

a)

Juist

b)

Fout

52.

Elke gelijkbenige driehoek is ook een gelijkzijdige driehoek.

a)

Juist

b)

Fout

53.

Een gelijkbenige driehoek kan niet rechthoekig zijn.

a)

Juist

b)

Fout

54.

Een stomphoekige driehoek kan ten hoogste 1 symmetrieas hebben.

a)

Juist

b)

Fout

55.

Je kan een driehoek construeren met juist twee symmetrieassen.

a)

Juist

b)

Fout

56.

Hoeveel centimeter is 1,2 m?

a)

120 cm

b)

12 cm

c)

102 cm

d)

1002 cm

57.

1 liter staat gelijk aan?

a)

1 dm³

b)

1 cm³

c)

1 m³

d)

10 cm²

58.

Een auto rijdt 90 km in 1 uur en 30 minuten. Wat is de gemiddelde snelheid van de auto?

a)

60 km/u

b)

45 km/u

c)

75 km/u

d)

90 km/u

59.

Wat is de formule voor het berekenen van de omtrek van een cirkel?

a)

π * straal

b)

2 * π * straal

c)

straal * straal

d)

2 * straal

60.

De formule is:

y = (4x 4)y\ =\ \sqrt[]{\left(4x\ -4\right)}

Als je voor x = 5 invult dan krijg je als antwoord:

a)

-16

b)

4

c)

10

d)

5

61.

Noteer in wiskundetaal.

Stel de onbekende voor door x.

Het vijfvoud van een getal verminderd met -7

a)

5x - 7

b)

5x - (-7)

c)

-7 + 5x

62.

Noteer in wiskundetaal: twee opeenvolgende tienvouden

a)

10x en 10x +10

b)

x +10 en x + 20

63.

Noteer wiskundig:

6 meer dan het dubbele van een getal.

a)

6x+2

b)

(6+2)x

c)

2x + 6

64.

Hoeveel is 2/3 van 600?

a)

400

b)

500

c)

600

d)

700

65.

Juist of fout? De afstand tussen twee snijdende rechten kun je niet bepalen.

a)

Juist

b)

Fout

66.

Juist of fout? Alle gehele getallen zijn rationale getallen.

a)

Juist

b)

Fout

67.

Dit is de notatie van...

a)

de verzameling van de positieve rationale getallen.

b)

de verzameling van de negatieve rationale getallen.

c)

de verzameling van de positieve rationale getallen zonder nul.

d)

de verzameling van de positieve rationale getallen met nul.

68.

Welk oneven getal word even als je er èèn letter afhaalt?

(a)  

69.

Hoeveel maanden hebben 28 dagen

a)

10

b)

12; alle maanden hebben tenminste 28 dagen

c)

9

70.

Welke kabouter weegt het minst?

a)

b)

c)

d)

71.

Wat is het gewicht van het blauwe pakje?

(a)