wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Niveau 1

Total questions: 13

Worksheet time: 17mins

Name
Class
Date
1.

Bekijk de bron. Het gebouw dat je hier ziet is een ...

a)

Tempel

b)

Paleis van de farao

c)

Graf van een farao

d)

Huis van rijke Egyptenaren

2.

Bekijk dezelfde bron nog een keer. Wat vertelt deze beeldbron over de Egyptenaren?

a)

Ze gebruikten geen beelden of versieringen in hun bouwwerken.

b)

Ze bouwden vooral eenvoudige huizen van klei.

c)

Ze konden grote beeldhouwwerken maken. Ze vonden farao's waarschijnlijk erg belangrijk.

d)

Ze leefden vooral van handel met andere landen.

3.

De belangrijkste god van de Egyptenaren was ...

a)

Zeus

b)

Odin

c)

Vishnoe

d)

Zonnegod Ra (later Amon-Ra)

4.

Waarom kunnen we de godsdienst van de Egyptenaren ingewikkeld noemen? Vink twee redenen aan.

a)

Er waren honderden goden.

b)

Een god kon in de ene plaats belangrijk zijn, terwijl ze hem in een andere plaats niet kenden.

c)

Ze geloofden maar in één god.

d)

Ze vierden nooit religieuze feesten

5.

Bekijk de bron. Welk proces wordt hier afgebeeld?

a)

Het voorbereiden van een offer aan de goden

b)

Mummificeren

c)

Het kronen van een farao

d)

Het bouwen van een piramide

6.

Waarom was dit proces van mummificeren zo belangrijk voor de Egyptenaren?

a)

Ze wilden het lichaam gebruiken voor medische onderzoeken.

b)

Ze geloofden dat het lichaam mooi moest blijven voor bezoekers.

c)

Ze wilden laten zien hoe rijk ze waren.

d)

Ze dachten dat de ziel alleen in het hiernamaals kon leven als het lichaam goed bewaard bleef.

7.

Hoe dachten de Egyptenaren over een leven na de dood?

a)

Ze geloofden dat je na de dood nog doorleefde in het dodenrijk.

b)

Ze dachten dat er na de dood niets meer was.

c)

Ze geloofden dat je na de dood als een dier terugkwam op aarde.

d)

Ze dachten dat alleen farao’s een leven na de dood hadden.

8.

Waarom was de bouw van een piramide belangrijk voor een farao?

a)

Het was een plaats waar de farao zijn schatten kon tentoonstellen.

b)

De piramide diende als tempel waar mensen konden bidden tot de farao.

c)

Het was een plek waar de farao kon wonen tijdens zijn leven.

d)

Dit was zijn grafmonument, de 'woning' waar zijn lichaam en ziel na na zijn dood zouden verblijven.

9.

Wat zijn sociale verschillen?

a)

Verschillen in bezit en aanzien tussen mensen en groepen mensen.

b)

Verschillen tussen mensen in leeftijd.

c)

Verschillen tussen steden en dorpen.

d)

Verschillen tussen dieren en mensen.

10.

Hoe kwamen Egyptenaren aan slaven?

a)

Ze kregen slaven van de goden.

b)

Ze werden als krijgsgevangenen uit andere landen meegenomen.

c)

Ze gebruikten dieren als slaven.

d)

Iedereen moest vrijwillig slaaf worden.

11.

Kon een ambachtsman opklimmen tot een beroep met meer aanzien?

a)

Nee, ambachtslieden bleven altijd onderaan de sociale ladder.

b)

Nee, want alleen farao’s konden beroepen met meer aanzien hebben.

c)

Ja, door bijvoorbeeld schrijver te worden of door in dienst te komen bij de farao als hoge ambtenaar.

d)

Ja, maar alleen als ze een god werden.

12.

Gebruik de bron. Welke drie nadelen van het werk van ambachtslieden worden er genoemd?

a)

Het werk is smerig

b)

Ze krijgen geen tijd om te eten

c)

Het werk is gevaarlijk

d)

Je verdient er weinig geld mee

13.

Vul de juiste woorden in op de lege plekken. Maak gebruik van: rechten - schrijver - boeren - slaven en slaafgemaakten - huis - vier - farao

(a)  

De Egyptische samenleving was verdeeld in ... sociale lagen. De hoogste positie was voor de ... . Onderaan stonden de ... en landarbeiders. In deze sociale laag waren ook de ... opgenomen. Zij moesten hard werken voor de Egyptenaren. Sommige beroepen zoals dat van ... hadden meer aanzien dan andere. De sociale verschillen waren zichtbaar. Mensen met meer aanzien hadden vaak een groter ... en betere voeding dan mensen met minder aanzien. Mannen en vrouwen hadden veel gelijke ... .