wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Inburgeringsexamen Kennis Nederlandse Maatschappij

Total questions: 20

Worksheet time: 11mins

Name
Class
Date
1.

Wat wordt er gegeten bij de geboorte van een baby?

a)

Beschuit met muisjes

b)

Oliebollen

c)

Oranje tompoezen

2.

Welk gebouw staat op deze foto?

a)

Paleis het Loo

b)

Het Rijksmuseum

c)

Huis Ten Bosch

3.

Wat verstaat men onder ‘De Randstad’?

a)

De provincies Noord- en Zuid-Holland

b)

De stedenlijn Amsterdam - Utrecht - Nijmegen

c)

Een gebied met steden in het westen van het land

d)

De steden die aan de kust van Nederland liggen

e)

De steden die aan de grens van Nederland liggen

4.

Wat doet de koning van Nederland?

a)

De koning bepaalt waar Nederland geld aan uitgeeft

b)

De koning kiest de Nederlandse regering

c)

De koning ondertekent nieuwe Nederlandse wetten

d)

De koning is de handels-vertegenwoordiger van Nederland in het buitenland.

5.

Wat doet het bestuur van een provincie?

a)

Ze bepalen waar sommige wegen en fietspaden mogen komen

b)

Ze maken wetten over bouwen en verbouwen

c)

Ze bepalen wie er een uitkering krijgt bij werkloosheid

d)

Ze bepalen hoeveel mensen er in de provincie mogen wonen.

6.

Wat kan je het beste doen als je elke dag last heb van hoofdpijn?

Een afspraak maken bij...

a)

De apotheek

b)

Het ziekenhuis

c)

De huisarts

d)

De drogist

7.

Waar kan je naartoe als je werk zoekt?

a)

De gemeente

b)

Het uitzendbureau

c)

Inschrijven bij een school

8.

Uit welk land komt koningin Maxima?

a)

Duitsland

b)

Zweden

c)

Argentinië

d)

Brazilië

e)

Polen

9.

Waar haalt men in Nederland medicijnen op recept?

a)

Bij de apotheek

b)

Bij de huisarts

c)

Bij de drogist

d)

In de supermarkt

10.

Bij welke instantie kan je zorgtoeslag aanvragen?

a)

Bij de belastingdienst

b)

Bij de gemeente

c)

Bij de zorgverzekeraar

11.

Waar ligt Zeeland? In het....van Nederland

a)

noorden

b)

oosten

c)

zuiden

12.

Welke landen hebben Nederland bevrijd tijdens de Tweede Wereldoorlog?

a)

Amerika, Canada en Groot-Brittanië

b)

Duitsland, Italië, Japan

c)

Frankrijk, België, Denemarken

13.

Wat is Prinsjesdag?

a)

Dan leest de koning de plannen van de regering voor

b)

Dan ondertekent de koning nieuwe wetten van de regering

c)

Dan viert de koning zijn verjaardag

d)

Dan vieren we de geboorte van de eerste Nederlandse koning, Willem I

14.

Wat moet je met verf doen als je dat wil weggooien?

a)

Je mag verf door de gootsteen spoelen

b)

Je moet de verf bij het klein chemisch afval doen

c)

Je moet de verf in je eigen afvalcontainer doen

15.

Ali gaat op zijn werk met een nieuwe machine werken. Hij weet nog niet hoe deze werkt. Wat kan hij het beste doen?

a)

De uitleg van de machine eerst goed lezen.

b)

Heel rustig beginnen met de machine.

c)

Vragen of een collega het werk wil doen.

16.

Wie kiest de basisschool voor een kind?

a)

De gemeente kiest de school

b)

De ouders moeten een school in de buurt kiezen

c)

Ouders mogen elke school kiezen voor hun kind

17.

Vanaf welke leeftijd ben je verplicht een ID kaart bij je te dragen?

(a)  

18.

Wanneer kreeg Nederland zijn eerste grondwet?

a)

1800

b)

1814

c)

1857

d)

1878

e)

1900

19.

Moet je uw rijbewijs altijd bij u hebben als u auto rijdt?

a)

Ja, altijd.

b)

Nee, dan kan je het ook niet kwijtraken.

c)

Nee, in uw eigen gemeente hoeft het niet.

20.

Wat is geen christelijk feest?

a)

Pasen

b)

Hemelvaartsdag

c)

Oudejaarsdag

d)

Carnaval