wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Omgevingswet Kennis Quiz

Total questions: 30

Worksheet time: 15mins

Name
Class
Date
1.

Wanneer is de Omgevingswet in werking getreden? 

a)

1 januari 2022 

b)

1 juli 2023 

c)

 1 januari 2024 

d)

1 januari 2025 

2.

Waar staat VTH voor? 

a)

Vergunningen, Toetsing en Handhaving 

b)

Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving 

c)

Vaststelling, Toetsing en Handhavin

d)

Verordening, Toezicht en Handhaving 

3.

Hoeveel wetten gaan (gedeeltelijk) op in de Omgevingswet? 

a)

60

b)

15

c)

120

d)

26

4.
  1. Welke van de onderstaande instrumenten is geen kerninstrument van de Omgevingswet? 

a)

Omgevingsvisie 

b)

Programma 

c)

Structuurvisie 

d)

Omgevingsvergunning 

5.

Welke AMvB’s komen er? 

a)

Bal, Bbl, Bor, Abm

b)

Bal, Bbl, Bm, Mr

c)

Geen, alles komt in het omgevingsplan 

d)

Bal, Bbl, Bkl, Ob 

6.

Waarvoor staat de term DSO

a)

Depositie Stikstof is openbaar toegankelijk 

b)

Durf Samen te Ontwikkelen 

c)

Digitaal Stelsel Omgevingswet 

d)

De Samenhangende Omgeving 

7.

Wat is de bruidsschat volgens de Omgevingswet?

a)

Een gift van de vader naar de bruid 

b)

Een zak met geld van de minister aan de gemeente en waterschappen 

c)

Regels voor activiteiten die van het Rijk verhuizen naar gemeente of waterschap 

d)

De verplichte bezuiniging in de Omgevingswet 

8.

 Welke onderdelen zijn vanaf de inwerkingtreding van de Omgevingswet terug te vinden in het Omgevingsloket van het DSO? 

a)

Vergunning aanvragen en melden

b)

Vergunningcheck, vergunning aanvragen en melding doen, en regels op de kaart 

c)

Vergunningcheck, vergunning aanvragen en melding doen, regels op de kaart, procesverbaal 

9.

Wat vervangt het bestemmingsplan onder de Omgevingswet?

a)

Omgevingsvisie 

b)

Programma 

c)

Omgevingsplan 

d)

Beleidsregel 

10.

Wat is de rol van de Raad van State in het beoordelingsproces van omgevingsvergunningen?

a)

De Raad van State verleent altijd de omgevingsvergunningen 

b)

De Raad van State is verantwoordelijk voor het opstellen van omgevingsplannen 

c)

De Raad van State heeft geen rol in het beoordelingsproces 

d)

De Raad van State heeft invloed op de vaststelling van beoordelingsregels in AMvB  

11.

Wat is een omgevingsplanactiviteit volgens de Omgevingswet? 

a)

Een activiteit die verboden is zonder omgevingsvergunning en niet in strijd is met het omgevingsplan

b)

Een activiteit die alleen betrekking heeft op bouwactiviteiten 

c)

Een activiteit die altijd vergunningsvrij is volgens de Omgevingswet 

d)

Een activiteit die alleen door de Raad van State beoordeeld wordt 

12.

Wat is het criterium voor de beoordeling van een buitenplanse omgevingsactiviteit? 

a)

Geen strijd met het bestemmingsplan 

b)

Voldoen aan de vergunningsplicht 

c)

Evenwichtige toedeling van functies aan locaties 

d)

Maximale bouwhoogte van 4,5 meter 

13.

Wat behoort niet tot de doelen van de Omgevingswet?

a)

Overzichtelijkheid van regels

b)

Meer ruimte voor initiatieven 

c)

Uitbreiding van het aantal regels 

d)

Een integrale aanpak van vergunningsaanvragen 

14.

Wat is een voordeel van het aanvragen van één omgevingsvergunning voor meerdere activiteiten? 

a)

Er zijn geen beoordelingsregels van toepassing op de activiteiten 

b)

Het is altijd goedkoper dan meerdere vergunningen aanvragen 

c)

Het is sneller dan het aanvragen van een bouwvergunning 

d)

Er is één besluit, één totstandkomingsprocedure en één rechtsbeschermingsprocedure 

15.

Welke activiteiten zijn vergunningsplichtig volgens artikel 5.1 van de Omgevingswet? 

a)

Alle activiteiten die in de bijlage van de wet staan 

b)

Activiteiten die alleen betrekking hebben op rijksmonumenten 

c)

Activiteiten die geen significante gevolgen hebben voor de natuur 

d)

Bouwactiviteit en milieubelastende activiteit 

16.

Wat wordt bedoeld met een binnenplanse activiteit? 

a)

Een activiteit die in overeenstemming is met het omgevingsplan 

b)

Een activiteit die in strijd is met het omgevingsplan 

c)

Een activiteit die verboden is zonder vergunning 

d)

Een activiteit die buiten het bouwvlak plaatsvindt 

17.

Wat is een buitenplanse activiteit? 

a)

Een activiteit die geen vergunning nodig heeft 

b)

Een activiteit die in strijd is met het omgevingsplan en waarvoor een vergunning vereist is 

c)

Een activiteit die binnen het bouwvlak plaatsvindt 

d)

Een activiteit die altijd toegestaan is 

18.

Wat zijn de beoordelingsregels voor vergunningsplichtige activiteiten? 

a)

Beoordelingsregels worden alleen vastgesteld door de gemeente

b)

Er zijn uniforme beoordelingsregels voor alle vergunningsplichtige activiteiten

c)

Beoordelingsregels zijn alleen van toepassing op bouwactiviteiten 

d)

De beoordelingsregels zijn specifiek voor elke activiteit en niet integraal 

19.

Waarom is het belangrijk dat het beoordelingscriterium hetzelfde is voor afwijkingen van het omgevingsplan? 

a)

Om meer activiteiten zonder vergunning toe te staan 

b)

Om alle activiteiten te verbieden die niet in het plan staan 

c)

Om consistentie te waarborgen en ondermijning van het plan te voorkomen 

d)

Om de bouwhoogte te beperken tot 4,5 meter 

20.

Wat wordt verstaan onder een bouwwerk ? 

a)

Een tijdelijke structuur die niet met de grond verbonden is 

b)

Een bouwwerk dat geen vergunning vereist om te bouwen 

c)

Een gebouw dat alleen voor opslagdoeleinden wordt gebruikt 

d)

Een constructie die met de grond verbonden is en ter plaatse functioneert 

21.

Welke bouwactiviteiten zijn vergunningsplichtig volgens artikel 5.1 lid 2 Ow? 

a)

Bouwwerken zonder dak 

b)

Bouwwerken met een dak 

c)

Enkel tijdelijke constructies 

d)

Alle soorten aanbouwen 

22.

Wat is het doel van kwaliteitsborging voor bouwwerken? 

a)

Alle bouwwerken vrijstellen van toetsing

b)

Alle bouwwerken toetsen aan kwaliteitsnormen 

c)

Alle bouwwerken alleen toetsen op esthetiek

d)

Alle bouwwerken toetsen aan financiële normen 

23.

Wat gebeurt er als de kwaliteitsborger en het bevoegd gezag het niet eens zijn over de naleving van de normen?

a)

Er is sprake van een overtreding omdat aan de voorwaarden niet is voldaan 

b)

Het bevoegd gezag moet de kwaliteitsborger negeren in dit geval

c)

De bouw kan doorgaan zonder verdere controle

d)

De bouwactiviteit wordt automatisch goedgekeurd door de kwaliteitsborger 

24.

Welke artikelen verwijzen naar de beoordelingsregels voor bouwactiviteiten? 

a)

Artikel 2.10 en artikel 8.3 

b)

Artikel 4.5 en artikel 6.1 

c)

Artikel 5.20 en artikel 5.18 

d)

Artikel 3.2 en artikel 7.4 

25.

Wat bepaalt of bouwen vergunningplichtig is volgens het omgevingsplan? 

a)

De grootte van het bouwwerk 

b)

De kwalificatie als omgevingsplanactiviteit 

c)

De locatie van het bouwwerk 

d)

De kosten van het bouwproject 

26.

Wat is een mogelijke reden voor het aanvragen van twee vergunningen voor hetzelfde bouwwerk? 

a)

Het bouwwerk valt onder twee vergunningsplichten 

b)

Het bouwwerk heeft meerdere eigenaren 

c)

Het bouwwerk is te groot voor één vergunning 

d)

Het bouwwerk is in een beschermd gebied 

27.

Wat is de hoofdregel voor de procedure van de omgevingsvergunning? 

a)

Geen procedure vereist voor vergunning 

b)

Reguliere procedure van zes weken 

c)

Reguliere procedure van acht weken 

d)

Versnelde procedure van vier weken 

28.

Wat is de rol van de gemeenteraad bij buitenplanse omgevingsactiviteiten volgens de Omgevingswet? 

a)

De gemeenteraad kan ervoor kiezen om geen advies uit te brengen voor bepaalde activiteiten 

b)

De gemeenteraad heeft altijd een bindende adviesplicht voor alle activiteiten 

c)

De gemeenteraad is niet betrokken bij buitenplanse omgevingsactiviteiten 

d)

De gemeenteraad moet altijd advies uitbrengen ongeacht de activiteit 

29.

Welke verplichting geldt na 5 jaar na de omgevingsvergunning voor buitenplanseactiviteiten? 

a)

De activiteit moet worden beëindigd 

b)

De gemeenteraad moet een nieuw advies uitbrengen 

c)

De vergunning moet opnieuw worden aangevraagd

d)

De activiteit moet in het omgevingsplan worden verwerkt 

30.

Hoe vaak is de Omgevingswet uitgesteld? 

a)

4

b)

5

c)

6

d)

7