Search Header Logo
Zwemmen - Theorie les 1

Zwemmen - Theorie les 1

Assessment

Presentation

Physical Ed

KG

Hard

Created by

J.L. Dubbeld

Used 6+ times

FREE Resource

15 Slides • 21 Questions

1

Zwemmen

Theorie les 1

media
media

2

​Hoe ziet deze les er uit?

​- Online theorie les

- Interactief

- Voorbereiding op theorietoets

​- Thema's: Schoolslag, Enkelvoudige rugslag

​- Tussendoor steeds vragen - Open, meerkeuze of kennis

​- Punten scoren! Wie weet het meeste over zwemmen?

media

3

​Schoolslag

​Reader: Hoofdstuk 3, bladzijde 11 - 17. Beoordeling: bladzijde 26 - 28

​Inleiding:

​- Zwemles -> Hoofd boven water

​ + Bad overzien

​ + Haren worden niet nat

​- Wedstrijd -> Hoofd ook onder water = wedstrijdslag

​- Geen geweldig uithoudingsvermogen vereist (als je geen haast hebt)

​- Komt bij alle Zwem-ABC diploma's terug.

media

4

Multiple Choice

Het grootste verschil tussen de wedstrijd schoolslag en de zwemles schoolslag is...

1

Er is geen verschil

2

Deze slag kan je niet op vakantie zwemmen

3

Tijdens een wedstrijd mag je niet de zwemles versie zwemmen

4

Je hoofd komt elke slag boven water

5

​Schoolslag

Algemene kenmerken:

​- Op de borst (labiele ligging -> lichaam wil naar de rug. Te merken bij uitdrijven).

​- Schoolslag lijkt makkelijk maar is moeilijk -> komt door perfecte timing van armen en benen. Ook ademen wordt moeilijk ervaren.

​- Reader: Reglementaire bepalingen (doornemen!).

6

Multiple Choice

Welke reglementaire bepaling klopt NIET?

1

De slag wordt in borstligging uitgevoerd

2

De armslag wordt aan of onder water uitgevoerd

3

De arm- en beenslagen worden symmetrisch uitgevoerd

4

De arm- en beenslagen verlopen in het verticale vlak

5

Het hoofd mag onder water en komt bij elke slag boven water

7

Poll

Het moeilijkste van de schoolslag vind ik persoonlijk...

De ademhaling

De beenslag

De armslag

De combinatie van armen- en beenslag

8

​Schoolslag

​Ligging:

​- Wat weet jij al..? Straks de theorie maar nu eerst wat vragen!

9

Multiple Choice

Ligging: Deze is zo ... aan de waterlijn.

1

Horizontaal mogelijk

2

Verticaal mogelijk

3

Gelijk mogelijk

4

Alle gegeven antwoorden zijn onjuist

10

Multiple Choice

Ligging: Het hoofd is...

1

Laag in het water waarbij de blik naar voren is gericht

2

Laag in het water waarbij de blik schuin naar voren is gericht

3

Normaal in het water waarbij de blik naar voren is gericht

4

Laag in het water waarbij de blik naar onder is gericht

11

Multiple Choice

Ligging: De armen liggen zo'n ... centimeter onder de waterlijn.

1

Rond de 0 centimeter

2

Rond de 5 centimeter

3

Rond de 10 centimeter

4

Rond de 15 centimeter

12

Multiple Choice

Ligging: Zo'n perfect mogelijke ligging is...

1

Zo gestrekt mogelijk

2

Gestrekt in het bovenlichaam maar gebogen in het onderlichaam

3

Gebogen in het bovenlichaam maar gestrekt in het onderlichaam

4

Maakt niet zo veel uit. Het heeft met de stuwing te maken.

13

​Schoolslag

​Ligging:

​- Zo'n goed mogelijke ligging krijg je door:

​ + Gewrichten benen en armen perfect te strekken (inclusief tenen)

​ + Het lichaam zo horizontaal mogelijk aan de waterlijn plaatsen.

​ + Hoofd, laag in het water. Blik schuin naar voren.

​ + Armen (bij elkaar) ongeveer 15 cm onder de waterlijn.

​ + Vingers wijzen naar voren, handpalmen schuin naar beneden.

14

​Schoolslag

​De beenslag:

​Zorgen voor veel stuwing. Voeten en tenen wijzen hierbij naar buiten. Negatieve weerstand beperken: knieën op schouderbreedte en niet onder de buik bij intrekken. Verschil met ERS bovenbenen wel bewegen.

​- Contrafase:

​ + Negatieve weerstand is altijd groot -> intrekken en buigen van benen.

​ + Intrekken en buigen zorgt voor voeten aan de waterlijn.

​ + Hielen vlak tot bij de billen.

+ Bovenbenen in een hoek van 120 graden -> weerstand niet te groot.​

​ + Knieën tot schouderbreedte uit elkaar -> weerstand niet te groot.

​ + Knieën wijzen ook naar beneden (niet naar buiten).

​ + Dit langzaam uitvoeren hiermee voorkom je remmende weerstand.

​ + Einde van de contrafase: tenen open draaien en voeten naar buiten.

15

Multiple Choice

Wanneer ontstaat de negatieve weerstand bij de beenslag?

1

Bij het uitdrijfmoment

2

Bij het intrekken en buigen van de benen

3

Door de instabiele ligging bij de slag

4

Door het bewegen van de benen naar elkaar toe

16

​Schoolslag

​De beenslag:

​- Stuwfase: Na de voltooiing van de contrafase. Beide benen opgetrokken en voeten wijzen naar buiten.

​ + Cirkelende beweging naar buiten en achteren.

​ + Knieën wijzen naar beneden en iets buiten schouderbreedte (Wstand).

​ + Snel uitvoeren -> versnelling naar het einde toe.

​ + Benen bij elkaar = volledig strekken en aan de waterlijn.

​ + Laatste stuwkracht uit de voet.

​ + Uitdrijven! -> Om optimaal van de snelheid gebruik te maken.

​Stuwvlakken zijn: Voetzool, binnenzijde voet en binnenzijde onderbeen.

17

Multiple Choice

De stuwfase begint...

1

Na voltooiing van de glijfase

2

Wanneer beide benen gaan buigen

3

Wanneer de benen weer bij elkaar zijn en je gaat uitdrijven

4

Wanneer beide benen zijn opgetrokken en de voeten naar buiten wijzen

18

Multiple Choice

Je stuwt met je...

1

Voetzool

2

Binnenzijde van de voet

3

Binnenzijde van het onderbeen

4

Alle antwoorden zijn juist

19

​Schoolslag

​De armslag:

​In 3 fases in te delen: Uitgangspositie, Stuwfase, Contrabeweging.

​- Uitgangspositie:

​ + 15cm onder waterlijn en volledig gestrekt.

​ + Duimen wijzen schuin omlaag, handpalm naar buiten.

​ + Dit samen wordt de glijfase genoemd.

​ + Een kleine draai van de bovenarmen luidt de overgang in naar de

volgende fase (trekfase).

​ + Polsen iets buigen en duimen naar beneden voor optimale stuwing is

​ catchfase.

20

Multiple Choice

Uit welke 3 fases bestaat de armslag?

1

Uitgangspositie, Stuwfase, Contrabeweging

2

Uitgangspositie, Trekfase, Contrabeweging

3

Stuwfase, Trekfase, Duwfase

4

Trekfase, Duwfase, Contrabeweging

21

Multiple Choice

Hoe wordt deze uitgangspositie ook wel genoemd?

1

De trekfase

2

De duwfase

3

De glijfase

4

De doorhaalfase

22

​Schoolslag

​De armslag:

​- Stuwfase: de trekfase:

​ + Start met buigen van de ellebogen.

​ + Handen bewegen verder naar buiten en beneden met vingers schuin

naar buiten gericht.

​ + Einde trekfase = handen het verst uit elkaar.

​ + Handen maken hoek van 100 graden en ter hoogte van de schouders.

​ + NIET voorbij de schouders!

​ + Door stuwbeweging komen hoofd en romp wat omhoog.

23

Multiple Choice

De stuwfase start wanneer...

1

De handen gebogen worden

2

De vingers naar buiten staan

3

De knieën gebogen worden

4

De ellebogen gebogen worden

24

Multiple Choice

De handen mogen NIET...

1

Een hoek maken van 100 graden

2

Gebogen worden

3

Voorbij de schouders gaan

4

Het hoofd en romp omhoog duwen

25

​Schoolslag

​De armslag:

​- Stuwfase: de duwfase: (moeilijkst uit te voeren?)

​ + Start als de handen het verst uit elkaar zijn. Ellebogen zijn gebogen.

​ + Stuwen door stand van vingers en handpalmen.

​ + Vingers wijzen omlaag. Handpalmen draaien naar elkaar toe.

​ + Ook hierbij voor de schouderlijn blijven!

26

Fill in the Blanks

Type answer...

27

Multiple Choice

De duwfase start wanneer...

1

De handen het verst uit elkaar zijn

2

De vingers gebogen zijn

3

De benen worden ingezet

4

Direct wanneer je het water induikt

28

​Schoolslag

​De armslag:

​- De contrabeweging:

​ + Start wanneer beide handen onder de schouders zijn gekomen.

​ + Overgang verloopt vloeiend!

​ + Vingers moeten voor weinig negatieve weerstand zorgen -> naar voor.

​ + Einde van de fase, handpalmen schuin omlaag en vlak bij elkaar.

29

Multiple Choice

Je wil zo min mogelijk weerstand tijdens de contrabeweging. Waarom is dit?

1

Weerstand zorgt er voor dat je sneller gaat

2

Weerstand zorgt er voor dat je schuin gaat

3

Weerstand zorgt er voor dat je dieper duikt

4

Weerstand zorgt er voor dat je langzamer gaat

30

​Schoolslag

De combinatie:

​ + Stuw en contrabeweging van de armen en benen niet tgerlijkertijd.

​ + Benen pas inzetten als de armstuwing is afgerond.

​ + Twee belangrijke stuwmomenten: Beenstrekking en Trek en Duw fase

​ van de armslag.

​ + Optimaal: negatieve weerstand beperken -> lichaam horizontaal en

​ stroomlijnen.

​ + Daarom tijdens benen armen horizontaal strekken.

​ + Dit daarna aanhouden voor zwemsnelheid handhaven!

31

Multiple Choice

De beenbeweging zet je pas in wanneer...

1

De armstuwing is afgerond

2

De armstuwing halverwege is

3

De armstuwing ingezet wordt

4

Je helemaal gestroomlijnd bent in het water

32

Multiple Choice

Het uitdrijfmoment is belangrijk omdat...

1

Je zo recht mogelijk in het water komt te liggen

2

Je zo je snelheid optimaal handhaaft

3

Je dan weer adem kan halen

4

Je dan voor veel stuwing zorgt

33

​Schoolslag

​De ademhaling:

​ + Bij trekfase worden hoofd en romp omhoog geduwd.

​ + Dan kan je hoofd achteroverkantelen en jij ademhalen.

​ + Door optillen van het hoofd zakt je lichaam daarom snel ademhalen!

​ + Ademen door de mond bij overgang van trek naar duwfase.

​ + Blik blijft naar voren gericht.

​ + Armen in contrafase = hoofd terug naar het water.

​ + Uitademing = tijdens contra en glijfase. Dit doe je onder water.

​ + Elke slag wordt er adem gehaald.

34

Multiple Choice

Hoe vaak moet je adem halen tijdens de schoolslag?

1

Om de slag

2

Om de twee slagen

3

Elke slag

4

Hagelslag

35

Multiple Choice

Uitademen doe je onder water. Maar tijdens welke fases?

1

Tijdens de contra en stuw fase

2

Tijdens de uithaal en overhaal fase

3

Tijdens de trek en duw fase

4

Tijdens de contra en glij fase.

36

​Tips:

​- Alles terug te vinden in de reader! Hoofdstuk 3, bladzijde 11 - 17. Beoordeling: bladzijde 26 - 28.

​- Maak een samenvatting (zoals deze les) voor jezelf over de andere hoofdstukken.

​- Vragen: stel ze tijdens de les.

​- Zodra we weer het water in kunnen/mogen dan gaan we dit doen!

Zwemmen

Theorie les 1

media
media

Show answer

Auto Play

Slide 1 / 36

SLIDE