Search Header Logo
verbogen zelfstandige naamwoorden 2de graad

verbogen zelfstandige naamwoorden 2de graad

Assessment

Presentation

Other

3rd - 4th Grade

Hard

Created by

PH LEFIEF

Used 2+ times

FREE Resource

24 Slides • 47 Questions

1

​FOUTLOOS SCHRIJVEN:

WAAROM ZOU JE DAT WILLEN?

​​

2

media

3

Multiple Choice

​Waarmee zijn de lessen geëindigd in het tweede trimester?

Welke materie hebben we het laatst gezien? ​

1

de infografiek

2

de vervoeging van werkwoorden

3

film

4

leesstrategieën

4

media

​klasgemiddelde:

​Dat moet beter!

media

Oefening baart kunst...

Taken! ​

5

verbogen zelfstandige naamwoorden

By PH LEFIEF

6

Een verbuiging is een VORMVERANDERING van het woord.

We verbuigen een woord door een uitgang (-en, -s, -e)

aan het grondwoord toe te voegen. ​

Een vervoeging is een ​VORMVERANDERING van een WERKWOORD.

Werkwoorden vervoegen we vanwege:

  • ​de wijs (bijvoorbeeld gebiedend)

  • de tijd (heden, verleden, toekomst)

  • of de persoon (enkelvoud, meervoud)

7

Multiple Select

Wanneer 'verbuigen' we zelfstandige naamwoorden?

Er zijn DRIE correcte antwoorden: duid ze alle drie aan.

1

wanneer we er verkleinwoorden van maken

2

wanneer ze van geslacht veranderen

3

wanneer we ze in het meervoud zetten

4

wanneer ze in de bezittelijke vorm komen te staan

8

​Meervoud van zelfstandige naamwoorden

​4 basisREGELS

media

Heel vaak krijgen meervoudsvormen gewoon een s of en als uitgang.

​vrienden

leerlingen​

lessen

families

correcties

bureaus

9

​Meervoud van zelfstandige naamwoorden

media

Wanneer het woord eindigt op een lange klinker die je met één letter schrijft en zonder accent, gebruik je een apostrof voor het meervoud.

​duo's

drama's

hobby's

studio's

​4 basisREGELS

10

​Meervoud van zelfstandige naamwoorden

media

Wanneer het woord eindigt op een ie en de klemtoon valt ook op die ie dan krijgt het meervoud een ën erbij.

allergieën

drieën

fantasieën

​4 basisREGELS

11

​Meervoud van zelfstandige naamwoorden

media

Wanneer het woord eindigt op een ie en de klemtoon valt NIET op die ie dan krijgt het meervoud een ¨n erbij.

koloniën

poriën

​4 basisREGELS

12

media

​Ja, maar zoals steeds zijn er uitzonderingen en combinaties met andere spellingsregels...

13

Multiple Choice

Wat is het meervoud voor slee?

1

slees

2

sleen

3

sleeën

4

slee's

14

​Je hoort mensen vaak slees zeggen, dit is echter niet correct. Het meervoud van slee is sleeën. De extra -ë wordt gebruikt om de klank van het woord te behouden.

15

Multiple Select

Question image

Het meervoud van ambulance

1

ambulance's

2

ambulances

3

ambulancen

16

Multiple Choice

Question image

Het meervoud van begonia

1

begonias

2

begonia's

3

begoniaas

17

Multiple Choice

Question image

Het meervoud van fantasie

1

fantasies

2

fantasie's

3

fantasieën

18

Multiple Choice

Question image

Het meervoud van tiran

1

tiranen

2

tirans

3

tirannen

19

Multiple Choice

Question image

Het meervoud van havik

1

havikken

2

haviken

3

haviks

20

​Wanneer een woord eindigt op -el, -em, -en, -er, -es, -et, -ig, -ik, -il of -it en deze onbeklemtoond is, wordt de medeklinker niet verdubbeld.

Havik is hier een voorbeeld van.

media

LMNRSeT

ig ik il it​

​Soortgelijke woorden zijn luiwammes – luiwammesen, perzik – perziken en, monnik – monniken.

21

Multiple Select

Question image

Het meervoud van individu

1

individu's

2

individuus

3

individuen

22

Multiple Choice

Question image

Het meervoud van kano

1

kanoos

2

kanos

3

kano's

23

Multiple Choice

Question image

Het meervoud van penalty

1

penalties

2

penaltys

3

penalty's

24

Multiple Choice

Question image

Het meervoud van slurf

1

slurfen

2

slurven

3

slurfs

25

​Soms verandert de eindmedeklinker:

s wordt z en f wordt v! ​

​laars - laarzen

duif - duiven

roos - rozen​

​Maar dat is niet altijd zo!

kous - kousen

filosoof - filosofen

fotograaf - fotografen​

26

Multiple Choice

Question image

Het meervoud van olie

1

olieën

2

oliën

3

olies

4

olien

27

Multiple Choice

Question image

Het meervoud van slimmerik

1

slimmerikken

2

slimmeriks

3

slimmeriken

28

​Wanneer een woord eindigt op -el, -em, -en, -er, -es, -et, -ig, -ik, -il of -it en deze onbeklemtoond is, wordt de medeklinker niet verdubbeld.

Havik is hier een voorbeeld van.

media

LMNRSeT

ig ik il it​

​Soortgelijke woorden zijn luiwammes – luiwammesen, perzik – perziken en, monnik – monniken.

29

Multiple Choice

Question image

Het meervoud van genie

1

genieën

2

geniën

3

genies

30

Multiple Choice

Question image

Het meervoud van symfonie

1

symfonies

2

symfonieën

3

symfoniën

31

Multiple Choice

Question image

Het meervoud van café

1

cafees

2

café's

3

cafés

4

cafées

32

Multiple Choice

Question image

Het meervoud van bikini

1

bikini's

2

bikinies

3

bikinis

33

Multiple Select

Question image

Het meervoud van trofee

1

trofees

2

trofeeën

3

trofeën

34

Multiple Select

Wanneer 'verbuigen' we zelfstandige naamwoorden?

Er zijn DRIE correcte antwoorden: duid ze alle drie aan.

1

wanneer we er verkleinwoorden van maken

2

wanneer ze van geslacht veranderen

3

wanneer we ze in het meervoud zetten

4

wanneer ze in de bezittelijke vorm komen te staan

35

​Verkleinwoorden van zelfstandige naamwoorden

​3 basisREGELS

media

​Bij een verkleinwoord gebruiken we meestal:

-je, tje, kje op pje toe aan het woord.​

JETJE en KJEPJE

bloempje

winterkoninkje

flesje

fietsje​

36

​Verkleinwoorden van zelfstandige naamwoorden

​3 basisREGELS

media

​Wanneer het woord eindig met een lange klinker die met één letter wordt geschreven, dan verdubbelt de klinker (of komt er één bij). Een eventueel accent valt dan ook weg.

opaatje

cafeetje

ufootje​

​skietje

37

​Verkleinwoorden van zelfstandige naamwoorden

​3 basisREGELS

media

​Woorden die eindigen met de constructie: medeklinker + y krijgen een apostrof.

hobby'tje

baby'tje

38

Multiple Choice

Question image

verkleinwoord van een cola

1

cola'tje

2

colaa'tje

3

colaatje

4

colatje

39

Multiple Choice

Question image

verkleinwoord van een koe

1

koetje

2

koeitje

3

koe'tje

40

Multiple Choice

Question image

verkleinwoord van een envelop

1

enveloppeje

2

envelopje

3

enveloptje

4

enveloppetje

41

Multiple Choice

Question image

verkleinwoord van een baby

1

babietje

2

babytje

3

baby'tje

42

Multiple Choice

Question image

verkleinwoord van een café

1

café'tje

2

cafétje

3

caféetje

4

cafeetje

43

Multiple Choice

Question image

verkleinwoord van een slee

1

sletje

2

slee'tje

3

sleetje

44

Multiple Choice

Question image

verkleinwoord van een taxi

1

taxietje

2

taxitje

3

taxi'tje

45

Multiple Choice

Question image

verkleinwoord van een jongen

1

jongentje

2

jongetje

46

​De correcte verkleinvorm is jongetje. Gewoonlijk blijft de -en van het grondwoord behouden in de verkleinvorm: keuken - keukentje, haven - haventje, kussen - kussentje enzovoort.

Jongetje is een uitzonderlijk verkleinwoord. (het woord jongen stamt oorspronkelijk af van 'jonge')

47

Multiple Choice

Question image

verkleinwoord van een penalty

1

penaltietje

2

penalty'tje

3

penalttytje

48

Multiple Choice

Question image

verkleinwoord van een ketting

1

kettingje

2

kettingkje

3

kettinkje

49

​Laat bij verkleinwoorden met het achtervoegsel -kje de g van het grondwoord weg. (in een 'ng'-constructie, zoals bijvoorbeeld ook koninkje)

media

50

Multiple Choice

Question image

verkleinwoord van een A4

1

A4tje

2

A4-tje

3

A4'tje

51

​Gebruik een apostrof bij letters (a'tje, b'tje), cijfers (3'tje, 4'tje), combinaties van letters en cijfers (A4'tje, mp3'tje) en letterwoorden met meerdere hoofdletters (FAQ'jes) en INITIAALWOORDEN.

media

52

media

​Een initiaalwoord is een verkorte vorm die uit de beginletters van woorden is samengesteld en letter voor letter wordt uitgesproken.

(dat zijn geen afkortingen, want er staan geen punten tussen. T.S.O. is bijvoorbeeld GEEN initiaalwoord.)

Voorbeelden van initiaalwoorden: pc, wc, btw.

=>personal computer, watercloset, belasting op toegevoegde waarde.​

53

Multiple Choice

Question image

verkleinwoord van een cake

1

cake'je

2

caketje

3

cake'tje

4

cakeje

54

Multiple Choice

Question image

verkleinwoord van een auto

1

autootje

2

auto'tje

3

autoo'tje

4

autotje

55

Multiple Choice

Question image

verkleinwoord van een paraplu

1

paraplutje

2

parapluutje

3

paraplu'tje

56

Multiple Choice

Wanneer 'verbuigen' we zelfstandige naamwoorden?

Welke verbuiging hebben we nog niet bekeken?

1

wanneer we er verkleinwoorden van maken

2

wanneer ze van geslacht veranderen

3

wanneer we ze in het meervoud zetten

4

wanneer ze in de bezittelijke vorm komen te staan

57

​Bezitsvorm van zelfstandige naamwoorden

​3 basisREGELS

media

​Bij een bezitsvorm schrijf je meestal een 's' aan de eigennaam.

Katriens vriendin

Jans fiets

Milans laptop

58

​Verkleinwoorden van zelfstandige naamwoorden

​3 basisREGELS

media

​Wanneer het woord eindigt met een lange klinker die met één letter en zonder accent wordt geschreven, gebruik je een apostrof.

Ronny's cafeetje

Pia's jas

Mia's muts​

59

​Verkleinwoorden van zelfstandige naamwoorden

​3 basisREGELS

media

​Woorden die eindigen met een sisklank krijgen een apostrof.

Kris' boek

Lies' rugzak

Max' gsm​

60

Multiple Choice

Question image

Het idee van André.

Andr.... idee. (bezitsvorm)

1

Andrés

2

Andrees

3

André's

61

Multiple Choice

Question image

Het drankje van Johnny.

Johnn.... drankje. (bezitsvorm)

1

Johnny's

2

Johnnies

3

Johnnys

62

Multiple Choice

Question image

De nieuwe collectie van Gucci.

Gucc.... nieuwe collectie. (bezitsvorm)

1

Guccis

2

Gucci's

3

Guccis'

63

Multiple Choice

Question image

Het nieuwe model van Mercedes.

Merced.... nieuwe model. (bezitsvorm)

1

Mercedesses

2

Mercedes's

3

Mercedes'

64

Multiple Choice

Question image

De nieuwe hit van Rihanna.

Rihan.... nieuwe hit. (bezitsvorm)

1

Rihannas

2

Rihannaas

3

Rihannas'

4

Rihanna's

65

Multiple Choice

Question image

De vlog van Jens.

Jen.... nieuwe vlog. (bezitsvorm)

1

Jens's

2

Jenses

3

Jens'

4

J

66

Multiple Choice

Question image

De reis van Senne.

Senn.... reis. (bezitsvorm)

1

Senne's

2

Sennes

3

Sennens

4

Sennes'

67

Multiple Choice

Question image

De hamburgers van de Quick.

Qui.... hamburgers. (bezitsvorm)

1

Quicks

2

Quick's

3

Quicks'

4

Quickses

68

Multiple Choice

Question image

De paarden van de cowboys.

De cowbo... paarden. (bezitsvorm)

1

cowboyses

2

cowboy's

3

cowboys'

4

cowboys's

69

Multiple Choice

Question image

De handtas van Naïra.

Naïr... handtas. (bezitsvorm)

1

Naïraas

2

Naïras

3

Naïras'

4

Naïra's

70

Multiple Choice

Question image

De nota's van Philippe.

Phili... nota's. (bezitsvorm)

1

Philips

2

Philippe's

3

Philippes

4

Philipps'

71

Multiple Choice

Question image

Het dagboek van Anaïs.

Ana... dagboek. (bezitsvorm)

1

Anaïs

2

Anaïss

3

Anaïsses

4

Anaïs'

​FOUTLOOS SCHRIJVEN:

WAAROM ZOU JE DAT WILLEN?

​​

Show answer

Auto Play

Slide 1 / 71

SLIDE