Search Header Logo
Les 1 leesvaardigheid: hoofdgedachte, onderwerp +signaalwoorden.

Les 1 leesvaardigheid: hoofdgedachte, onderwerp +signaalwoorden.

Assessment

Presentation

World Languages

1st Grade

Medium

Created by

sasa br

Used 5+ times

FREE Resource

1 Slide • 59 Questions

1

Les 1 leesvaardigheid:

By sasa br

2

Multiple Choice

Waar kan je vinden wat je moet leren voor de etoets leesvaardigheid?

1

In TEAMS BESTANDEN> MAPJE: SCHRIJVEN EINDTOETS

2

NERGENS

3

Kijk daar toch nooit naar, dus ik zou het niet weten

3

Multiple Choice

Facebook heeft afgelopen dinsdag een beveiligingsprobleem ontdekt in zijn systeem dat wereldwijd bijna 50 miljoen gebruikers treft. Dat heeft het Amerikaanse bedrijf vrijdag bekendgemaakt.


Volgens Facebook konden hackers gebruikmaken van de “view as”-functie (waarmee gebruikers van het sociale netwerk hun eigen profielpagina kunnen bekijken alsof ze een bezoeker zijn) om die pagina’s over te nemen. “Aangezien we ons onderzoek nog maar net opgestart hebben, moeten we nog uitzoeken of deze accounts misbruikt zijn, dan wel of er privé-informatie gelekt werd”, meldt Facebook. (nieuwsblad.be)


Wat is in deze tekst het onderwerp?

1

Hackers op Facebook

2

50 miljoen Facebookleden

3

Gestolen gegevens

4

Beveiligingslek van Facebook

4

Multiple Choice

Facebook heeft afgelopen dinsdag een beveiligingsprobleem ontdekt in zijn systeem dat wereldwijd bijna 50 miljoen gebruikers treft. Dat heeft het Amerikaanse bedrijf vrijdag bekendgemaakt.


Volgens Facebook konden hackers gebruikmaken van de “view as”-functie (waarmee gebruikers van het sociale netwerk hun eigen profielpagina kunnen bekijken alsof ze een bezoeker zijn) om die pagina’s over te nemen. “Aangezien we ons onderzoek nog maar net opgestart hebben, moeten we nog uitzoeken of deze accounts misbruikt zijn, dan wel of er privé-informatie gelekt werd”, meldt Facebook. (nieuwsblad.be)


Wat is de hoofdgedachte?

1

Facebook gaat een onderzoek starten.

2

De gegevens van 50 miljoen gebruikers van Facebook bleken niet beschermd door een beveiligingslek.

3

Er is privé informatie gelekt van 50 miljoen Facebookgebruikers.

4

Hackers misbruikten de 'view as' functie van 50 miljoen Facebookgebruikers.

5

Multiple Choice

Als de schrijver jou als lezer wil amuseren, wat bedoelt hij dan?

1

Hij wil je waarschuwen.

2

Hij wil je tot handelen aanzetten

3

Hij wil je vermaken.

4

Hij wil je informatie geven

6

Multiple Choice

Question image

Wat is de bron van de tekst?

1

rood met witte strepen

2

www.artsenzondergrenzen.nl

3

Artsen zonder Grenzen

4

Tekst 1

7

Multiple Choice

Facebook heeft afgelopen dinsdag een beveiligingsprobleem ontdekt in zijn systeem dat wereldwijd bijna 50 miljoen gebruikers treft. Dat heeft het Amerikaanse bedrijf vrijdag bekendgemaakt.


Volgens Facebook konden hackers gebruikmaken van de “view as”-functie (waarmee gebruikers van het sociale netwerk hun eigen profielpagina kunnen bekijken alsof ze een bezoeker zijn) om die pagina’s over te nemen. “Aangezien we ons onderzoek nog maar net opgestart hebben, moeten we nog uitzoeken of deze accounts misbruikt zijn, dan wel of er privé-informatie gelekt werd”, meldt Facebook. (nieuwsblad.be)


Wat is de bron van dit bericht?

1

Nieuwsblad.be

2

Facebook

3

de hackers

4

de 'view as' functie

8

Multiple Choice

Bij een overtuigende tekst

1

geef jij als lezer je mening

2

geeft de schrijver zijn mening

3

is de mening niet belangrijk

4

zijn alleen de feiten belangrijk

9

Multiple Choice

Een tekst is vaak opgebouwd uit

1

begin, midden, eind

2

inleiding, middenstuk (kern) en slot

3

stelling, argument, conclusie

4

onderwerp en plaatjes

10

Multiple Choice

Een voorbeeld van een informatieve tekst is

1

een betoog

2

een recensie

3

een schoolboek

4

een stripverhaal

11

Multiple Choice

Een ander woord (noem je een synoniem) voor amuseren =

1

liefdevol

2

gerechten

3

vermaken

12

Multiple Choice

Het tekstdoel is

1

waar de tekst gepubliceerd is

2

een nieuwsbericht of betoog

3

wat de schrijver wil bereiken met de tekst

4

het doel van de lezer

13

Multiple Select

Welke tekstdoelen zijn er (vink ze allemaal aan)

1

activeren

2

informeren

3

verleiden

4

overtuigen

5

amuseren

14

Multiple Choice

Welke tekstsoort is bedoeld om te amuseren?

1

gebruiksaanwijzing, instructie of recept

2

betoog, ingezonden brief of recensie

3

roman, rap of kort verhaal

4

reclamefolder, advertentie of affiche

15

Multiple Choice

Question image
Welk tekstdoel heeft een strip?
1
informeren
2
tot handelen aanzetten
3
waarschuwen
4
amuseren

16

Multiple Choice

Question image
Welk tekstdoel heeft een advertentie?
1
tot handelen aanzetten
2
overtuigen
3
amuseren
4
informeren

17

Multiple Choice

Welk tekstdoel heeft een (nieuws)artikel?
1
informeren
2
adviseren
3
waarschuwen
4
tot handelen aanzetten

18

Multiple Choice

Welk van de onderstaande signaalwoorden geeft een reden aan?

1

zoals

2

kortom

3

dus

4

vanwege

19

Multiple Choice

Veel teksten bestaan uit een:

1

inleiding, kern en slot

2

begin, hoofdzaak en bijzaken

3

begin en eind

4

inleiding, onderwerp en alinea's

20

Multiple Choice

Rood, wit en blauw zijn de kleuren van de Nederlandse vlag.


Is dit een feit of een mening?

1

mening

2

feit

21

Multiple Choice

Waar staat de bron van een tekst?

1

Bovenaan naast de titel

2

Onderaan de tekst

3

Dat staat nooit bij de tekst

22

Multiple Choice

welk plaatje is de activerende tekst?

1
2
3
4

23

Multiple Choice

Waaruit bestaat betrouwbare informatie?

1

Feiten

2

Feiten en meningen

3

Meningen

24

Multiple Choice

Wat is de bron van een tekst

1

Geeft aan waar een tekst vandaan komt

2

De aanleiding van de tekst

3

Het slot van de tekst

4

De conclusie

25

Multiple Choice

Wat is het tekstdoel?
Een recept voor appelcake.
1
informeren
2
instructies geven
3
overtuigen
4
activeren

26

Multiple Choice

Wat is het tekstdoel?
Een artikel op Wikipedia over Antwerpen.
1
informeren
2
activeren
3
instructies geven
4
overtuigen

27

Multiple Choice

Wat is het tekstdoel?
Een poster met verschillende argumenten waarom je beter water drinkt dan frisdrank.
1
informeren
2
overtuigen
3
activeren
4
amuseren

28

Multiple Choice

Wat is het tekstdoel?
Een reclameadvertentie voor de nieuwste film van James Bond.
1
activeren
2
informeren
3
instructies geven
4
amuseren

29

Multiple Choice

Wat is het tekstdoel?
Een cartoon in de krant.
1
amuseren
2
overtuigen
3
activeren
4
ontroeren

30

Multiple Choice

Wat is het tekstdoel?
Een bijsluiter van een medicijn waarin staat hoeveel pilletjes per dag je moet nemen.
1
instructies geven
2
amuseren
3
ontroeren
4
activeren

31

Multiple Choice

Wat is het tekstdoel?
In de nieuwsbrief van de school staan alle activiteiten opgesomd van de komende maand.
1
activeren
2
amuseren
3
informeren
4
instructies geven

32

Multiple Choice

Question image

Wat is het tekstdoel?

1

ontroeren

2

informeren

3

aanzetten tot actie

4

ontspannen

33

Multiple Choice

Question image

Welk tekstdoel is dit?

1

Informeren

2

Overtuigen

3

Waarschuwen

4

Tot handelen aanzetten

5

Instrueren

34

Multiple Choice

Question image

Welk tekstdoel is dit?

1

Overtuigen

2

Adviseren

3

Tot handelen aanzetten

4

Instrueren

5

Amuseren

35

Multiple Choice

Question image

Wat is je doel als je wilt bereiken dat je de lezer vermaakt?

1

amuseren

2

informeren

3

activeren

4

overtuigen

36

Multiple Choice

Question image
Wat is de bron van deze tekst?
1
De Telegraaf
2
De Volkskrant
3
Nu.nl
4
Het Noord-Hollands dagblad

37

Multiple Choice

Waar vind je meestal de hoofdgedachte van een tekst?
1
Inleiding + slot
2
Tweede alinea
3
Kern
4
Titel

38

Multiple Choice

Wat is de hoofdgedachte van een artikel?
1
Het tekstdoel
2
De kortst mogelijke samenvatting van de tekst
3
Het onderwerp
4
Waarom de schrijver de tekst heeft geschreven

39

Multiple Choice

Het onderwerp is een hele zin
1
Juist
2
Onjuist

40

Multiple Choice

De titel is het onderwerp van een tekst
1
Juist
2
Onjuist

41

Multiple Choice

De hoofdgedachte is ...
1
Een zin met bijzaken
2
Een zin met hoofdzaken en bijzaken
3
Een zin waarin de belangrijkste informatie staat
4
Een zin met de gedachten van de schrijver

42

Multiple Choice

De hoofdgedachte vind je door ...
1
Globaal te lezen
2
Oriënterend te lezen
3
Precies te lezen

43

Multiple Choice

Je kunt met één of met een paar woorden zeggen wat het onderwerp is
1
goed
2
fout

44

Multiple Choice

• Bekijk de tekst:  – Kijk naar de titel. – Kijk naar de foto’s en plaatjes bij de tekst.  –  Kijk naar lijstjes, rijtjes of schema’s die er misschien bij staan.  –  Kijk naar tussenkopjes (als die er zijn); een tussenkopje is de ‘titel’ van een tekstgedeelte.  – Let op anders gedrukte letters (vet, cursief, GROOT of gekleurd).  • Lees de eerste alinea; meestal is die vetgedrukt. • Geef antwoord op de vraag: waarover gaat deze tekst?
1
zo vind je de alinea's
2
zo vind je de hoofdgedachte
3
zo vind het onderwerp

45

Multiple Choice

welk plaatje is de activerende tekst?

1
2
3
4

46

Multiple Choice

Welk plaatje is een informerende tekst?

1
2
3
4

47

Multiple Choice

Question image

Voor welk publiek is deze tekst?

1

Kleine kinderen

2

Jongeren (12-18 jaar)

3

Volwassenen (19-60 jaar)

4

Bejaarden

48

Multiple Choice

Om het onderwerp te vinden, hoef je een tekst niet helemaal te lezen.
1
goed
2
fout

49

Multiple Choice

Hierin wordt duidelijk wat het onderwerp van de tekst is.
1
in het middenstuk
2
in het slot
3
in de inleiding

50

Multiple Choice

Een onbekend woord in een tekst kun je soms begrijpen doordat er een omschrijving van het woord bij staat.
1
waar
2
niet waar

51

Multiple Choice

Ook een dubbele punt (:) kan aangeven dat er voorbeelden volgen
1
fout
2
goed

52

Multiple Choice

De hoofdgedachte staat meestal in de
1
middenstuk-slot
2
inleiding of in het slot.
3
inleiding- middenstuk

53

Multiple Choice

Wat moet je als eerst doen als je een tekst leest?
1
Naar plaatjes, bron, titel, inleiding en slot kijken. 
2
De tekst lezen.
3
Naar plaatjes, bron en titel kijken.
4
Naar de vragen kijken. 

54

Multiple Choice

Question image
Welk schrijfdoel heeft de tekst op het plaatje? 
1
amuseren 
2
overtuigen 
3
opiniëren 
4
activeren 

55

Multiple Choice

Question image
Welk schrijfdoel heeft de tekst op het plaatje? 
1
overtuigen 
2
informeren 
3
opiniëren 
4
activeren 

56

Multiple Choice

Een inleiding heeft twee functies. Welke horen daar niet bij? 
1
aandacht trekken 
2
onderwerp introduceren 
3
samenvatting geven 

57

Multiple Choice

Bij welk verband horen deze signaalwoorden:   'maar, echter, desalniettemin, nochtans'? 
1
toegevend
2
voorwaardelijk
3
tegenstellend
4
toelichtend

58

Multiple Choice

Alle teksten hebben een slot:

1

Ja natuurlijk!

2

Nee, een nieuwsbericht bijv. vaak niet.

59

Multiple Choice

De hoofdgedachte van een tekst is

1

een woord.

2

een groepje woorden.

3

een hele zin die samenvat waar de tekst over gaat.

4

de belangrijkste alinea van de tekst.

60

Multiple Choice

Wat is correct? De hoofdgedachte ...

1

staat altijd letterlijk in de tekst.

2

moet je soms zelf formuleren.

3

is altijd de eerste of laatste zin.

Les 1 leesvaardigheid:

By sasa br

Show answer

Auto Play

Slide 1 / 60

SLIDE