
Leestekens
Presentation
•
World Languages
•
2nd Grade
•
Practice Problem
•
Medium
Caroline Baere
Used 5+ times
FREE Resource
6 Slides • 27 Questions
1
Leestekens!?:.,"...-
2
Het gedachtestreepje - -
voor gedachtes of opmerkingen
Die jongen - amper 15 jaar - liep weg van huis.
De klas - meestal goedgezind op maandagochtend - werkte niet mee.
3
Wat staat hier eigenlijk?
Obama zei Poetin beslist over de kruisrakketten.
Tekst 2
Schiet op Griekenland!
Tekst 1
4
Open Ended
Wanneer moet je een komma plaatsen?
5
Poll
Ik weet goed waar ik een komma moet plaatsen.
helemaal akkoord
niet akkoord
6
Multiple Choice
Waarom staat in deze zin een komma?
Ik ga naar school, want ik ben niet ziek.
tussen 2 pv's
na een voegwoord
voor een voegwoord
voor de leesbaarheid
7
Multiple Choice
Waarom staat in deze zin een komma?
Toen ik gisteren thuiskwam, liep er een muis op de tafel.
tussen 2 pv's
bij een opsomming
voor een voegwoord
voor de leesbaarheid
8
Multiple Select
Waarom staat in deze zin een komma? Duid meerdere mogelijkheden aan.
Ik moet morgen zwemmen, dus moet ik een handdoek, mijn kam en een zwembroek meenemen.
tussen 2 pv's
bij een opsomming
voor een voegwoord
voor de leesbaarheid
9
Multiple Select
Waarom staat in deze zin een komma? Duid meerdere mogelijkheden aan.
Junior, je moet slapen, je moet morgen vroeg op.
na een aanspreking
bij een opsomming
voor een voegwoord
tussen twee zinnen
10
Multiple Select
Waarom staat in deze zin een komma?
Ja hoor, ik kom eraan!
na een aanspreking
na een tussenwerpsel
voor een voegwoord
tussen twee zinnen
11
Multiple Select
Waarom staat in deze zin een komma?
De geplande uitstap, die niet in de agenda stond, ging wel door.
na een aanspreking
na een tussenwerpsel
bij een betrekkelijke bijzin
tussen twee zinnen
12
Multiple Select
Waarom staat in deze zin een komma?
De jongen, Hugo genaamd, liep verloren zonder zijn zus.
na een aanspreking
na een tussenwerpsel
bij een bijstelling
bij een betrekkelijke bijzin
13
Open Ended
Wanneer gebruik je een dubbele punt?
14
Multiple Choice
Ik kan mijn arm niet meer bewegen: hij is daarnet uit de kom gegaan.
verklaring
opsomming
eindaanhaling
15
Multiple Choice
Voor dit recept heb ik nodig: een kan water, wat bouillon en groenten.
verklaring
opsomming
eindaanhaling
16
Open Ended
Wanneer gebruik je een beletselteken (...)?
17
Multiple Choice
Waarom wordt het beletselteken hier gebruikt?
Ik kan niet meer goed ademen ...
opsomming is niet af
twijfeling of aarzeling
spanning
woorden afbreken
18
Multiple Choice
Waarom wordt het beletselteken hier gebruikt?
Opeens staat er een man op de hoek. Snel weg hier, vo...
opsomming is niet af
twijfeling of aarzeling
spanning
woorden afbreken
19
Multiple Choice
Waarom wordt het beletselteken hier gebruikt?
Ik was niet op tijd op school omdat ... ik me verslapen heb.
opsomming is niet af
twijfeling of aarzeling
spanning
woorden afbreken
20
Open Ended
Waarvoor gebruiken we aanhalingstekens?
21
Multiple Choice
Waarom gebruiken we hier aanhalingstekens?
'Dor' is een heel tof jeugdboek.
letterlijke woorden
betekenis weergeven of moeilijk woord
titel
ironie
22
Multiple Choice
Waarom gebruiken we hier aanhalingstekens?
Bekende mensen laten zich graag 'roasten': in het openbaar beledigen door andere bekenden.
letterlijke woorden
betekenis weergeven of moeilijk woord
titel
ironie
23
Multiple Choice
Waarom gebruiken we hier aanhalingstekens?
Dat examen was echt 'moeilijk', hé.
letterlijke woorden
betekenis weergeven of moeilijk woord
titel
ironie
24
Aanhalingstekens
Beginaanhaling
"Ik moet weg", zei ze.
"Ik moet weg!" zei ze.
"Moet ik weg?" zei ze.
25
Aanhalingstekens
Eindaanhaling
Ze zei: "Ik moet weg."
Ze zei: "Ik moet weg!"
Ze vroeg: "Moet ik weg?"
26
Aanhalingstekens
Onderbroken aanhaling
"Michiel," zei Pol, "ga je mee zwemmen?"
"Morgen", zei Gust, "ga ik basketten."
"Nee!" riep Elias. "Mijn knie is uit de kom!" (geen onderbroken aanhaling)
27
Multiple Choice
Is dit correct?
"Ik ga morgen," zei Febe, "met je mee naar de zee."
Juist
fout
28
Multiple Choice
Is dit correct?
"Joepi", zei Nora, "dat is leuk!"
Juist
fout
29
Multiple Choice
Is dit correct?
"Mag ik ook mee?" Vroeg Robbe.
Juist
fout
30
Multiple Choice
Is dit correct?
"Jammer," zei Emiliya, "maar je past niet meer in de auto".
Juist
fout
31
Multiple Choice
Is dit correct?
Yuna zei: "Josefien, je schrijft mooie gedichten".
Juist
fout
32
Multiple Choice
Is dit correct?
"Waar is je videoblog, Odiel?", vroeg Metehan.
Juist
fout
33
Multiple Choice
Is dit correct?
"Jarno, zei Cyriel, "je bent een fijne bankgenoot."
Juist
fout
Leestekens!?:.,"...-
Show answer
Auto Play
Slide 1 / 33
SLIDE
Similar Resources on Wayground
33 questions
L'imparfait
Presentation
•
1st Grade
24 questions
LMN 8.1 tm 8.3 herhalen.
Presentation
•
2nd Grade
29 questions
Hoofdstuk 2: Kelten: meer dan alleen maar krijgers
Presentation
•
2nd Grade
23 questions
PRAMUKA
Presentation
•
3rd Grade
22 questions
Frequently made mistakes in English writing
Presentation
•
1st Grade
32 questions
2Hb 9.2 deel 2
Presentation
•
1st Grade
32 questions
Miniles
Presentation
•
1st Grade
28 questions
La 31-05
Presentation
•
KG
Popular Resources on Wayground
20 questions
"What is the question asking??" Grades 3-5
Quiz
•
1st - 5th Grade
20 questions
“What is the question asking??” Grades 6-8
Quiz
•
6th - 8th Grade
10 questions
Fire Safety Quiz
Quiz
•
12th Grade
20 questions
Equivalent Fractions
Quiz
•
3rd Grade
34 questions
STAAR Review 6th - 8th grade Reading Part 1
Quiz
•
6th - 8th Grade
20 questions
“What is the question asking??” English I-II
Quiz
•
9th - 12th Grade
20 questions
Main Idea and Details
Quiz
•
5th Grade
47 questions
8th Grade Reading STAAR Ultimate Review!
Quiz
•
8th Grade
Discover more resources for World Languages
20 questions
"What is the question asking??" Grades 3-5
Quiz
•
1st - 5th Grade
10 questions
Odd and even numbers
Quiz
•
1st - 2nd Grade
17 questions
2nd Grade Graphs (Bar & Picture)
Quiz
•
2nd Grade
15 questions
Telling Time
Quiz
•
2nd Grade
14 questions
Main Idea
Quiz
•
2nd - 3rd Grade
16 questions
Counting Coins counting money
Quiz
•
1st - 2nd Grade
15 questions
2.9G Telling Time to the Minute: set 3
Quiz
•
2nd - 3rd Grade
19 questions
Fire Safety
Quiz
•
KG - 2nd Grade