Search Header Logo
Rekenen met eentermen deel 1

Rekenen met eentermen deel 1

Assessment

Presentation

Mathematics

1st Grade

Practice Problem

Easy

Created by

Dilia Van Avermaet

Used 1+ times

FREE Resource

5 Slides • 4 Questions

1

Rekenen met eentermen (deel 1)

2

Optellen en aftrekken van eentermen

Jannes gaat babysitten en maakt samen met Rhune een treinspoor.
Jannes heeft 9 blokken (b) aan elkaar gepuzzeld en Rhune 3 blokken (b).  Ze leggen de sporen aan elkaar om een lange baan te maken.

media
  • Noteer met een eenterm de lengte van Jannes’ spoor

  • Noteer met een eenterm de lengte van Rhunes spoor

  • Noteer met een som de totale lengte van het spoor

  • Schrijf de totale lengte met een eenterm

3

Math Response

Jannes gaat babysitten en maakt samen met Rhune een treinspoor.
Jannes heeft 9 blokken (b) aan elkaar gepuzzeld en Rhune 3 blokken (b). 
Ze leggen de sporen aan elkaar om een lange baan te maken.

Noteer met een eenterm de lengte van Jannes’ spoor:

Type answer here
Deg°
Rad

4

Math Response

Jannes gaat babysitten en maakt samen met Rhune een treinspoor.
Jannes heeft 9 blokken (b) aan elkaar gepuzzeld en Rhune 3 blokken (b). 
Ze leggen de sporen aan elkaar om een lange baan te maken.

Noteer met een eenterm de lengte van Rhunes spoor:

Type answer here
Deg°
Rad

5

Math Response

Jannes gaat babysitten en maakt samen met Rhune een treinspoor.
Jannes heeft 9 blokken (b) aan elkaar gepuzzeld en Rhune 3 blokken (b). 
Ze leggen de sporen aan elkaar om een lange baan te maken.

Noteer met een som de totale lengte van het spoor:

Type answer here
Deg°
Rad

6

Math Response

Jannes gaat babysitten en maakt samen met Rhune een treinspoor.
Jannes heeft 9 blokken (b) aan elkaar gepuzzeld en Rhune 3 blokken (b). 
Ze leggen de sporen aan elkaar om een lange baan te maken.

Schrijf de totale lengte met een eenterm

Type answer here
Deg°
Rad

7

Optellen en aftrekken van eentermen

media

9b+3b = 12b

8

Optellen en aftrekken van eentermen

p153

media

9b+3b = (9+3)b

Om gelijksoortige eentermen op te tellen (af te trekken)

  • tel je de coëfficiënten op (trek je de coëfficiënten af)

  • behoud je het lettergedeelte

9

Optellen en aftrekken van eentermen

Oefeningen p 154 n°23 en 24

media

Om gelijksoortige eentermen op te tellen (af te trekken)

  • tel je de coëfficiënten op (trek je de coëfficiënten af)

  • behoud je het lettergedeelte

Rekenen met eentermen (deel 1)

Show answer

Auto Play

Slide 1 / 9

SLIDE