Search Header Logo

Ricardo

Authored by M Nicolai

Other

11th - 12th Grade

Used 10+ times

Ricardo
AI

AI Actions

Add similar questions

Adjust reading levels

Convert to real-world scenario

Translate activity

More...

    Content View

    Student View

5 questions

Show all answers

1.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

1 min • 1 pt

Twee beweringen.

I. De comparatieve kostentheorie is gebaseerd op absolute en relatieve kostenverschillen tussen landen.

II. Er is een relatief kostenvoordeel voor product A in land X als de opofferingskosten voor product A lager zijn dan in andere landen.

Welke bewering(en) is/zijn goed?

Beide beweringen zijn juist.

Bewering I is juist, bewering II is onjuist.

Bewering II is juist, bewering I is onjuist.

Beide beweringen zijn onjuist.

2.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

2 mins • 1 pt

Media Image

Stel dat er twee landen zijn: Frankrijk en Amerika, die beide kaas en vliegtuigen bouwen. De tabel in de bron geeft de arbeidsuren die voor de productie van tien vliegtuigen nodig zijn en de arbeidsuren die voor de productie van een miljoen ton kaas nodig zijn. Twee beweringen hierover.

I. Geen van beide landen heeft in beide producten een absoluut kostenvoordeel.

II. Amerika heeft een relatief kostenvoordeel in vliegtuigen.

Welke bewering(en) is/zijn goed?

Beide beweringen zijn juist.

Bewering I is juist, bewering II is onjuist.

Bewering II is juist, bewering I is onjuist.

Beide beweringen zijn onjuist.

3.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

2 mins • 1 pt

Media Image

Stel dat er twee landen zijn: Frankrijk en Amerika, die beide kaas en vliegtuigen bouwen. De tabel in de bron geeft de arbeidsuren die voor de productie van tien vliegtuigen nodig zijn en de arbeidsuren die voor de productie van een miljoen ton kaas nodig zijn. Twee beweringen hierover.

I. Frankrijk heeft een absoluut kostenvoordeel in de productie van beide goederen.

II. Frankrijk heeft een relatief kostenvoordeel in kaas.

Welke bewering(en) is/zijn goed?

Beide beweringen zijn juist.

Bewering I is juist, bewering II is onjuist.

Bewering II is juist, bewering I is onjuist.

Beide beweringen zijn onjuist.

4.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

1 min • 1 pt

Media Image

Hoeveel bedragen de binnenlandse opofferingskosten van de productie van een miljoen ton kaas in Frankrijk.

40 vliegtuigen

2,5 vliegtuigen

0,25 vliegtuigen

4 vliegtuigen

5.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

1 min • 1 pt

Media Image

Hoeveel bedragen de binnenlandse opofferingskosten van een vliegtuig in Frankrijk?

4 miljoen ton

0,4 miljoen ton

2,5 miljoen ton

0,25 miljoen ton

Access all questions and much more by creating a free account

Create resources

Host any resource

Get auto-graded reports

Google

Continue with Google

Email

Continue with Email

Classlink

Continue with Classlink

Clever

Continue with Clever

or continue with

Microsoft

Microsoft

Apple

Apple

Others

Others

Already have an account?