
Frappant 1: LV en MV
Authored by Lara De Schutter
World Languages
1st Grade
Used 5+ times

AI Actions
Add similar questions
Adjust reading levels
Convert to real-world scenario
Translate activity
More...
Content View
Student View
17 questions
Show all answers
1.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Benoem het onderstreepte zinsdeel.
Tina eet een snoepje.
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
onderwerp
persoonsvorm
2.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Wat is het lijdend voorwerp in deze zin?
Zij liet het estafettestokje bijna vallen.
Zij
estafettestokje
het estafettestokje
vallen
3.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Wat is het lijdend voorwerp in deze zin?
Voor dit schilderij moet je veel geld betalen.
moet
voor dit schilderij
je
veel geld
4.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Wat is het lijdend voorwerp in deze zin?
Zij scoorde een prachtig doelpunt
scoorde
Zij
doelpunt
een prachtig doelpunt
5.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Wat is het lijdend voorwerp in deze zin?
Hij neemt altijd zijn boeken mee.
neemt
Hij
zijn boeken mee
zijn boeken
6.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Wat is het lijdend voorwerp in deze zin?
Wie heeft dit gezien?
dit
Wie
gezien
heeft
7.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Wat is het meewerkend voorwerp in deze zin?
Vertelde de leider zijn kinderen vannacht een spookverhaal?
de leider
zijn kinderen
een spookverhaal
Er is geen meewerkend voorwerp.
Access all questions and much more by creating a free account
Create resources
Host any resource
Get auto-graded reports

Continue with Google

Continue with Email

Continue with Classlink

Continue with Clever
or continue with

Microsoft
%20(1).png)
Apple
Others
Already have an account?