
Herhaling hoofdstuk 2 en 3 - Economie Integraal
Authored by Pieter Ettema
Social Studies
4th Grade
Used 1+ times

AI Actions
Add similar questions
Adjust reading levels
Convert to real-world scenario
Translate activity
More...
Content View
Student View
8 questions
Show all answers
1.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Als de prijs van een product stijgt met 5% en de vraag naar het product daalt daardoor met 10% dan is de prijselasticiteit van de vraag:
2
0,5
-2
-0,5
2.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Als de prijselasticiteit van de vraag -0,8 is, dan betekent dat dat een vraagdaling van 16% komt door
een prijsstijging van 20%
een prijsdaling van 20%
een prijsstijging van 12,8%
een prijsdaling van 12,8%
3.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Voor een onderneming geldt dat de constante kosten 1.500 euro per maand zijn. De variabele kosten zijn 80 cent per product. Bij een verkoopprijs van 1 euro is de break-even afzet
1.500
1.875
7.500
-7.500
4.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Een onderneming heeft bij 2.000 producten €5.000 aan totale kosten. Bij 3.000 producten zijn de kosten €5.500.
De variabele kosten per product zijn:
€2,50
€1,83
€0,50
€2,10
5.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Een onderneming heeft bij 2.000 producten €5.000 aan totale kosten. Bij 3.000 producten zijn de kosten €5.500.
De constante kosten per product zijn:
€0
€3.000
€4.000
€500
6.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Juist of onjuist?
Constante kosten veranderen niet als gevolg van productieverandering.
juist
onjuist
7.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Juist of onjuist?
Constante kosten kunnen nooit veranderen.
juist
onjuist
Access all questions and much more by creating a free account
Create resources
Host any resource
Get auto-graded reports

Continue with Google

Continue with Email

Continue with Microsoft
or continue with
%20(1).png)
Apple
Others
Already have an account?