Finale - Hoofdstuk 3

Finale - Hoofdstuk 3

10th Grade - University

6 Qs

quiz-placeholder

Similar activities

Nederlands naar perfectie H4-1

Nederlands naar perfectie H4-1

9th - 12th Grade

10 Qs

Woordenschat Hoofdstuk 1 Nieuw Nederlands VMBO KGT/1

Woordenschat Hoofdstuk 1 Nieuw Nederlands VMBO KGT/1

9th - 10th Grade

10 Qs

Nederlands op niveau Test H4

Nederlands op niveau Test H4

12th Grade

8 Qs

Woordsoorten

Woordsoorten

1st - 10th Grade

10 Qs

OTIS_Gianni wille

OTIS_Gianni wille

10th Grade

6 Qs

Wie geht es weiter? Tschick, S.41 (SP2K1)

Wie geht es weiter? Tschick, S.41 (SP2K1)

11th - 12th Grade

6 Qs

Er/daar/hier plus prepositie WO-1

Er/daar/hier plus prepositie WO-1

11th Grade - University

10 Qs

Nederlands op niveau H1

Nederlands op niveau H1

9th - 12th Grade

10 Qs

Finale - Hoofdstuk 3

Finale - Hoofdstuk 3

Assessment

Quiz

World Languages

10th Grade - University

Medium

Created by

Rita Niland

Used 1+ times

FREE Resource

6 questions

Show all answers

1.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

Het huiswerk … we moesten maken, is moeilijk.

die

wat

dat

waarvan

Answer explanation

Dat verwijst naar een substantief / zelfstandig naamwoord met het artikel ‘het’.

2.

FILL IN THE BLANK QUESTION

1 min • 1 pt

Het schrift …. op tafel ligt, is van de docent.

Answer explanation

Dat verwijst naar een ‘het’-woord.

3.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

De stoel, …… hij …. zit, is te klein

dat .. op

waar .. op

daar … op

wat .. op

Answer explanation

Een relatieve bijzin begint met een relatief pronomen. Waar + prepositie in dit geval.

4.

FILL IN THE BLANK QUESTION

1 min • 1 pt

De man, ……… ze een praatje maakte, was haar broer.

Answer explanation

Een relatieve bijzin begint met een relatief pronomen. Prepositie + wie in dit geval.

5.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

De radio …. we hebben gekocht, kostte 200 euro.

dat

die

welke

wat

Answer explanation

Die verwijst naar een substantief met het artikel de.

6.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

Welke zin is goed?

De straat waar we nu een jaar wonen, is erg gezellig.

De straat waar we nu een jaar in wonen, is erg gezellig.

De straat in waar we nu een jaar wonen, is erg gezellig.

De straat waarin we nu een jaar wonen, is erg gezellig.

Answer explanation

Waar + prepositie verwijst naar een object / ding. De prepositie vormt een combinatie met een verbum. (Werkwoord)

Waar + prepositie kan als één woord achter het antecedent staan. De losse combinatie is frequenter. (Komt vaker voor).