Search Header Logo

H15: de late volwassenheid 4HW4a

Authored by Hanne Engeland

Social Studies

10th Grade

Used 1+ times

H15: de late volwassenheid 4HW4a
AI

AI Actions

Add similar questions

Adjust reading levels

Convert to real-world scenario

Translate activity

More...

    Content View

    Student View

13 questions

Show all answers

1.

WORD CLOUD QUESTION

3 mins • Ungraded

Wat zijn voorbeelden van vooroordelen bij ouderen?

2.

MULTIPLE SELECT QUESTION

45 sec • 1 pt

Dit noemen we?

Ageism

Ouderbedeel

Leeftijdsdiscriminatie

Realisme

3.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

Gerontologie =

een combinatie van stereotypen, vooroordelen, en discriminatie ten aanzien van mensen op basis van hun leeftijd.

de medische specialisatie die zich richt op de behandeling en preventie van ziekten bij ouderen.

de wetenschap die zich bezighoudt met het bestuderen van het ouder worden.

de studie van het sociale leven en menselijk gedrag van de oudere. Het verwijst naar de samenleving, sociale relaties, interactie, cultuur en gedrag van de oudere.

4.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

Geriatrie =

een combinatie van stereotypen, vooroordelen, en discriminatie ten aanzien van mensen op basis van hun leeftijd.

de medische specialisatie die zich richt op de behandeling en preventie van ziekten bij ouderen.

de wetenschap die zich bezighoudt met het bestuderen van het ouder worden.

de studie van het sociale leven en menselijk gedrag van de oudere. Het verwijst naar de samenleving, sociale relaties, interactie, cultuur en gedrag van de oudere.

5.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

Duid aan wat waar is:

Fysieke ontwikkeling

Door artrose worden ouderen leniger.

De reactiesnelheid wordt trager.

De evenwichtszin verhoogt.

De spieren worden krachtiger, waardoor bewegen pijnlijk wordt.

6.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

Duid aan wat waar is:

Cognitieve ontwikkeling

Ouderen hebben moeilijkheden met het oplossen van dagdagelijkse problemen.

Ouderen onthouden feiten goed.

Dementie komt bij alle ouderen voor.

Ouderen vinden het moeilijk om verbanden te leggen.

Ouderen leren snel nieuwe informatie bij.

7.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

Duid aan wat waar is:

Socio-emotionele ontwikkeling

Ouderen zijn negatiever.

Ouderen hebben stabiele emoties.

Ouderen hebben moeite met emotieregulatie.

Ouderen vinden het moeilijk relaties te onderhouden.

Access all questions and much more by creating a free account

Create resources

Host any resource

Get auto-graded reports

Google

Continue with Google

Email

Continue with Email

Classlink

Continue with Classlink

Clever

Continue with Clever

or continue with

Microsoft

Microsoft

Apple

Apple

Others

Others

Already have an account?