WorksheetsJR 3 - H1 - Mode en Levensbeschouwing
Total questions: 8
Worksheet time: 4mins
Name
Class
Date
1.
Wat wordt bedoelt met 'identiteit'?
a)
wie je bent
b)
wie je wilt zijn
c)
wie je bent en wil je wilt zijn
2.
Wat wordt bedoeld met 'mode'?
a)
alleen kleding die hip is
b)
een tijdelijke smaak op bepaald gebied
c)
alles aan je uiterlijk
3.
Welk uitspraak is niet waar?
a)
mode is persoonlijk
b)
mode is iets van de samenleving
c)
mode is persoonlijk, maar ook iets van de samenleving
4.
Welke uitspraak is niet waar?
a)
Iedereen koopt kleding om bij een bepaalde groep te horen.
b)
Mode kun je gebruiken om bij een bepaalde groep te horen.
c)
Als je kleding koopt, kies je vaak onbewust.
5.
Wat wordt bedoeld met 'levensbeschouwing'?
a)
De manier waarop je naar het leven kijkt.
b)
Een evaluatie van het leven.
c)
De godsdienst waar jij bij hoort.
6.
Op welk gebied verandert de mode heel snel?
a)
Huis- en tuininrichting.
b)
Kleding, haar en make-up.
c)
Muziek, film en computergames.
7.
Smaak is altijd persoonlijk.
a)
Ja, dat klopt.
b)
Nee, het is iets van de samenleving.
c)
Nee, smaak is persoonlijk en van de samenleving.
8.
Wat betekent 'dat is in de mode'?
a)
Het is populair.
b)
Iemand heeft kleren aan.
c)
Het is extra duur.
100 %
