wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Voeding

Total questions: 22

Worksheet time: 6mins

Name
Class
Date
1.
Voorbeelden van voedingsmiddelen zijn:
a)
brood, eiwitten, ei, vlees, kaas
b)
vitamines, brood, melk, friet
c)
-
2.
Uit hoeveel vakken bestaat de schijf van vijf?
a)
4 vakken
b)
5 vakken
c)
2 vakken
3.
Een voorbeeld van een eetgewoonte is:
a)
De afwasmachine inruimen.
b)
Met stokjes eten
4.
Een voorbeeld van een eetgewoonte is:
a)
De afwasmachine inruimen.
b)
Met stokjes eten
c)
Een maaltijd koken.
5.
Wat is anorexia nervosa.
a)
een eetziekte waarbij je heel mager wilt zijn.
b)
een eetziekte waarbij je niet kan stoppen met eten.
c)
een eetziekte waarbij je alleen maar rauwe producten eet.
6.
Wat zijn veganisten?
a)
Mensen die alleen maar rauwe voedingsmiddelen  eten.
b)
Mensen die geen dingen eten of gebruiken van dierlijke oorsprong.
c)
Mensen die geen vlees eten.
7.
Op een etiket staat E120.Wat betekent een E-nummer?
a)
Een productiecode.
b)
Een door de Europese unie goedgekeurde hulpstof.
c)
Het aantal grammen.
8.
Er zijn zes voedingsstoffen. In welke voedingsmiddelen vind je veel eiwitten?
a)
melk, ei en vlees
b)
melk, ei en brood
c)
melk, kaas en citroen
d)
melk, ei en spinazie.
9.
Welke van de onderstaande voedingsstoffen levert veel energie.
a)
vitamines
b)
mineralen
c)
vet
10.
Wat is een ruststofwisseling?
a)
Dat je genoeg geslapen hebt.
b)
De energie die je gebruikt tijdens het slapen.
c)
De energie die je hebt, als je geslapen hebt.
11.
Vetten kun je indelen in verzadigde vetten en onverzadigde vetten. Verzadigde vetten zijn slecht voor je. Dit is:
a)
juist
b)
onjuist
12.
Sanne wil afvallen en eet alleen nog maar sinaasappels. Is dit een goede manier om af te vallen?
a)
ja, want ze krijgt veel vitamines binnen.
b)
Nee, want je hebt ook andere voedingsstoffen nodig.
13.
Op een etiket staat een houdbaarheidsdatum. Wat zou er op vlees staan?
a)
ten minste houdbaar tot 12-02-2017
b)
te gebruiken tot12-02-2017
14.
Water is een voedingsstof.
a)
goed
b)
fout
15.
Voorbeelden van voedingsmiddelen waar veel koolhydraten inzitten zijn:
a)
vlees en vis
b)
brood en macaroni
c)
melk en yoghurt
16.
Overgewicht wil zeggen dat...
a)
je te zwaar bent ten opzichte van je lengte.
b)
je een leider bent in een groepje.
17.
Diabetes mellitus is een ander woord voor:
a)
overgewicht
b)
suikerziekte
18.
Je kunt verslaafd raken aan suiker.
a)
nee
b)
ja
19.
Gevarieerd eten betekent:
a)
Dat je veel dezelfde producten eet.
b)
Dat je veel verschillende producten eet.
c)
Dat je veel zuivel eet.
20.
Op een etiket van vruchtenhagel lees je het volgende: ingrediënten: suiker, tarwezetmeel, appelsap, dextrose, natuurlijke aroma.Welk antwoord is juist?
a)
natuurlijke aroma zit het meest in de hagel en suiker het minst.
b)
de hagel is gemaakt van granen.
c)
het ingrediënt dat er het meeste inzit is suiker en aroma het minst.
21.

Een voedselvergifting wordt veroorzaakt door:

a)

voedingsstoffen

b)

toxinen

c)

E-nummers

d)

ingrediënten

22.

Vitamines en mineralen dienen voornamelijk als

a)

beschermende stoffen

b)

bouwstoffen

c)

brandstoffen

d)

voedingsmiddelen