Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

De Circulatie

Total questions: 14

Worksheet time: 7mins

Name
Class
Date
1.
Hoe heet het process waarbij rode bloedcellen worden gevormd?
a)
Erytropoetine
b)
Erytoconstructie
c)
Erytropoëse
2.
Wanneer de gladde spieren in de arteriolen ontspannen spreken we van:
a)
Vasodilatatie
b)
Vasoconstrictie
c)
Vasomotie
3.
Wat is de juiste weg die zuurstofarm bloed aflegt wanneer het terug komt van de organen?
a)
Rechter ventrikel/rechter atrium/v. pulmonalis/capillairen
b)
Linker ventrikel/linker atrium/v. pulmonalis/capillairen
c)
Rechter atrium/rechter ventrikel/a. pulmonalis/capillairen
4.
Uit welke onderdelen bestaat het bloedplasma?
a)
Plasma-eiwitten / bloedplaatjes / antistoffen
b)
Rode bloedcellen / Witte bloedcellen / Erytrocyten
c)
Plasma-eiwitten / opgeloste stoffen / water
5.
Hoe heet de grote elastische arterie die bloed vanuit de linker ventrikel het lichaam in voert?
a)
a. Pulmonalis
b)
v. Cava Superior
c)
Aorta
6.
De cel is een biconcaaf schijfje die al snel zijn organellen verliest. Welke cel wordt hier bedoelt?
a)
Rode bloedcel
b)
Witte bloedcel
c)
Bloedplaatje
7.
Wat is de functie van de capillairen in de grote bloedsomloop?
a)
Het terugpompen van veneus bloed richting het hart
b)
Uitwisseling tussen bloed en interstitiële vloeistof
c)
Bloedstolling
8.
Hoe wordt de terugstroom van veneus bloed richting het hart geregeld?
a)
Door middel van een hoge bloeddruk stroomt het bloed terug
b)
Door middel van kleppen in de middelgrote venen
c)
Door middel van vasoconstrictie in de middelgrote venen
9.
Waarom is het van belang om bij cruciale organen over arteriële anastomosen te beschikken?
a)
Deze zorgen ervoor dat het bloed extra veel zuurstof afgeeft
b)
Anastomosen produceren meer hemoglobine voor zuurstofbinding
c)
Zo zijn er alternatieve routes mogelijk wanneer een vat afgesloten is
10.
De toegang tot elke capillair wordt bepaald door een precapillaire sphincter. Dit process heet:
a)
Vasodilatatie
b)
Vasoconstrictie
c)
Vasomotie
11.
Welke van de onderstaande vaten vervoert zuurstofrijk bloed?
a)
A. Pulmonalis
b)
Aorta
c)
V. Porta
12.
Welk type cel is eigenlijk geen cel, maar een celfragment?
a)
Endotheelcel
b)
Bloedplaatje
c)
Rode bloedcel
13.
Wat is vaak de oorzaak wanneer er sprake is van spataderen in de benen?
a)
Niet goed werkende kleppen in de venen
b)
Een te hoge bloeddruk
c)
Slechte werking van de precapillaire sphincter
14.
Wanneer , door het ouder worden, arteriewanden dikker en stugger worden, noemen we dit:
a)
Aneurysma
b)
Truncus pulmonalis
c)
Arteriosclerose