Font size
WorksheetsH7 geluid 2 kader
Total questions: 27
Worksheet time: 14mins
Wat is een tussenstof?
Een stof waar geluid zich doorheen verplaatst.
Een voorwerp dat geluid maakt.
De ontvanger van geluid
Wat is een geluidsbron?
een voorwerp dat door mensen gemaakt is
een voorwerp dat in de natuur voorkomt
een voorwerp dat geluiden omzet in lucht
een voorwerp dat trillingen veroorzaakt
Wanneer ontstaat geluid?
als een conus trillingen omzet in lucht
als een geluidsbron trillingen veroorzaakt
als je hersenen signalen van je oor krijgen
als je oor een verschil in luchtdruk opvangt
Waardoor kan geluid zich verplaatsen? Meerdere antwoorden mogelijk.
de lucht
het water van de zee
het luchtledige in de ruimte
de botten van een schedel
Wat is de geluidssnelheid in lucht?
ongeveer 25m/s
ongeveer 95 m/s
ongeveer 340 m/s
ongeveer 1225 m/s
Je zet een luidspreker aan. De conus gaat trillen. Wat verandert daardoor?
de luchtdruk
de geluidssnelheid
de temperatuur
de tussenstof
Wat heeft geluid nodig om zich te kunnen verplaatsen?
een bron
een tussenstof
een ontvanger
een bus
Sander ziet in de verte een stuk vuurwerk ontploffen. Hij hoort de knal 2 seconde later. De geluidssnelheid in de lucht is 340 m/s. Hoe groot is de afstand tussen Sander en het vuurwerk?
2 m
20 m
340 m
680 m
Door de geluidstrillingen verandert de luchtdruk steeds een beetje. De luchtdruk wordt tijdens een trilling even hoger. Wat gebeurt er dan met je trommelvlies?
je trommelvlies beweegt niet
je trommelvlies beweegt naar binnen
je trommelvlies beweegt naar buiten
Door geluidstrillingen gaat je trommelvlies trillen. Waardoor worden deze trillingen doorgegeven aan je hersenen?
door je oorschelp
door je schedel
door lucht in je oor
door zintuigcellen
Van welke 3 dingen hangt de toonhoogte van een snaar af?
hoe dik de snaar is
hoe lang de snaar is
de kleur van de snaar
hoe strak de snaar is gespannen
Wat verander je als je een gitaar stemt?
de dikte van de snaren
de lengte van de snaren
de spanning van de snaren
Een gitarist spant alle snaren op zijn gitaar even strak. Toch geven de snaren verschillende tonen als hij ze aanslaat. Hoe komt dat?
de snaren hebben niet dezelfde dikte
de snaren worden niet even hard aangeslagen
de snaren zijn niet strak genoeg gespannen
Anja is haar gitaar aan het stemmen. Ze draait de d-snaar strakker aan. Daarna slaat ze de d-snaar opnieuw aan. Is de frequentie van de trilling veranderd?
ja, de frequentie is kleiner geworden
nee, de frequentie is gelijk gebleven
ja, de frequentie is groter geworden
Wat is de frequentie van deze toon?
3 Hz
6 Hz
300 Hz
600 Hz
Wat is de frequentie van deze toon?
2 Hz
4 Hz
200 Hz
400 Hz
Om geluid te onderzoeken heb je apparatuur nodig. Waarmee maak je elektrische trillingen zichtbaar op een beeldscherm?
microfoon
oscilloscoop
beeldscherm
stemvork
Welk dier of welke dieren kunnen tonen horen die boven het frequentiebereik van de mens liggen?
krokodil
bruinvis
vleermuis
hond
Wat is de eenheid van geluidssterkte?
decibel
frequentie
hertz
trillingen
Wat is de amplitude?
De afstand tussen het midden en de uiterste stand van een trilling
De afstand tussen twee trillingen
Het aantal trillingen
De geluidssterkte waarbij je het geluid net begint te horen
Een geluid wordt harder. Wat gebeurt er dan met de amplitude?
blijft gelijk
wordt groter
wordt kleiner
Marco slaat een stemvork aan. Daarna trekt hij de schrijfstift die aan een van de benen vastzit, met een constante snelheid over een vel papier. De trilling wordt snel minder. In welke tekening is dit het beste weergegeven?
A
B
C
D
Je ziet drie tekeningen van oscilloscoopbeelden.
Lea zegt: "Het geluid van tekening A en B klinkt even hard."
Timo zegt: "Het geluid van tekening B klinkt het hoogst." Wie heeft er gelijk?
geen van beide heeft gelijk
alleen Lea heeft gelijk
alleen Timo heeft gelijk
beiden hebben gelijk
Yvonne doet proeven met een oscilloscoop. Ze speelt op een gitaar. Bij een van die proeven slaat ze een snaar steeds harder aan. De frequentie blijft gelijk. Wat betekent dat voor de amplitude en het aantal golven dat je op het beeldscherm ziet?
het aantal golven blijft gelijk, de amplitude blijft gelijk
het aantal golven wordt kleiner, de amplitude blijft gelijk
het aantal golven blijft gelijk, de amplitude wordt groter
het aantal golven wordt groter, de amplitude wordt kleiner
Marco slaat een stemvork aan. Daarna trekt hij de schrijfstift die aan een van de benen vastzit, met een constante snelheid over een vel papier. Hij ziet tekening B. Welke uitspraak over de trilling van de stemvork is juist?
de amplitude blijft hetzelfde, de frequentie wordt steeds groter
de amplitude blijft hetzelfde, de frequentie wordt steeds kleiner
de frequentie blijft hetzelfde, de amplitude wordt steeds groter
de frequentie blijft hetzelfde, de amplitude wordt steeds kleiner
De oscilloscoopbeelden in de afbeelding zijn vlak na elkaar gemaakt.
De instelling van de oscilloscoop is ondertussen niet veranderd.
Dani zegt: "De toon in scherm b is net zo hoog als de toon in scherm a."
Ervin zegt: "De toon in scherm b is zachter dan de toon in scherm a. Wïe heeft gelijk?
geen van beiden heeft gelijk
Dani heeft gelijk
Ervin heeft gelijk
beiden hebben gelijk
Wat is de gehoordrempel?
De geluidssterkte waarbij je oren pijn beginnen te doen.
De geluidssterkte waarbij je het geluid net begint te horen.
