wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Pluriforme samenleving 1 /m 8

Total questions: 24

Worksheet time: 16mins

Name
Class
Date
1.

Welke functie van cultuur is onjuist?

a)

Vormen van je persoonlijkheid

b)

Cultuur reguleert het gedrag

c)

Cultuur zorgt voor een gemeenschappelijke referentiekader

d)

Cultuur maakt duidelijk welke rollen in een samenleving belangrijk zijn

2.

Volgens de socioloog Erving Goffman

a)

bestaat cultuur uit gedeelde waarden en normen

b)

vervult een ieder in zijn leven verschillende rollen

c)

is menselijk gedrag aangeleerd

d)

kunnen alleen mensen die hun cultuur niet begrijpen te maken krijgen met rolconflicten

3.

De dominante cultuur

a)

vormt een gevaar voor subculturen

b)

bestaat uit verschillende tegenculturen

c)

het geheel van waarden, normen en kenmerken dat door de meeste mensen binnen een samenleving wordt geaccepteerd

d)

houdt zich aan de cultuurkenmerken van de subcultuur

4.
  1. Socialisatie zorgt ervoor dat de cultuur blijft bestaan
  2. Socialisatie vindt plaats via imitatie
  3. Socialisatie bestaat uit twee componenten te weten het overdragen en het verwerven van cultuurelementen

Welke bewering is of welke beweringen zijn juist?

a)

Alle beweringen zijn juist

b)

Alle beweringen zijn onjuist

c)

1 is juist, 2 en 3 zijn onjuist

d)

1 en 2 zijn juist, 3 is onjuist

5.

Het gezin, de media, politiek, vrienden, verenigingen zijn:

a)

onderdeel van een cultuur

b)

tegenculturen

c)

socialiserende instituties

d)

voorbeelden van een collectieve cultuur

6.

Sociale instituties zijn instellingen, organisaties die collectieve gedragspatronen overdragen.

Wat is geen voorbeeld van een collectieve gedragspatroon?

a)

Ramadan

b)

slapen

c)

Koningsdag

d)

dodenherdenking

7.

Een voorbeeld van formele sociale controle is

a)

Een klasgenoot aanspreken die geen bijdrage geleverd heeft aan het maken van een opdracht

b)

Een arbeidscontract

c)

Sportreglementen

d)

Pestprotocol

8.

Het aanleren van de kenmerken van een cultuur waar je oorspronkelijk niet toe behoort noem we

a)

Internalisatie

b)

Socialisatie

c)

Enculturatie

d)

Acculturatie

9.

Hofstede heeft cultuurverschillen verdeeld in 5 cultuurdimensies. Welke dimensie is onjuist

a)

Masculien of feminien

b)

Collectief of individualistisch

c)

Kleine machtsafstand - grote machtsafstand

d)

Lange termijn of korte termijngericht

e)

Laag of hoog zelfvertrouwen

10.

De Nederlandse cultuur is dynamisch. Diverse factoren veranderde de Nederlandse cultuur. Welke factor is onjuist?

a)

Globalisering

b)

Ontzuiling

c)

Publieke opinie

d)

Emancipatie

11.

Welke kenmerken hoorden voor 1960 bij de Nederlandse samenleving:

  1. Er was sprake van sociale mobiliteit
  2. Vrouwen waren handelingsonbekwaam
  3. Verzuiling

Welk kenmerk is onjuist?

a)

Alleen 1 is onjuist

b)

Alleen 2 is onjuist

c)

Alleen 3 is onjuist

d)

Alle kenmerken zijn onjuist

12.

De Nederlandse immigranten kunnen ingedeeld worden in 4 groepen:

  1. Arbeidsmigranten
  2. Rijksgenoten
  3. Gezinshervorming en gezinshereniging
  4. Vluchtelingen

Molukkers , Surinamers, Antillianen en Indische Nederlands vallen onder

a)

Nummer 2

b)

Nummer 4

c)

Nummer 1

d)

Nummer 3

13.

Culturele diversiteit wordt zichtbaar als je kijkt naar de opvattingen over...…..

Wat is het meest juiste antwoord?

a)

Emancipatie, solidariteit, vrijheid en seks

b)

Bestuur en gezag, gelijkwaardigheid, geloof en onderwijs

c)

Opvoeding, onderwijs, vrijheid en seksualiteit

d)

Emancipatie, bestuur en gezag, huwelijk en seks, opvoeding

14.
  1. Versterken van de groepsidentiteit (wij-zij denken) verkleint de kans op polarisatie.
  2. Als er steeds bewust negatieve informatie gegeven wordt over een groep is er sprake van demoniseren

Welke uitspraak is of welke uitspraken zijn juist?

a)

Alleen 1 is juist

b)

Alleen 2 is juist

c)

1 en 2 zijn juist

d)

Geen van de beweringen is juist

15.

Als een subcultuur zich volledig aanpast aan de dominante cultuur, waardoor hun oorspronkelijke cultuur grotendeels verdwijnt is er sprake van

a)

internalisatie

b)

segregatie

c)

assimilatie

d)

integratie

16.

De Amerikaanse cultuur wordt 'melting pot' genoemd omdat

a)

groepen sociaal en cultureel sterk van elkaar verschillen

b)

er is sprake van wederzijdse beïnvloeding van culturen maar cultuurgroepen behouden hun eigen typische kenmerken

c)

subculturen hun eigen cultuurkenmerken hebben ingeruild voor de cultuurkenmerken van de dominante cultuur

d)

de culturen van etnische groepen versmelten met de dominante cultuur, zodat er in feite en nieuwe cultuur ontstaat

17.

Wat wordt met sociale cohesie bedoeld?

a)

De onderlinge verschillen tussen diverse cultuurgroepen die tot uiting komen in bijvoorbeeld taalachterstand, werkloosheid en woonsituatie

b)

De discussie over het integratiedebat dat vooral gericht is op cultuurvershillen

c)

De onderlinge verbondenheid tussen leden van een samenleving/groep en het gevoel iets gemeenschappelijks te hebben

d)

Het verschil tussen de 'out-group' en de 'in-group'

18.

Mensen zijn op verschillende gebieden van elkaar afhankelijk. Welke binding is onjuist?

a)

Affectieve bindingen

b)

Sociale bindingen

c)

Cognitieve bindingen

d)

Politieke bindingen

e)

Economische bindingen

19.

Welke kenmerken horen niet bij feminiene culturen?

a)

Ouders verdelen werk- en zorgtaken

b)

vrouwen en mannen moeten bescheiden zijn

c)

Vader verdient het geld moeder neemt de zorgtaken op zich

d)

Conflicten moet je oplossen door te onderhandelen

20.

Een belangrijk verschil tussen een individualistische- en een collectivistische samenleving is:

a)

In een individualistische cultuur staat de vrouw centraal en in een collectivistische cultuur staat de man centraal

b)

In een individualistische samenleving wordt verwacht dat je voor jezelf zorgt en voor jezelf opkomst. In een collectivistische samenleving is de groep belangrijker dan het individu

c)

In een individualistische samenleving is het sluiten van compromissen moeilijk en in een collectivistische samenleving onderhandelen burgers vaker met elkaar

d)

In een individualistische samenleving is het normaal om risico's te nemen en in een collectivistische samenleving vermijd men risico's

21.

Wat houdt het restrictief toelatingsbeleid in?

a)

Nederland vangt alleen vluchtelingen op en geen asielzoekers

b)

De Nederlandse overheid beperkt gezinsvorming

c)

De Nederlandse overheid laat in principe geen immigranten toe

d)

De Nederlandse overheid heeft een ruimhartig toelatingsbeleid

22.

Aan welke internationale richtlijnen moet Nederland zich t.a.v. immigratie?

a)

UVRM, EVRM, VN-Vluchtelingenverdrag,

Verdrag van Maastricht

b)

EVRM, Verdrag van Geneve, Verdrag van Maastricht, EU-vluchtelingenverdrag

c)

EU-Vluchtelingenverdrag, Verdrag van Munster, EVRM, UVRM

d)

UVRM, EVRM, Vluchtelingen convenant, Verdrag van Munster,

23.

Cultuurrelativisten :

a)

vinden dat cultuur dynamisch is.

b)

vinden dat bepaalde waarden universeel zijn. Culturen die zich houden aan deze waarden zijn beter dan culturen die dit niet doen.

c)

zien culturele verscheidenheid niet als een belemmering voor een samenleving, maar als een verrijking.

d)

vinden dat alle (sub)culturen in beginsel gelijkwaardig zijn en dat de ene cultuur niet beter is dan de andere.

24.

Welk antwoord is onjuist?

a)

In de UVRM staat dat discriminatie verboden is en dat rechten en vrijheden van burgers nagekomen moeten worden

b)

In het EVRM staat dat Nederland inwoners de gelegenheid moet geven tot gezinshereniging en gezinsvorming

c)

Het VN-vluchtelingenverdrag definieert wanneer iemand een vluchteling is

d)

Het verdrag van Maastricht bepaalt dat Nederland de grenzen open moet houden voor kennismigranten