wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

H1.2 - Kubus en vierkant

Total questions: 25

Worksheet time: 12mins

Name
Class
Date
1.

Wat is de wiskundige naam van dit figuur?

a)

Kubus

b)

Prisma

c)

Balk

d)

Bol

2.

Hoe heet dit gele vlak?

a)

ABCD

b)

EFGH

c)

EHGF

d)

BCGF

3.

Welk vlak is dit?

a)

Ondervlak

b)

Zijvlak

c)

Bovenvlak

d)

Geen vlak

4.

Hoeveel ribben komen uit bij punt F?

a)

1

b)

2

c)

3

d)

4

5.

Hoe heten de ribben die uitkomen bij punt B?

a)

Ribbe AB, BF en BC

b)

Ribbe AD, AE en AB

c)

Ribbe BC, AB en AE

d)

Ribbe CD, DH en HG

6.

Welke hoofdletters zouden op deze plek passen?

a)

EFGH

b)

ABCD

c)

IHIH

d)

AFEH

7.

Welke ribbe hoort hier niet thuis?

a)

Ribbe AB

b)

Ribbe EH

c)

Ribbe BC

d)

Ribbe BG

8.

Hoe noem je dit rode zijvlak?

a)

ABFE

b)

BCGF

c)

BGFC

d)

EFGH

9.

Hoe heet het linker zijvlak?

a)

ADHE

b)

ABCD

c)

ADEH

d)

AEHD

10.

Waarom hoort ribbe BG hier niet thuis?

a)

Omdat de G geen hoofdletter is

b)

Omdat ribbe BG geen rand van twee vlakken is

c)

Omdat de ribbe niet gestippeld is

d)

Omdat AE ook zo getekend staat

11.

Welke hoofdletters zouden van K, L, M, N, O, P, Q en R op het bovenvlak moeten?

a)

KLMN

b)

OPQR

c)

KOQR

d)

Geen van alle letters

12.

Welke hoofdletters van A, B, C, D, E, F, G en H zou op het bovenvlak geschreven moeten worden?

a)

ABCD

b)

AEAE

c)

AGHE

d)

EFGH

13.

Hoeveel hoofdletters kun je bij deze kubus schrijven?

a)

2

b)

4

c)

6

d)

8

14.

Hoe noem je het achtervlak in hoofdletters?

a)

DCGH

b)

ABCD

c)

ABFE

d)

BCGF

15.

Waar staat 2D en 3D voor?

a)

2 driehoeken en 3 driehoeken

b)

2 domheden en 3 domheden

c)

2 dimensies en 3 dimensies

d)

Gewoon 2 en 3

16.

Waar wijst de rode pijl naar?

a)

90 graden op jouw geodriehoek

b)

Geen idee

c)

Het aantal graden

d)

De CM's op jouw geodriehoek (hier kun je mee meten)

17.

Deze kubus is.....

a)

2D

b)

3D

c)

4D

d)

Geen van beide

18.

2D staat voor..

a)

2 dimensies: diepte en hoogte

b)

2 dimensies: diepte en breedte

c)

2 dimensies: lengte en breedte

d)

2 dimensies: lengte en hoogte

19.

3D staat voor...

a)

3 dimensies: lengte, breedte, hoogte

b)

3 dimensies: lengte, breedte, onderste

c)

3 dimensies: onder, boven, zijkanten

d)

3 dimensies: hetzelfde als 2 dimensies

20.

Welke figuren zijn vierkanten?

a)

1 en 2

b)

1, 2 en 3

c)

1 en 4

d)

Allemaal

21.

Wordt deze uitslag een kubus?

a)

Nee

b)

Geen idee

c)

Ja

d)

Nee, dit wordt een balk

22.

Hoeveel vierkanten heeft een uitslag van een kubus?

a)

4

b)

5

c)

6

d)

8

23.

Wordt deze uitslag een kubus?

a)

Ja

b)

Nee

c)

Geen idee

d)

Nee, dit wordt een balk

24.

Welke kant is 2D?

a)

Beide figuren links

b)

Beide figuren rechts

c)

Allemaal

d)

Geen

25.

Welke kant is 3D?

a)

Beide figuren links

b)

Geen

c)

Beide figuren rechts

d)

Allemaal