wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Natuurlijke leefomgeving, fysiologische aanpassingen

Total questions: 11

Worksheet time: 6mins

Name
Class
Date
1.

Welke van deze factoren is géén abiotische factor

a)

Wind

b)

Concurrentie

c)

Temperatuur

d)

Grondwater

2.

Welk gas zit het meeste in lucht?

a)

Zuurstof

b)

Koolstofdioxide

c)

Stikstof

3.

In welk klimaat woon je als je in Brazilië zou wonen?

a)

Zeeklimaat

b)

Tropenklimaat

c)

Woestijnklimaat

d)

Landklimaat

e)

Poolklimaat

4.

Een giraffe is een...

a)

zoolganger

b)

teenganger

c)

topganger

5.

Stel, je richt een verblijf in voor een geit, wat moet er zeker in het verblijf zodat het dier zijn natuurlijk gedrag kan uiten?

a)

Een zwembad

b)

Een zandbak

c)

Een klimtoestel

d)

Een kabelbaan

6.

Een vos eet een konijn. Dit is een vorm van...

a)

predatie

b)

parasitisme

c)

concurrentie

d)

verrijking

7.

Welke twee dieren uit dit rijtje zijn koudbloedig?

a)

Zeearend

b)

Karper

c)

Kikker

d)

Reuzenpanda

8.

Het tolerantiegebied van een koudbloedig dier is groter dan van een warmbloedig dier

a)

Waar

b)

Niet waar

9.

Het ritme van een dier, zoals winterslaap/winterrust, worden vooral bepaald door een abiotische factor

a)

Waar

b)

Niet waar

10.

Of het deze week gaat regenen noemen we klimaat

a)

Waar

b)

Niet waar

11.

Een tijger is een...

a)

Zoolganger

b)

Teenganger

c)

Topganger