Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Module 6: Vakantie basis

Total questions: 16

Worksheet time: 8mins

Name
Class
Date
1.

Welke bestandsdelen vallen onder voedingsstoffen?

a)

Koolhydraten

b)

Keukenzout

c)

Kipfilet

d)

Eiwitten

2.

Stoffen die niet in je lichaam thuishoren, kunnen je ziek maken. Hoe noemen we deze stoffen?

a)

Pathogenen

b)

Bloedplaatjes

c)

Pus

3.

Hoe gaan witte bloedcelen niet met ziekteverwekkers om?

a)

Ze maken afweerstoffen aan

b)

Ze ruimen de ziekteverwekkers op

c)

Ze verwoesten de ziekteverwekkers

4.

Hans wil graag een gespierder lichaam. Hij wil hiervoor drie keer in de week naar de sportschool maar zal ook moeten opletten op zijn dieet, hij zal vooral veel bouwstoffen moeten eten om de groei van de spieren te stimuleren. Welke van deze stoffen is geen bouwstof?

a)

Eiwitten

b)

Vetten

c)

Mineralen

5.

Kies het juiste begrip bij de volgende omschrijving: Een parasiet die je kan krijgen van muggen in tropische landen

a)

Bilharzia

b)

Giardia lamblia

c)

Malaria

6.

....... en ....... zijn reservestoffen en vind je in de wortels van planten. Welke woorden missen?

a)

Mineralen en eiwitten

b)

Water en zetmeel

c)

Vet en zetmeel

d)

Eiwitten en vet

7.

Op de afbeelding zie je een methode van hoe je een mengsel kan scheiden. Hoe heet deze methode?

a)

Bezinken

b)

Filtreren

c)

Condenseren

8.

Wat word er aangegeven bij nummer 1?

a)

Filtraat

b)

Residu

c)

Overblijfsel

9.

Kies het juiste begrip bij de volgende omschrijving: Groeven in de autoband in een bepaald patroon

a)

Profiel

b)

Bandenspanning

10.

Kies het juiste begrip bij de volgende omschrijving: Een mengsel van verschillende stoffen

a)

Oplossing

b)

Suspensie

11.

De verwekker van de ziekte van Pfeiffer is het Epstein-Barr-virus. Wanneer iemand dit virus heeft maken witte bloedcellen in het lichaam afweerstoffen aan.

Stelling: Na het aanmaken van afweerstoffen is de persoon immuun voor het Epstein-Barr-vius.

a)

Juist

b)

Onjuist

12.

Is water een zuivere stof?

a)

Ja, het bestaat alleen uit watermoleculen

b)

Nee, er zitten ook zouten in opgelost

13.

Zout water kan je helpen tegen de dorst

a)

Juist, de verhouding water en zout is net genoeg om te tegen dorst te helpen

b)

Onjuist, er zit teveel zout in het water waardoor je uitdroogt

14.

Wat doet je lichaam om je op te warmen als je het koud hebt?

a)

Je gaat zweten, dit warmt je lichaam op

b)

Je gaat rillen, dit warmt je lichaam op

15.

Wat zorgt ervoor dat je wondje snel dicht gaat?

a)

Witte bloedcellen

b)

Bloedplaatjes

c)

Rode bloedcellen

16.

In welk apparaat zit geen GPS?

a)

Auto

b)

Mobiel

c)

Laptop

d)

In al deze apparaten zit een GPS