Font size
S
M
L
XL
Worksheetsplanten 1 havo
Total questions: 28
Worksheet time: 14mins
Name
Class
Date
1.
Wat heeft een plant nodig voor fotosynthese?
a)
Glucose
b)
Licht
c)
Koolstofdioxide
d)
zuurtsof
e)
Water
2.
Wat is geen functie van de wortels?
a)
Water en voedingsstoffen opnemen
b)
Plant vastzetten in bodem
c)
Opslaan reservevoedsel
d)
fotosynthese
3.
Welk nummer geeft de zijwortel aan?
a)
1
b)
2
c)
3
d)
4
4.
Welk van de genummerde delen zal vooral als functie het opnemen van water en voedingsstoffen hebben?
a)
1
b)
2
c)
3
d)
4
5.
Wat is de functie van onderdeel 2?
a)
Opnemen van water
b)
Plant vastzetten in bodem
c)
Opnemen van Voedingsstoffen
d)
Opslaan reservevoedsel
6.
Welk van onderstaande planten zal het grootste wortelstelsel hebben?
a)
Plant in droge bodem
b)
Plant in natte bodem
7.
Wat zorgt er voor transport in stengels?
a)
Okselknop
b)
Buizen
c)
Vaten
d)
Lid
8.
Welke plant verkrijgt stevigheid door water?
a)
Kruidachtige plant
b)
Houtachtige plant
9.
Welk nummer geeft een knoop aan?
a)
1
b)
2
c)
9
d)
10
10.
Hoe noem je deel 3?
a)
Knoop
b)
Lid
c)
Knop
d)
Blad
11.

Wat is geen functie van de stengel
a)
Vasthouden wortels
b)
Vasthouden bladeren
c)
Vasthouden bloemen
d)
Transport van water
12.
Welk nummer geeft de hoofdnerf aan?
a)
6
b)
7
c)
8
d)
9
13.
Wat wordt er gevormd bij fotosynthese
a)
water
b)
koolstofdioxide
c)
glucose
d)
zonlicht
14.
In welk deel van de bladeren bevinden zich de vaten?
a)
Nerven
b)
Bladmoes
c)
Bladrand
d)
Alleen in de bladsteel
15.
Waaruit ontstaat een blad
a)
Okselknop
b)
Eindknop
c)
Okselknop en eindknop
d)
Knoop
16.
Wanneer vindt fotosynthese plaats?
a)
Alleen Overdag
b)
Alleen s' nachts
c)
Nooit
d)
Overdag en 's nachts
17.
Hoe noem je alle wortels van een plant?
a)
Wortels
b)
Wortelstelsel
c)
Hoofdwortel
d)
Zijwortel
18.
In welk deel van de wortel wordt reservevoedsel vooral opgeslagen?
a)
Hoofdwortel
b)
Zijwortel
c)
Wortelhaar
d)
Stengel
19.
Wat eet je bij de rode biet
a)
Wortel
b)
Stengel
c)
Bladeren
d)
Bloem
20.
Wat eet je bij witlof?
a)
Wortels
b)
Stengels
c)
Bladeren
d)
Bloemen
21.
Waarmee zit een blad aan de stengel vast?
a)
Bladsteel
b)
Okselknop
c)
Bladschijf
d)
Hoofdnerf
22.
Hoe noem je het volgende verschijnsel: een plantje komt uit het zaadje tevoorschijn.
a)
De voortplanting
b)
De groei
c)
De kieming
d)
De afsterving
23.
Wat moet er aan een zaadje worden toegevoegd om de kieming te starten?
a)
Zand
b)
Zeer hoge temperatuur
c)
Continu licht
d)
Water
24.
Waar haalt een bruine boon tijdens de kieming zijn voeding vandaan?
a)
Uit de zaadlobben
b)
Uit de zaadhuid
c)
Uit de navel
d)
Uit de grond
25.
Welk onderdeel komt als eerste tevoorschijn tijdens de kieming?
a)
De stengel
b)
De wortel
c)
De blaadjes
26.
Als alle voeding uit de zaadlobben is verbruikt dan:
a)
Groeien de zaadlobben uit tot grote bladeren
b)
Worden de zaadlobben wortels
c)
Verschrompelen de zaadlobben en vallen ze af
d)
Zwellen de zaadlobben op en vallen ze af
27.
Wat is een hypothese?
a)
Een vraag die ik mezelf stel aan het begin van een onderzoek
b)
Een overzicht van alle resultaten
c)
Een verwacht antwoord op mijn probleemstelling
d)
Een ander woord voor een verslag
28.
"2 schoteltjes, watten, 20 zaadjes, water, doos" De bovenstaande opsomming is een voorbeeld van:
a)
Een probleemstelling
b)
De conclusie
c)
Het experiment
d)
De benodigdheden
Reset
