Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Tekstverbanden en signaalwoorden 2v

Total questions: 10

Worksheet time: 5mins

Name
Class
Date
1.

Een chronologisch verband beschrijft gebeurtenissen in de juiste tijdsvolgorde.

a)

Deze stelling is juist

b)

Deze stelling is onjuist

2.

In een toelichtend verband wordt extra informatie gegeven, vaak in de vorm van een voorbeeld.

a)

Deze stelling is juist

b)

Deze stelling is onjuist

3.

Ten eerste, ten tweede en ten slotte zijn signaalwoorden die passen bij een tegenstellend verband.

a)

Deze stelling is juist

b)

Deze stelling is onjuist

4.

Een redengevend verband geeft aan waardoor iets gebeurt.

a)

Deze stelling is juist

b)

Deze stelling is onjuist

5.

Doordat, daardoor, als gevolg van en dankzij zijn signaalwoorden die passen bij een oorzakelijk verband.

a)

Deze stelling is juist

b)

Deze stelling is onjuist

6.

Dus, daarom, kortom en al met al zijn signaalwoorden die passen bij een concluderend tekstverband.

a)

Deze stelling is juist

b)

Deze stelling is onjuist

7.

In vergelijking met, evenals en vergeleken met zijn signaalwoorden die passen bij een toelichtend tekstverband.

a)

Deze stelling is juist

b)

Deze stellig is onjuist

8.

Een voorwaardelijk verband geeft aan welk middel wordt gebruikt om een bepaald doel te bereiken.

a)

Deze stelling is juist

b)

Deze stelling is onjuist

9.

Aan de hand van, zodat, om te en met zijn signaalwoorden die passen bij een doel-middelverband.

a)

Deze stelling is juist

b)

Deze stelling is onjuist

10.

Bij een samenvattend verband geeft de auteur een verkorte weergave van de informatie in de tekst.

a)

Deze stelling is juist

b)

Deze stelling is onjuist