NEW
Font size
Worksheetsverwijswoorden groep 8
Total questions: 10
Worksheet time: 5mins
- Wat is het juiste verwijswoord?
Naast mij stond een vrouw. Ze had een kuiken bij zich.
ze verwijst naar kuiken
een kuiken verwijst naar ze
ze verwijst naar een vrouw
zich verwijst naar de vrouw
- Noteer het juiste verwijswoord.
Op dat moment kwam er een bus aan. Die stopte met piepende remmen.
die verwijst naar een bus
op verwijst naar een bus
die verwijst naar piepende remmen
op verwijst naar piepende remmen
- Noteer het juiste verwijswoord
Geef mij maar een ice tea. Ik kom het u zo brengen.
ik verwijst naar mij
ice tea verwijst naar mij
geef verwijst naar brengen
het verwijst naar een ice tea
Kies het verwijswoord dat op de ...........past
het afscheid vond plaats in de hal. .............was het heel erg vol
dat
daar
soms
dit
Kies het verwijswoord dat op de ........past
Het conflict duurde eindeloos. .................was slecht voor de sfeer van de middag.
de jongen
en
de plant
het
Plotseling stapte de man naar voren. Maar gelukkig pakte ik.......meteen vast.
hem
de man
het
de haren
Vul het verwijswoord met het passende voorzetsel in.
Pien en Jessica spelen op de zolder. Ze spelen...........
daartegen
daarop
daarna
Vul het verwijswoord met passend voorzetsel in.
De juf praat over het weekend. Ze praat .........
snel
tegen
daarover
Zij ligt op het ligbed in het water. Zij ligt ..........
erop
eronder
ervoor
Noteer het juiste voorzetsel.
Meie moest wacht op haar zus. .........was een paar minuten te laat.
haar zus
ze
hij
haar
