Font size
WorksheetsIVKO B havo H5 Kwadratische verband,extra oefenen voor de toets
Total questions: 24
Worksheet time: 6hrs 0mins
Bereken 3,26 en rond af op drie decimalen
1 073,741
1 073,742
1 073,740
1 073,743
Bereken -83
512
-512
-24
24
Bereken (-2)6
12
64
-12
-64
De grafiek van een lineair verband is een
vloeiende kromme
parabool
periodieke grafiek
rechte lijn
a = 10 + 15u
hellingsgetal = 10
hellingsgetal = 15
hellingsgetal = 15
hellingsgetal = u
Dit is een
een bergparabool
stijgende parabool
een dalparabool
dalende parabool
los op
x = 6
x = 18
x = 6 v x = -6
x = 18 v x = -18
los op, rond zo nodig af op 2 decimalen
x = 5 v x = -5
x = 7,5 v x = -7,5
x = 4,16 v x = -4,16
x = 3,87 v x = -3,87
los op, rond zo nodig af op 2 decimalen
x = 10 v x = -10
x = 2 v x = -2
x = 4,47 v x = -4,47
x = 8,19 v x = -8,19
Welk soort verband is de volgende formule
remweg = 4 +0,25 √3s
Wortelverband
Kwadratische verband
Periodiek verband
Maandverband
Je kunt de remweg berekenen met de formule
remweg in m = 30 + 4,5√2s Hierin is s de snelheid in km/u.
Een auto rijdt met een snelheid van 213 km/ uur.
Bereken de remweg.
remweg = 123 m
remweg = 1386 m
remweg = 712 m
Onze auto kan helemaal niet zo snel.
Je kunt de remweg berekenen met de formule
remweg in m = 30+4,5 √2s Hierin is s de snelheid in km/u.
Een auto heeft een remweg van 130 m.
Bereken zijn snelheid?
snelheid auto = 103 km/u
snelheid auto = 102 km/u
snelheid auto = 494 km/u
snelheid auto = 247 km/u
Je ziet de grafieken van y = −2x2 + 3 en y = 1,5x +1
Welke vergelijking moet je oplossen om de snijpunten te berekenen?
−2x2 + 3 = 1,5x +1
y = −2x2 + 3 = 1,5x +1
y = −2x2 + 3 +1,5x +1
Geen idee wat een vergelijking is.
Je ziet de grafieken van y = −2x2 + 3 en y = 1,5x +1
Bereken alle snijpunten met de x-as.
C(−1,2;0) D(1,2;0) E(0,7;0)
C(−1,7;0) D(1,7;0) E(0,7;0)
C(−1,2;0) D(1,2;0) E(−0,5;0)
C(−1,7;0) D(1,7;0) E(−0,5;0)
Herleid
2√3 + 5√9
2√3 + 15
kan niet korter
12√3
18,464
Herleid
2√3 + 5√2
kan niet korter
7√6
7(√3 + √2)
10,535
Herleid
√99
3√11
11√9
33
9,9
Bij de draagkabel van de hangbrug in de figuur hiernaast hoort de formule
h = (1/64) x2 + 15 waarin x en h in meters zijn.
De hangkabel is 8 meter onder het punt A bevestigd.
Bereken de hoogte van het punt waar de kabel bevestigd is.
Hoogte bevestigingspunt = 32 m
Hoogte bevestigingspunt = 40 m
Hoogte bevestigingspunt = 48 m
Komt een negatief getal uit, dus kan niet.
Bij de draagkabel van de hangbrug in de figuur hiernaast hoort de formule
h = (1/64) x2 + 15 waarin x en h in meters zijn.
Ter gelegenheid van de komst van koning Willem-Alexander is er aan de draagkabel een spandoek opgehangen 28 meter boven het wateroppervlak. Onderzoek met een berekening of het spandoek meer of minder dan 60 m lang is.
bij x= 30 hoort een h = (1/64) ⋅ 302 + 15= 29,06m dus korter.
bij x= 60 hoort een h = (1/64) ⋅ 602 + 15= 71,25 m dus langer.
bij x= 28 hoort een h = (1/64) ⋅ 282 + 15= 27,25 m dus korter.
Ik gok langer
Vul in
Het getal √11 is een....
reëel getal
een geheel getal
een natuurlijk getal
een rationaal getal
Vul in
Het getal √19 is een....
irrationaal getal
een geheel getal
een natuurlijk getal
een rationaal getal
Vul in
Het getal ⅓ is een....
rationaal getal
een geheel getal
een natuurlijk getal
een breuk getal
Vul in
Het getal −√169 is een.... (kies alle goede antwoorden)
rationaal getal
een geheel getal
een natuurlijk getal
een reëel getal
