wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

3kg vleermuizen

Total questions: 44

Worksheet time: 22mins

Name
Class
Date
1.
Wat zijn je zintuigen?
a)
ogen, oren, mond, neus, handen
b)
ogen, tong, oren, huid, neus
c)
ogen, voeten, mond, huid, neus
d)
ogen, oren, tong, huid, gevoel
2.
voor welke  smaken is je tong het gevoeligst?
a)
melk,boter,zoet,zout
b)
bitter,zoet,water,zout
c)
zoet,zuur,bitter,zout
d)
zoet,zuur,bitter,zout
3.
Welke nummer is de oorgang
a)
1
b)
2
c)
3
d)
4
4.
Welke nummers  hamer en aambeeld en stijgbeugel
a)
4, 5 en 10
b)
3, 4 en 5
c)
3, 4 en 6
d)
4 , 5 en 9
5.
Wat is nummer 10
a)
oorgang
b)
trommelvlies
c)
buis van eustachius
d)
oorzenuw
6.
welk nummer is het slakkenhuis?
a)
6
b)
7
c)
8
d)
9
7.
Regelt de luchtdruk in de trommelvlies
a)
hamer en aambeeld
b)
buis van eustachius
c)
slakkenhuis
8.
Houden het trommelvlies soepel?
a)
oorgang
b)
oorschelp
c)
trommelvlies
d)
oorsmeerkliertjes
9.
vervoert impulsen naar de hersenen
a)
slakkenhuis
b)
buis van eustachius
c)
oorzenuw
d)
trommelvlies
10.
De iris is een voortzetting van
a)
het netvlies
b)
het vaatvlies
c)
het harde oogvlies
d)
het hoornvlies
11.
accommoderen is...
a)
Het groter en kleiner worden van je pupil
b)
Je lens die platter of boller wordt.
12.
Welke letter geeft een prikkel aan in de afbeelding?
a)
A
b)
B
c)
C
d)
D
13.
In de zintuigen wordt van een prikkel een
a)
taak gemaakt
b)
afdruk gemaakt
c)
impuls gemaakt
d)

zenuw gemaakt

14.
In deze laag van het oog liggen de meeste bloedvaten.
a)
Harde oogvlies
b)
Vaatvlies
c)
Netvlies
15.
Geen adequate prikkel voor je tong is
a)
geur
b)
smaak
c)
kou
d)
lichte aanraking
16.
Overdag kun je het beste kleuren zien met 
a)
Staafjes uit de blinde vlek
b)
kegeltjes uit de blinde vlek
c)
staafjes uit de gele vlek
d)
kegeltjes uit de gele vlek
17.
Wat doet de buis van Eustachius?
a)
Trommelvlies soepel houden
b)
luchttrillingen doorgeven
c)
luchtdruk gelijk houden
d)
oor schoonhouden
18.
Waaraan zitten de oogspieren vast?
a)
hoornvlies
b)
harde oogvlies
c)
glasachtig lichaam
d)
straalvormig lichaam
19.

Traanvocht komt uit de ... en wordt afgevoerd door de ...?

a)

Traanbuizen & traanklieren

b)

Traanklieren & Traanbuizen

c)

Harde oogvlies & traanklieren

d)

Traanbuizen & wimpers

20.

Als fel licht plots op je netvlies valt, dan...

a)

Spannen je kringspieren aan, waardoor je iris kleiner wordt

b)

Ontspannen je kringspieren waardoor de iris groter wordt

c)

Spannen je kringspieren aan, waardoor de pupil kleiner wordt

d)

Ontspannen je kringspieren, waardoor de pupil groter wordt

21.

Voor het zien van dichtbij heb je een ... lens nodig

a)

Platte

b)

Bolle

22.

Wat is er aan de hand bij kleurenblindheid?

a)

De kegeltjes zijn niet werkzaam

b)

De staafjes zijn niet werkzaam

c)

De staafjes en de kegeltjes zijn niet werkzaam

d)

De iris is niet werkzaam

23.
Wat is een refex?
a)
een niet automatische reactie op een prikkel
b)
bewustwording van pijn 
c)
een automatische  reactie op een prikkel
d)
prikkelgeleiding
24.
Waaruit bestaat het centrale zenuwstelsel?
a)

hersenzenuwen
b)

hersenen en ruggenmerg
c)

wervels en ruggenmerg
d)

grote en kleine hersenen
25.
Hoeveel slagaderen lopen naar de hersenen  ?
a)
2
b)
3
c)
4
d)
6
26.
De hersenen zijn onder te verdelen in:
a)
grote hersenen kleinen tussen tussenhersenen hersenstam
b)
grote hersenen tussen hersenen kleine hersenen ruggenmer
c)
grote hersenen kleinen tussen tussenhersenen hersenzenuw
27.
Welk zenuwstelsel vervoert gevoels-en zintuigprikkels?
a)
hersenen
b)
perifeer zenuwstelsel
c)
centraal zenuwstelsel
d)
autonoom zenuwstelsel
28.
Ons ademhalingscentrum bevindt zich in:
a)
hersenschors
b)
thalamus
c)
hersenstam
d)
tussenhersenen
29.
Het vervoeren van gevoels-en zintuigprikkels naar het ruggenmerg en van bewegingsprikkels naar spieren en inwendige organen
a)
hoort bij het perifeer zenuwstelsel
b)
hoort bij het centraal zenuwstelsel
c)
hoort bij de hersenen 
30.
Waar zitten de schakelcellen?
a)
In het centraal zenuwstelsel
b)
Alleen in het ruggenmerg
c)
Alleen in de hersenen
d)
Overal in ons lichaam
31.

Welke weg leggen impulsen af bij een reflexboog?

a)

Gevoelszenuwcel->schakelcel->grote hersenen->schakelcel->bewegingszenuwcel

b)

Gevoelszenuwcel->schakelcel->hersenstam ->schakelcel->bewegingszenuwcel

c)

Gevoelszenuwcel->schakelcel->bewegingszenuwcel

32.
De hersenen zijn onder te verdelen in:
a)
grote hersenen  en kleine hersenen tussen tussenhersenen hersenstam
b)
grote hersenen  en tussen hersenen kleine hersenen ruggenmer
c)
grote hersenen, kleine hersenen en  hersenzenuwen
d)
Hersenstam, kleine hersenen en grote hersenen
33.

Schakelcellen...

a)

Geleiden impulsen van de zintuigen naar centrale zenuwstelsel

b)

Geleiden impulsen binnen het centrale zenuwstelsel

c)

Geleiden impulsen van centrale zenuwstelsel naar de spieren en/of klieren

34.

bewegingszenuwcellen...

a)

Geleiden impulsen van de zintuigen naar centrale zenuwstelsel

b)

Geleiden impulsen binnen het centrale zenuwstelsel

c)

Geleiden impulsen van centrale zenuwstelsel naar de spieren en/of klieren

35.
Wat houdt de neusholte vochtig?
a)
Reukzintuig
b)
De lucht die je inademt
c)
Neusslijmvlies
36.
Iets waar je zintuigen op reageren heet een ...
a)
Impuls
b)
Seintje
c)
Prikkel
d)
Zenuw
37.
De weg die een geurstof tot aan de hersenen moet maken is:
1: Langs het neus-slijmvlies
2: Langs het reuk-zenuw
3: Langs de reuk-zintuigcellen
4: Hersenen
a)
Juist
b)
Onjuist
38.
Wat wordt bedoeld in het kader  bij het vraagteken?
a)
Neusholte
b)
Neus-slijmvlies
c)
Reukharen
d)
Zintuigcellen
39.
Vanaf hoeveel decibel kan er gehoorschade optreden?
a)
60
b)
70
c)
80
d)
90
40.
Wat is de functie van oorsmeer?
a)
Vochtig houden van het trommelvlies
b)
Soepel houden van het trommelvlies
c)
Zorgt ervoor dat het trommelvlies niet kan bewegen
d)
Geeft het trommelvlies een gele kleur
41.
Hier bevindt zich het gehoorzintuig.
a)
Trommelvlies
b)
Gehoorbeentjes
c)
Slakkenhuis
d)
Buis van Eustachius
42.
Met dit deel van het oog kan je scherp zien.
a)
Iris
b)
Pupil
c)
Harde oogvlies
d)
Lens
43.
In deze laag van het oog liggen de meeste bloedvaten.
a)
Harde oogvlies
b)
Vaatvlies
c)
Netvlies
44.
Langs welke weg gaat het licht van het oog-zintuig?
a)
Hoornvlies-pupil-lens-glasachtige lichaam-netvlies
b)
Glasachtige lichaam-netvlies-pupil-lens-hoornvlies
c)
Hoornvlies-lens-netvlies
d)
Lens-pupil-hoornvlies-netvlies-glasachtige lichaam