wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Grammatica Nederlands 2 VWO NN Herhaling en H1

Total questions: 15

Worksheet time: 13mins

Name
Class
Date
1.

Wat is het onderstreepte zinsdeel? Door de tegenvallende presentaties keek de coach gisterenavond behoorlijk somber.

a)

Onderwerp

b)

Lijdend voorwerp

c)

Naamwoordelijk deel van het naamwoordelijk gezegde

d)

Bijwoordelijke bepaling

2.

Wat is het onderstreepte zinsdeel?

Waarschijnlijk is de schade aan woonhuizen na de najaarsstorm zeer ernstig.

a)

Werkwoordelijk Gezegde

b)

Naamwoordelijk Gezegde

c)

Onderwerp

d)

Bijwoordelijke bepaling

3.

Wat is het onderstreepte zinsdeel?

De keepster van V&L werd vanmiddag met een blessure afgevoerd naar het ziekenhuis.

a)

Onderwerp

b)

Lijdendvoorwerp

c)

Meewerkend voorwerp

d)

Bijwoordelijke bepaling

4.

Wat is het onderstreepte zinsdeel?

Wanneer biedt de tennisvereniging haar vrijwilligers de jaarlijkse feestavond aan in de kantine?

a)

Onderwerp

b)

Lijdend voorwerp

c)

Meewerkend voorwerp

d)

Bijwoordelijke bepaling

5.

Wat is het onderstreepte zinsdeel?

Waarom hebben je vrienden ons die nare roddels over Bertold op de mouw gespeld?

a)

Werkwoordelijk gezegde

b)

Naamwoordelijk gezegde

c)

Lijdend voorwerp

6.

Wat is het onderstreepte zinsdeel?

Volgens mij is die trui van Eline jou veel te wijd

a)

Onderwerp

b)

Lijdend voorwerp

c)

Meewerkend voorwerp

d)

Werkwoordelijk gezegde

7.

Wat is het onderstreepte zinsdeel?

De kameleon is een bekende hagedissensoort geworden door de jeugdboeken over het motorbootje.

a)

Onderwerp

b)

Lijdend voorwerp

c)

Meewerkend voorwerp

d)

Deel van het naamwoordelijk gezegde

8.

Wat is het onderstreepte zinsdeel?

Wij verheugen ons samen met alle fans over de successen van het Nederlands korfbalteam.

a)

Onderwerp

b)

Deel van het werkwoordelijk gezegde

c)

Lijdend voorwerp

d)

Meewerkend voorwerp

9.

Eliane komt erg gespannen voor mij door die rode vlekken in haar hals

a)

Werkwoordelijk gezegde

b)

Naamwoordelijk gezegde

10.

Wat is het onderstreepte zinsdeel?

Jouw opa kan zich de Tweede Wereldoorlog nog herinneren.



a)

Bijwoordelijke bepaling

b)

Onderwerp

c)

Lijdend voorwerp

d)

Deel van het werkwoordelijk gezegde

11.

Wat is het onderstreepte zinsdeel?

Waarom moeten die wiskundetoetsen altijd zo moeilijk zijn?


a)

Bijwoordelijke bepaling

b)

Deel van het naamwoordelijk gezegde

c)

Deel van het werkwoordelijk gezegde

d)

Lijdend voorwerp

12.

Wat is het onderstreepte zinsdeel?


De zanger heeft na 40 jaar optreden zijn gitaar aan de wilgen gehangen.

a)

Voorzetsel voorwerp

b)

Deel van het naamwoordelijk gezegde

c)

Deel van het werkwoordelijk gezegde

d)

Lijdend voorwerp

13.

Wat is het onderstreepte zinsdeel?


De voorzitter van het NOC heeft de sporters hun medailles overhandigd.

a)

Onderwerp

b)

Lijdend voorwerp

c)

Meewerkend voorwerp

14.

Wat is het onderstreepte zinsdeel?


Ik had me ons eerste afspraakje eigenlijk heel anders voorgesteld.

a)

Lijdend voorwerp

b)

Onderwerp

c)

Meewerkend voorwerp

d)

Deel van het werkwoordelijk gezegde

15.

Wat is het onderstreepte zinsdeel?


Coach John moest sommige spelers altijd achter de vodden zitten.

a)

Lijdend voorwerp

b)

Deel van het naamwoordelijk gezegde

c)

Deel van het werkwoordelijk gezegde

d)

Onderwerp