wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Pathologie bewegingsstelsel

Total questions: 26

Worksheet time: 13mins

Name
Class
Date
1.

Artritis urica onstaat door

a)

Langdurige hypouricemie

b)

Langdurige hyperuricemie

2.

Bij artritis urica wordt

a)

1 gewricht getroffen

b)

Meerdere gewrichten getroffen

3.

Het meeste aangetast gewricht bij jicht is

a)

Knie

b)

Enkel

c)

Grote teen

4.

Hoe kan je een pt met een jichtaanval helpen?

a)

Hotpack

b)

Coldpack

c)

Dafalgan 1g

5.

Het synoviaal vlies ontsteekt

a)

Artrose

b)

Reumatoïde artritis

6.

Het kraakbeen raakt versleten en wordt ruw

a)

Artrose

b)

Reumatoïde artritis

7.

Op de afbeelding zien we

a)

Artrose

b)

Reumatoïde artritis

8.

Een belangrijke factor in het ontstaan van deze ziekte is overbelasting door bv obesitas of sport

a)

Artrose

b)

Reumatoïde artritis

9.

Patiënten hebben last van een langdurige ochtendstijfheid

a)

Artrose

b)

Reumatoïde artritis

10.

Patiënten hebben last van mechanische pijn

a)

Artrose

b)

Reumatoïde artritis

11.

De meest aangetaste gewrichten zijn de vingers

a)

Artrose

b)

Reumatoïde artritis

12.
Ander woord voor chronisch gewrichtsreuma =
a)
arteriosclerose
b)
reumatoïde artritis
c)
reuma
d)
Osteofyten
13.
Medicatie die bij reuma gebruikt wordt om het afweersysteem te versterken
a)
Ontstekingsremmers
b)
Polyfarmacie
c)
Biologicals
14.
Vergroeiingen door artrose noemen we..
a)
Osteofyten
b)
Synovium
c)
Scoliose
d)
Poreus bot
15.
Het ontstaan van artrose ....
a)
heeft te maken met erfelijkheid
b)
heeft te maken met het voedingspatroon
c)
is niet duidelijk waarom of waar het aan ligt.
d)
heeft te maken met de leefomstandigheden van de zorgvrager
16.

Onder osteoporose valt

a)

Zwakkere botten

b)

Veranderende botstructuur

c)

Stijfheid van gewrichten

17.

Wat is osteoperose?

a)

Aderverkalking

b)

Botontkalking

c)

Een breuk dat slecht is genezen

18.

We vinden calcium vooral terug in:

a)

vlees en vis

b)

Groenten en fruit

c)

Melk - en zuivelproducten

d)

Melk- en zuivelproducten, groene groenten

19.

Reumatoïde Artritis is een vorm van

a)

Artrose

b)

Wekedelen reuma

c)

Ontstekingsreuma

d)

Botontkalking

20.

Bij Artrose ontstaat er een verlies van

a)

Kraakbeen

b)

Glad spierweefsel

c)

Bindweefsel

d)

Synoviaal vocht

21.

Een systemische behandeling werkt

a)

Op het kraakbeen en het bot

b)

Op het bot

c)

Op het kraakbeen

d)

Op het gehele lichaam

22.

Fibromyalgie is een vorm van

a)

Artrose

b)

Wekedelen reuma

c)

Ontstekingsreuma

d)

Botontkalking

23.

Waar in het lichaamsdeel veroorzaakt de ziekte van Bechterew pijnklachten?

a)

In de wervelkolom en heupen

b)

In de grote teen en knieën

c)

In de wervelkolom en knieën

d)

In de handen en heupen

24.

De behandeling van ziekte van Bechterew bestaat uit

a)

Pijnstillers

b)

ontstekingsremmers

c)

Antireumamiddelen

d)

Bewegen

e)

Alle antwoorden zijn goed

25.

Osteoporose wordt niet vastgesteld door middel van

a)

gewrichtspunctie

b)

lichamelijk onderzoek

c)

röntgenfoto

d)

botdichtheidsmeting

26.

De meest gebruikte reumaremmer is

a)

Methotrexaat

b)

Ibuprofen

c)

Corticosteroïden

d)

Paracetamol