wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

§8.2 radioactiviteit

Total questions: 11

Worksheet time: 6mins

Name
Class
Date
1.

De atoomkern C-14 kan veranderen in kernen van N-14: Een isotoop die zelf niet radioactief is.


Welke bewering is waar?

a)

C-14 is stabiel, N-14 is instabiel

b)

C-14 en N-14zijn beide instabiel

c)

C-14 is instabiel, N-14 is stabiel

d)

C-14 en N-14 zijn beide stabiel

2.

In Pennsylvania, in de buurt van een vindplaats voor uraniumerts, zijn honderden huizen besmet met uitzonderlijk hoge concentraties radioactieve straling.

Marije beweert: “Uraniumerts is een natuurlijk voorkomend gesteente, dus noem je deze stof natuurlijk radioactief.”


Alec beweert: “Alleen voor natuurlijke radioactieve stoffen kun je gebruik maken van een geigerteller.”


Wie heeft of hebben gelijk of ongelijk?

a)

Marije en Alec hebben allebei gelijk

b)

Marije heeft ongelijk , Alec heeft gelijk

c)

Marije en Alec hebben allebei ongelijk

d)

Marijke heeft gelijk, Alec heeft ongelijk

3.

Gebruik je Binas.

Deze opgave gaat over vijf radioactieve isotopen:

Ag-110 – Cu-64 – I-131 – Na-22 – Sn-121


Van welke isotoop is na één dag:

geen meetbare hoeveelheid meer over?

a)

Na-22

b)

I-131

c)

Cu- 64

d)

Sn-121

e)

Ag-110

4.

Gebruik je Binas.

Deze opgave gaat over vijf radioactieve isotopen:

Ag-110 – Cu-64 – I-131 – Na-22 – Sn-121


Van welke isotoop is na één dag:

nog ongeveer één kwart over?

a)

Na-22

b)

I-131

c)

Cu-64

d)

Sn-121

e)

Ag-110

5.

Gebruik je Binas.

Deze opgave gaat over vijf radioactieve isotopen:

Ag-110 – Cu-64 – I-131 – Na-22 – Sn-121


Van welke isotoop is na één dag:

nog ongeveer de helft over?

a)

Na-22

b)

I-131

c)

Cu-64

d)

Sn-121

e)

Ag- 110

6.

Gebruik je Binas.

Deze opgave gaat over vijf radioactieve isotopen:

Ag-110 – Cu-64 – I-131 – Na-22 – Sn-121


Van welke isotoop is na één dag:

iets meer dan 90% over?

a)

Na-22

b)

I-131

c)

Cu-64

d)

Sn-121

e)

Ag-110

7.

Gebruik je Binas.

Deze opgave gaat over vijf radioactieve isotopen:

Ag-110 – Cu-64 – I-131 – Na-22 – Sn-121


Van welke isotoop is na één dag:

bijna alles nog over?

a)

Na-22

b)

I-131

c)

Cu-64

d)

Sn-121

e)

Ag- 110

8.

Na 1945 hebben verschillende landen kernproeven gedaan. Daarbij lieten ze atoombommen in de atmosfeer ontploffen. Bij de proeven kwam onder andere radioactief strontium-90 in de atmosfeer terecht.

Deze isotoop heeft een halveringstijd van 29 jaar. In 1980 is de laatste kernproef in de atmosfeer gehouden.


Hoeveel procent van het strontium-90 dat toen gevormd is, zal in 2030 nog in het milieu aanwezig zijn?

a)

meer dan 50%

b)

tussen de 25% en 50%

c)

tussen de 10% en 25%

d)

tussen de 5% en 10%

e)

minder dan 5%

9.

Gebruik je Binas.

In een laboratorium wordt gemeten hoeveel straling een stralingsbron uitzendt.

De hoeveelheid straling is gemeten in de eenheid becquerel (Bq) en is weergegeven is een grafiek.


Welk radioactief isotoop zou hiervoor gebruikt kunnen zijn?

a)

Ag-110

b)

Al-28

c)

N-13

d)

I-131

10.

In een ziekenhuis wordt 80 mg xenon-133 in een kluis opgeborgen.

De halveringstijd van deze radioactieve isotoop is 5,25 dagen.

Vul in.


Na drie weken is er nog ....... mg xenon-133 over.

a)

1

b)

3

c)

5

d)

7

11.

In een laboratorium wordt gemeten hoeveel straling een stralingsbron uitzendt.

De hoeveelheid straling is gemeten in de eenheid becquerel (Bq) en is weergegeven is een grafiek.


Wat is de halveringstijd van deze radioactieve stof?

a)

1 min

b)

1,5 min

c)

3 min

d)

6 min