wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Ka's geschiedenis 5 tm 10

Total questions: 28

Worksheet time: 21mins

Name
Class
Date
1.

Bij welk kenmerkend aspect past deze bron

a)

Uitbouw van de Europese oveerheersing, met name in plantage kolonien en de daarmee verbonden transatlantische slavenhandel en de opkomst van het abolitionisme

b)

Het beging van de Europese overzeese expansie

c)

De moderne vorm van imperialisme die verband hield met de industrualisatie

d)

De ontwikkeling van een pluriforme en multiculturele samenleving

2.

Welke kenmerkenden aspecten past hier het beste bij?

a)

De opkomst van emancipatiebewegingen

b)

Racisme en discriminatie die leidden tot genocide

c)

Het in praktijk brengen van totalitaire ideolgien, communisme en fascisme/nationaalsocialisme

d)

De opkomst van politiek-maatschappelijke stromingen nationalisme, liberalisme, socialisme, confessionalisme en feminisme

3.

Welk kenmerkend aspect is typerend voor deze bron?

a)

Het conflict in de Nederlanden dat resulteerde in de stichting van een Nederlandse staat

b)

Voortbestaan van het Ancien Regime met pogingen om het vorstelijk bestuur eigentijdse verlichte wijze vorm te geven (verlicht absolutisme)

c)

Het streven van vorsten naar absolute macht

d)

Vormen van verzet tegen het West-Europese imperialisme

4.

Met welke kenmerkende aspecten kan je deze foto het beste beschrijven

a)

De dekolonisatie die een eind maakte aan de westerse hegemonie in de wereld

b)

Vormen van verzet tegen het West-Europese imperialisme

c)

De moderne vorm van imperialisme die verband hield met de industrialisatie

d)

Het begin van de Europese overzeese expansie

5.

Noem het meest toepasselijke kenmerkende aspect

a)

Het veranderende mens- en wereldbeeld van de Renaissance en het begin van een nieuwe wetenschappelijke belangstelling

b)

Een hernieuwde orientatie op het erfgoed van de klassieke oudheid

c)

De wetenschappelijke revolutie

d)

Rationeel optimisme en een 'verlicht denken' dat werd toegepast op alle terreinen van de samenleving: godsdienst, politiek, economie en sociale verhoudingen (de Verlichting)

6.

Noem het bijpassende kenmerkende aspect

a)

Het voeren van twee wereldoorlogen

b)

Discriminatie en rascisme die leidde tot genocide

c)

Vormen van verzet tegen het West-Europese imperialisme

d)

De verdeling van de wereld in twee ideolgische blokken in de greep van een wapenwedloop en de daaruit voortvloeiende dreiging van een atoomoorlog

7.

Aan het eind van de middeleeuwen ontstond in de Italiaanse steden een nieuwe belangstelling. Dit verspreid zich over Europa

a)

De democratische revoluties in westerse landen met als gevolg discussies over grondwetten, grondrechten en staatsburgerschap

b)

Een hernieuwde orientatie op het erfgoed van de klassieke oudheid

c)

De protestantse reformatie die splitsing van de christelijke kerk in West-Europa tot gevolg had

d)

De wetenschappelijke revolutie

8.

Welk kenmerkend aspect past hier NIET bij

a)

Discussies over de 'sociale kwestie'

b)

De Industriele revolutie die in de westerse wereld de basis legde voor een industriele samenleving

c)

De opkomst van emancipatiebewegingen

d)

De moderne vorm van imperialisatie die verband hield met de industrialisatie

9.

Welk kenmerkende aspect past hier het beste bij?

a)

De Duitse bezetting van Nederland

b)

Racisme en discriminatie die leidden tot genocide

c)

De democratische revoluties in westerse landen met als gevolg discussies over grondwetten, grondrechten en staatsburgerschap

d)

De opkomst van emancipatiebewegingen

10.

Welk kenmerkende aspect is hier te zien

a)

De protestantse reformatie die splitsing van de christelijke kerk in West-Europa tot gevolg had

b)

De bijzondere plaats en de bloei van de Republiek in staatkundig, economisch en cultureel opzicht

c)

Het conflict in de Nederlanden dat resulteerde in de stichting van een Nederlandse staat

d)

Rationeel optimisme en een 'verlicht denken' dat werd toegepast op alle terreinen van de samenleving: godsdienst, politiek, economie en sociale verhoudingen (de Verlichting)

11.

Welk kenmerkend aspect past bij de bron

a)

De dekolonisatie die een eind maakte aan de westerse hegemonie in de wereld

b)

De ontwikkeling van een pluriforme en multiculturele samenleving

c)

Geen van alle

d)

De eenwording van Europa

12.
a)

De ontwikkeling van een pluriforme en multiculturele samenleving

b)

De toenemende westerse welvaart die vanaf de jaren 60 aanleiding gaf tot ingrijpende sociaalculturele veranderingsprocessen

c)

De opkomst van emancipatiebewegingen

d)

Voortschrijdende democratisering met deelname van steeds meer mannen en uiteindelijk ook vrouwen

13.

Welk kenmerkende aspect is gekoppeld aan deze bron

a)

Voortbestaan Ancien Regime met pogingen om het vorstelijk bestuur eigentijdse verlichte wijze vorm te geven (verlicht absolutisme)

b)

De bijzondere plaats en de bloei van de Republiek in staatkundig, economisch en cultureel opzicht

c)

De democratische revoluties in westerse landen met als gevolg discussies over grondwetten, grondrechten en staatsburgerschap

d)

Voortschrijdende democratisering met deelname van steeds meer mannen en uiteindelijk ook vrouwen aan het politiek proces

14.

Op de bron is een beeldenstorm te zien, bij welk kenmerkende aspect past dit

a)

De protestantse reformatie die splitsing van de christelijke kerk in West-Europa tot gevolg had

b)

Het streven van vorsten naar absolute macht

c)

De democratische revoluties in westerse landen met als gevolg discussies over grondwetten, grondrechten en staatsburgerschap

d)

Het conflict in de Nederlanden dat resulteerde in de stichting van een Nederlandse staat

15.

Welk kenmerkend aspect hoort hier NIET tussen

a)

De moderne vorm van imperialisme die verband hield met de industrialisatie

b)

Wereldwijde handelscontacten, handelskapitalisme en het begin van een wereldeconomie

c)

Uitbouw van de Europese overheersing, met name in de vorm van plantagekolonien en de daarmee verbonden transatlantische slavenhandel en de opkomst van het abolitionisme

d)

Het begin van de Europese overzeese expansie

16.
a)

Het in praktijk brengen van de totalitaire ideologien: communisme en fascisme/nationaalsocialisme

b)

De crisis van het wereldkapitalisme

c)

De rol van moderne propaganda- en communicatiemiddelen en vormen van massaorganisatie

d)

Het voeren van twee wereldoorlogen

17.

Wat is het MEEST toepasselijke kenmerkende aspect voor deze bron

a)

Verwoesting op niet eerder vertoonde schaal door massavernietigingswapens en de betrokkenheid van de burgerbevolking bij oorlogvoering

b)

Het voeren van twee wereldoorlogen

c)

De Duitse bezetting van Nederland

d)

De verdeling van de wereld in twee ideologische blokken in de greep van een wapenwedloop en de daaruit voortvloeiende dreiging van een atoomoorlog

18.
a)

Uitbouw van de Europese overheersing, met name in de vorm van plantagekolonien en de daarmee verbonden transatlantische slavenhandel en de opkomst van het abolitionisme

b)

het begin van de europese overzeese expansie

c)

De moderne vorm van imperialisme die verband hield met de industrialisatie

d)

Wereldwijde handelscontacten, handelskapitalisme en het begin van een wereldeconomie

19.

Welk kenmerkend aspect is het beste te zien in deze bron

a)

De opkomst van emancipatiebewegingen

b)

Discussies over de 'sociale kwestie'

c)

De Industriele Revolutie die in de westerse wereld de basis legde voor een industriele samenleving

20.
a)

De opkomst van de politiek-maatschappelijke stromingen nationalisme, liberalisme, socialisme, confessionalisme en feminisme

b)

De toenemende westerse welvaart die vanaf de jaren 60 van de 20ste eeuw aanleiding gaf tot ingrijpende sociaalculturele veranderingsprocessen

c)

De opkomst van emancipatiebewegingen

d)

Voorschrijdende democratisering met deelname van steeds meer mannen en uiteindelijk ook vrouwen aan het politiek proces

21.
a)

Uitbouw van de Europese overheersing, met name in de vorm van plantagekolonien en de daarmee verbonden transatlantische slavenhandel en de opkomt van het abolitionisme

b)

Het begin van de Europese overzeese expansie

c)

De bijzondere plaats en de bloei van de Republiek in staatkundig, economisch en cultureel opzicht

22.

Het juiste kenmerkende aspect bij deze bron is ''De Wetenschappelijke Revolutie'' , en bij welke tijd hoort deze

a)

Waar

b)

Niet waar

c)

1600-1700

d)

+- 1500-1600

23.

Op het spandoek staat ''Wij broeders strijden samen naar het algemene kiesrecht'', combineer het KA met de tijd

a)

Voortschrijdende democratisering met deelname van steeds meer mannen en uiteindelijk ook vrouwen aan het politiek proces

b)

De opkomst van politiek-maatschappelijke stromingen

c)

1800-1900

d)

1900-1950

24.

Welk kenmerkend aspect hoort hier het beste bij

a)

De crisis van het wereldkapitalisme

b)

De rol van moderne propaganda- en communicatiemiddelen en vormen van massaorganisatie

25.

Op de foto is Bismarck afgebeeld die op de conferentie van Berlijn Afrika verdeeld, welk kenmerkende aspect past hier bij

a)

Vormen van verzet tegen het West-Europese imperialisme

b)

De moderne vorm van imperialisme die verband hield met de industrialisatie

c)

De verdeling van de wereld in twee ideologische blokken

26.

Welk kenmerkend aspect past hier het BESTE bij

a)

Het in praktijk brengen van de totalitaire ideologien: communisme en fascisme/nationaalsocialisme

b)

Het voeren van 2 wereldoorlogen

c)

Racisme en discriminatie die leidden tot genocide

27.

Is het kenmerkende aspect ''het in praktijk brengen van de totalitaire ideologien: communisme en fascisme/nationaalsocialisme'' bij deze bron toepasselijk

a)

Ja

b)

Nee

28.

Let bij je antwoord ook op het TIJDVAK

a)

Verwoesting op niet eerder vertoonde schaal door massavernietigingswapens en de betrokkenheid van de burgerbevolking bij oorlogvoering (tijdvak 9)

b)

Verwoesting op niet eerder vertoonde schaal door massavernietigingswapens en de betrokkenheid van de burgerbevolking bij oorlogvoering (tijdvak 10)

c)

Het voeren van 2 wereldoorlogen (tijdvak 9)