wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

5V - einde jaar

Total questions: 21

Worksheet time: 21mins

Name
Class
Date
1.

Tot welke klasse van organische verbindingen hoort dit molecuul?

a)

alcoholen

b)

aldehyden

c)

carbonzuren

d)

ketonen

2.

Gegeven is de volgende reactievergelijking:

CaO (s) + H2O (l) → Ca2+ (aq) + 2 OH (aq)

Wat voor soort reactie is dit?

a)

oplosreactie

b)

redoxreactie

c)

zuur-base reactie

d)

eliminatiereactie

3.

Welk deeltje is een oxidator in de volgende reactie:

SO2 (g) + 2 H2O (l) + I2 → SO42– + 4 H+ + 2 I

a)

SO2

b)

H2O

c)

I2

d)

I

4.

Wat is de pH van een oplossing van 1,23 ∙ 10–3 M zoutzuur.

a)

-2,91

b)

0,00123

c)

2,91

d)

3,91

5.

Welke van onderstaande reacties is een redoxreactie ?

I) Mg + 2 H3O+ --> Mg2+ + H2 + 2 H2O

II) Cu2+ + 2 Cl- --> Cu + Cl2

a)

alleen I

b)

alleen II

c)

I en II

d)

geen van beide

6.

Welke 0,10 M oplossing van onderstaande zouten in water heeft de laagste pH?

a)

NaCl

b)

NaNO2

c)

NH4Cl

d)

NH4NO2

7.

Welke van onderstaande verbindingen heeft de grootste molaire massa?

a)

benzeen

b)

hexaan

c)

hex-1-een

d)

hex-1-yn

8.

Welke van onderstaande zuren is een sterk zuur?

a)

HBr

b)

H2CO3

c)

H3PO3

d)

HSO4

9.

Tot welke klasse van organische verbindingen hoort dit molecuul?

a)

alcoholen

b)

aldehyden

c)

carbonzuren

d)

ketonen

10.

Wat is de pH van een oplossing van 0,01 M Ba(OH)2?

a)

2,0

b)

1,7

c)

12,0

d)

12,3

11.

Welke van onderstaande beweringen in JUIST?

a)

De reactie tussen natronloog en zoutzuur is:

H3O+ + OH --> 2 H2O

b)

De reactie tussen natronloog en zoutzuur is een evenwichtsreactie

c)

De reactie tussen natronloog en zoutzuur is:

NaOH + HCl --> NaCl + H2O

12.

Welk paar is GEEN geconjugeerd zuur-base koppel?

a)

H3O+ / H2O

b)

H2PO4- / HPO42-

c)

H2CO3 / CO32-

d)

HSO4- / SO42-

13.

Welke van de onderstaande beweringen is JUIST?

a)

De reactie tussen azijnzuur en natronloog is:

CH3COOH + NaOH --> CH3COONa + H2O

b)

De reactie tussen azijnzuur en natronloog is:

CH3COOH + OH- --> CH3COO- + H2O

c)

De reactie tussen azijnzuur en natronloog is:

H3O+ + OH- --> 2 H2O

14.

Een oplossing van natriummonowaterstoffosfaat (Na2HPO4) heeft een pH....

a)

... van 7,0

b)

... groter dan 7,0

c)

... kleiner dan 7,0

15.

Geef de molecuulformule

a)

C6H14

b)

C6H12

c)

C6H10

d)

C6H8

16.

Van wat voor soort reactie is hier het mechanisme weergegeven?

a)

additie-reactie

b)

polymerisatie-reactie

c)

radicaal-reactie

d)

substitutie-reactie

17.

Welke van de volgende 0,1 M oplossingen heeft de hoogste pH?

a)

HCl

b)

HCOOH

c)

HF

d)

H3PO4

18.

Welke van onderstaande reactiemechanismen is dat van een SN2 reactie?

a)
b)
c)
d)
19.

Welke van de onderstaande drie modellen is juist?

a)
b)
c)
20.

Welke van onderstaande zuren is een zwak zuur?

a)

HBr

b)

HCl

c)

HF

d)

HI

21.

Welke van onderstaande reactiemechanismen is dat van een E2 reactie?

a)
b)
c)
d)