wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

1KGT 2.5 woordenlijst

Total questions: 15

Worksheet time: 15mins

Name
Class
Date
1.

aangrijpend

a)

vasthouden

b)

dramatisch en ontroerend

c)

heel bijzonder en wat de aandacht trekt

d)

saai

2.

agressief

a)

gewelddadig, als je snel geweld gebruikt

b)

verbaasd en in de war

c)

dramatisch en ontroerend

d)

heel aardig

3.

opgelucht

a)

opgeblazen

b)

verbaasd en in de war

c)

helemaal op je gemak zijn, ergens blij mee zijn

d)

geen zorgen meer hebben

4.

attent

a)

met zorg en aandacht voor anderen

b)

perfect, foutloos

c)

geen zorgen meer hebben

d)

heel goede vriendschap

5.

indrukwekkend

a)

wat veel indruk maakt, groots

b)

manier waarop iets verandert

c)

dramatisch en ontroerend

d)

perfect, foutloos

6.

het resultaat

a)

uitkomst, dat wat iets oplevert

b)

wat veel indruk maakt, groots

c)

geen zorgen meer hebben

d)

meestal, in de meeste gevallen

7.

meetellen

a)

samen tellen

b)

erbij horen, belangrijk zijn

c)

heel goede vriendschap

d)

resultaat van een onderzoek of som. dat wat iets oplevert

8.

accepteren

a)

met elkaar praten, informatie overbrengen

b)

iets of iemand goed vinden, aanvaarden

c)

iets of iemand stom vinden

d)

vragen om iets te krijgen

9.

over (in) het algemeen

a)

nooit

b)

met zorg en aandacht voor anderen

c)

meestal, in de meeste gevallen

d)

wat je als eerste voorstelt of doet

10.

het initiatief

a)

wat je als eerste voorstelt of doet

b)

meestal, in de meeste gevallen

c)

manier waarop iets verandert

d)

wachten tot het laatst

11.

iemand confronteren met iets

a)

iemand iets laten weten of laten zien wat hij liever niet weet of ziet

b)

wat je als eerste voorstelt of doet

c)

vragen om iets te krijgen

d)

iets doen of zeggen om een reactie uit te lokken

12.

spectaculair

a)

heel bijzonder en wat aandacht trekt

b)

verbaasd en in de war

c)

perfect, foutloos

d)

dramatisch en ontroerend

13.

in je element zijn

a)

in je huis zijn

b)

helemaal op je gemak zijn, ergens blij mee zijn

c)

gewelddadig, als je snel geweld gebruikt

d)

geen zorgen meer hebben

14.

communiceren

a)

iets of iemand goed vinden, aanvaarden

b)

vragen om iets te krijgen

c)

erbij horen, belangrijk zijn

d)

met elkaar praten, informatie overbrengen

15.

je hart uitstorten

a)

alles zeggen wat je dwarszit

b)

het gevoel raken met iets wat heel mooi of verdrietig is

c)

geen zorgen meer hebben

d)

alles voor jezelf houden