wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

H1.3 vanaf 'unie van staatjes'

Total questions: 11

Worksheet time: 6mins

Name
Class
Date
1.

Waardoor konden Holland en Zeeland zich juist vanaf 1576 economisch gezien sterk ontwikkelen?

a)

omdat vanaf dat jaar de Tachtigjarige Oorlog zich buiten Holland en Zeeland afspeelde

b)

toen viel Antwerpen in Spaanse handen

c)

vanwege de Unie van Utrecht van dat jaar

d)

omdat boeren toen hun feodale verplichtingen van zich afschudden

2.

Wat past NIET bij de moedernegotie?

a)

graanhandel

b)

Oostzeegebied

c)

ontstond in de 17de eeuw

d)

Hollandse kooplieden

e)

pakhuizen

3.

Wat is GEEN gunstig economisch gevolg van de moedernegotie voor Holland?

a)

er werd veel kapitaal verdiend

b)

Holland creëerde een uitgebreid handelsnetwerk

c)

het stimuleerde nijverheid in Nederland

d)

de landbouw kon zich specialiseren

e)

Antwerpen werd steeds minder belangrijk

4.

Wat is GEEN product dat hoort bij de commerciële landbouw?

a)

hennep

b)

tarwe

c)

koolzaad

d)

vlas

5.

Welke twee gewesten waren rond 1580 het rijkste van de lage Landen?

a)

Holland en Utrecht

b)

Holland en Brabant

c)

Vlaanderen en Holland

d)

Vlaanderen en Brabant

6.

Wat is GEEN gevolg van de val van Antwerpen (1585)?

a)

de handel in specerijen bloeide op

b)

kooplieden vluchtten naar Amsterdam

c)

de Schelde werd afgesloten

d)

arbeiders vluchtten naar het noorden

7.

Waardoor stonden in de Republiek handelsbelangen voorop?

a)

regenten waren van burgerlijke afkomst

b)

regenten hadden nauwe contacten met kooplieden

c)

regenten waren calvinistisch

d)

regenten vormden een oligarhcie

8.

Waarom richtten de Staten-Generaal de VOC op in 1602?

a)

om voor het eerst met Oost-Indië te gaan handelen

b)

om kaapvaart te bedrijven tegen Spanje

c)

om plantageproducten in Oost-Indië te verbouwen

d)

om onderlinge concurrentie tegen te gaan

9.

Wat was GEEN manier waarop steden probeerden om migranten te lokken?

a)

betaalbare woonruimte

b)

verlenen van politieke inspraak

c)

religieuze vrijheden verlenen

10.

Waar werd door Nederland met de handel het meeste geld verdiend?

a)

Europa

b)

Azie

c)

Amerika

d)

Afrika

11.

Wat past NIET bij de culturele bloei van de Republiek?

a)

bloeiende schilderkunst

b)

vraag naar boeken en drukwerk

c)

bloeiende wetenschap

d)

volledige godsdienstvrijheid