wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

3TL 3.2 Planten

Total questions: 12

Worksheet time: 6mins

Name
Class
Date
1.

Met deze letter wordt het orgaan aangegeven dat als functie 'voortplanten' heeft.

a)

A

b)

B

c)

C

d)

D

2.

Wat is de juiste formule voor fotosynthese?

a)

koolstofdioxide + zuurstof + zonlicht --> glucose + water

b)

water + zuurstof + zonlicht --> glucose + koolstofdioxide

c)

water + koolstofdioxide --> glucose + zuurstof

d)

koolstofdioxide + water + zonlicht --> glucose + zuurstof

3.

Je ziet hier een dwarsdoorsnede van een blad. In welk weefsel worden de meeste bladgroenkorrels gevonden?

a)

1

b)

2

c)

3

d)

4

4.

Je ziet hier een schematische tekening van de doorsnede van een stengel. Welke letter wijst een bastvat aan?

a)

Letter a

b)

Letter b

c)

Letter c

5.

Wat is geen kenmerk van een houtvat?

Let op: meerdere antwoorden zijn mogelijk.

a)

Hierdoor stroomt water met mineralen uit de wortels omhoog.

b)

Hierdoor stroomt water met glucose en andere voedingsstoffen voedingsstoffen vanuit de bladeren naar de andere delen van de plant.

c)

Ze liggen aan de binnenkant van een vaatbundel.

d)

Ze liggen aan de buitenkant van een vaatbundel.

6.

Hoe komt het dat water uit de grond boven in de plant komt?

a)

De bastvaten vervoeren het water richting het blad.

b)

Dat komt door de zuigkracht in de bladeren.

c)

Dat komt door fotosynthese.

7.

Zie je hier een dwarsdoorsnede van een weefsel of een orgaan?

a)

Weefsel

b)

Orgaan

8.

In informatie 7 staat, dat vaten in de aardappelplant verstopt raken als gevolg van de verwelkingsziekte. Welke vaten raken dan verstopt?

a)

Alleen de bastvaten

b)

Alleen de houtvaten

c)

Zowel de bastvaten als de houtvaten

9.

De watergentiaan heeft bladeren die op het water drijven. Waar zitten de huidmondjes bij zulke bladeren?

a)

alleen aan de bovenzijde van het blad

b)

alleen aan de onderzijde van het blad

c)

aan beide zijden van het blad

10.

Stofzaad is een zeldzame plantensoort met een geel-witte stengel en geel-witte, schubvormige blaadjes. In en om de wortels van de stofzaadplant groeit een bepaalde schimmel. Deze schimmel neemt stoffen op uit de bodem en geeft die door aan de wortels van de stofzaadplant. Dezelfde schimmel groeit ook door tot in de wortels van een boom in de buurt. Uit de wortels van die boom neemt de schimmel een stof op die de stofzaadplant niet zelf kan maken. Deze stof geeft de schimmel ook door aan de stofzaadplant.


Enkele stoffen zijn: glucose, koolstofdioxide, mineralen en water.


Welke van deze stoffen worden door de schimmel opgenomen uit de bodem en doorgegeven aan de stofzaadplant? (Let op: meerdere antwoorden zijn mogelijk.)

a)

Glucose

b)

Koolstofdioxide

c)

Mineralen

d)

Water

11.

De schimmel die de iepenziekte veroorzaakt, verspreidt zich via de houtvaten steeds verder in de boom. De houtvaten raken verstopt en binnen een jaar sterft de boom.


Wordt door het verstoppen van de houtvaten het transport van water geremd?

En wordt het transport van mineralen geremd?

a)

Het transport van water en van mineralen wordt niet geremd.

b)

Alleen het transport van water wordt geremd.

c)

Alleen het transport van mineralen wordt geremd.

d)

Zowel het transport van water als van mineralen wordt geremd.

12.

Door gangen te boren in de stengel van een maïsplant kunnen rupsen het vervoer van water, mineralen en suikers verstoren


Verstoort de Europese maïsboorder het vervoer in de bastvaten? En in de houtvaten?

a)

Alleen in de bastvaten

b)

Alleen in de houtvaten

c)

Zowel in de houtvaten als de bastvaten.