wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

H3 Zintuigen (Nectar) klas 1

Total questions: 23

Worksheet time: 12mins

Name
Class
Date
1.

Dit onderdeel werkt samen met je zintuigen

a)

waar

b)

niet waar

2.
Hoeveel verschillende soorten zintuigen kennen we?
a)
3 namelijk in je oog, oor en neus
b)
4 namelijk in je oog, oor, neus en huid
c)
5 namelijk in je oog, neus, oor, huid en mond
d)
6 namelijk in je oor, huid, oog, neus, mond en tong
3.
Iets waar je zintuigen op reageren heet een ...
a)
Impuls
b)
Seintje
c)
Prikkel
d)
Zenuw
4.
Bewust worden gebeurt in de spieren.
a)
Juist
b)
Onjuist
5.
De weg die een geurstof tot aan de hersenen moet maken is:
1: Langs het neus-slijmvlies
2: Langs het reuk-zenuw
3: Langs de reuk-zintuigcellen
4: Hersenen
a)
Juist
b)
Onjuist
6.
De verschillende smaken die de smaak zintuigcellen kunnen onderscheiden zijn:
a)
Zuur, Zout, Zoet
b)
Zuur, Zout, Zoet, Pittig
c)
Pittig, Bitter, Zoet, Zout
d)
Zoet, Zout, Zuur, Bitter
7.
Bij welk zintuig hoort deze afbeelding?
a)
Gehoor-zintuig
b)
Gezichts-zintuig
c)
Reuk-zintuig
d)
Smaak-zintuig
8.
Vanaf hoeveel decibel kan er gehoorschade optreden?
a)
60
b)
70
c)
80
d)
90
9.
Wat is de functie van oorsmeer?
a)
Vochtig houden van het trommelvlies
b)
Soepel houden van het trommelvlies
c)
Zorgt ervoor dat het trommelvlies niet kan bewegen
d)
Geeft het trommelvlies een gele kleur
10.
Hier bevindt zich het gehoorzintuig.
a)
Trommelvlies
b)
Gehoorbeentjes
c)
Slakkenhuis
d)
Buis van Eustachius
11.
Wimpers zorgen ervoor dat het zweet niet in je ogen loopt.
a)
Juist
b)
Onjuist
12.
Met dit deel van het oog kan je scherp zien.
a)
Iris
b)
Pupil
c)
Harde oogvlies
d)
Lens
13.
In deze laag van het oog liggen de meeste bloedvaten.
a)
Harde oogvlies
b)
Vaatvlies
c)
Netvlies
14.
Langs welke weg gaat het licht van het oog-zintuig?
a)
Hoornvlies-pupil-lens-glasachtige lichaam-netvlies
b)
Glasachtige lichaam-netvlies-pupil-lens-hoornvlies
c)
Hoornvlies-lens-netvlies
d)
Lens-pupil-hoornvlies-netvlies-glasachtige lichaam
15.
Met deze vlek kan je niets zien.
a)
Gele vlek
b)
Blinde vlek
c)
Lege vlek
d)
Zenuw vlek
16.
De pupil is eigenlijk een opening in plaats van een zwart gedeelte.
a)
Juist
b)
Onjuist
17.
Een ander woord voor impuls is ...
a)
Zenuw
b)
Prikkel
c)
Seintje
d)
Reactie
18.
Wat zijn zintuigen?
a)
ogen, oren, mond, neus, huid, handen
b)
ogen, mond, oren, huid, neus
c)
ogen, oren, mond, huid, neus, voeten
d)
ogen, oren, mond, huid, neus, gevoel
19.
Je zintuigen nemen
a)
taken waar
b)
mensen waar
c)
prikkels waar
d)
iets op
20.
Elk zintuig is gevoelig voor
a)
dezelfde prikkel
b)
geen prikkel
c)
veel prikkels
d)
een eigen prikkel
21.
In de zintuigen wordt van een prikkel een
a)
taak gemaakt
b)
afdruk gemaakt
c)
impuls gemaakt
d)
inpuls
22.
Een impuls gaat door je zenuwen naar
a)
je zintuigen
b)
je botten
c)
je spieren
d)
je hersenen
23.
Zenuwen zitten
a)
nergens in je lichaam
b)
overal in je lichaam
c)
ergens in je lichaam
d)
ergens buiten je lichaam