wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

2VWO Hoofdstuk 8 oppervlakte

Total questions: 36

Worksheet time: 3hrs 0mins

Name
Class
Date
1.

Wat is van deze parallellogram de oppervlakte?

a)

a x b

b)

a x h

c)

b x h

d)

a x b x h

2.

Reken van deze driehoek de oppervlakte uit:

a)

12 cm2

b)

16 cm2

c)

32 cm2

d)

64 cm2

3.

Wat is hier de oppervlakte van deze driehoek?

a)

70 cm2

b)

35 cm2

c)

63 cm2

d)

126 cm2

4.

Reken hier de oppervlakte van uit:

a)

108 cm2

b)

180 cm2

c)

90 cm2

d)

54 cm2

5.

Reken hier de oppervlakte van uit:

a)

24 cm2

b)

48 cm2

c)

30 cm2

d)

60 cm2

6.

Welke berekening hoort bij de oppervlakte is van deze parallellogram:

a)

2 x 1,8 = 3,6 m2

b)

2 X 2,5 = 5 m2

c)

2,5 x 1,8 = 4,5 m2

d)

2,5 x 2 x 1,8 = 9 m2

7.

Wat is de oppervlakte van deze parallellogram?

a)

2 cm2

b)

6 cm2

c)

18 cm2

d)

72 cm2

8.

Wat is de oppervlkate van deze parallellogram?

a)

22,5 cm2

b)

40 cm

c)

40 cm2

d)

44 cm2

e)

44 cm

9.

Wat is de oppervlakte van deze parallellogram?

a)

4 x 5 = 20 cm2

b)

5 + 5 + 4 + 4 = 18 cm

c)

4 x 4 = 16 cm2

d)

5 x 5 = 25 cm2

10.

Hoe groot is de oppervlakte van deze parallellogram?

a)

4 x 5 = 20 cm2

b)

4 x 3 = 12 cm2

c)

4 x 4 = 16 cm2

d)

3 x 5 = 15 cm2

11.

Wat is de oppervlakte van deze driehoek?

a)

120 cm2

b)

60 cm2

c)

168 cm2

d)

84 cm2

12.

De oppervlakte van ABCD bereken je door

a)

17 x 15

b)

20 x 17

c)

15 x 20

d)

1/2 x 15 x 20

13.
Wat is de oppervlakte van de driehoek?
a)
672 cm2
b)
336 cm2
c)
480 cm2
d)
240 cm2
14.

Wat is de oppervlakte van de driehoek?

a)

7,5 cm2

b)

8 cm2

c)

12,5 cm2

d)

15 cm2

15.

Bereken de oppervlakte

a)

10 cm2

b)

0,2 dm2

c)

20 cm

d)

200 mm2

16.

Bereken de oppervlakte van een cirkel met een diameter van 10 meter

a)

314,16 m2

b)

78,54 m2

c)

78,53 m2

d)

314,15 m2

17.

Een fietswiel heeft een straal van 70 cm. Hoeveel meter legt de fietser af als het wiel 2 keer rondgaat.

a)

4,4

b)

879,6

c)

8,8

d)

439,8

18.

Bereken de straal van een cirkel met een omtrek van 314,16 meter.

a)

10 m

b)

5 m

c)

2,5 m

d)

31,4 m

19.

Om een ronde vijver met een diameter van 5 meter komt een pad van 2 m breed. Aan de buitenkant van het pad komt een hek. Hoeveel meter hek is nodig?

a)

6,28 m

b)

15,71 m

c)

21,99 m

d)

28,27 m

20.

Bereken de oppervlakte. Rond af op twee decimalen.  \   

a)

 380,13 cm2380,13\ cm^2  

b)

 150,53 cm2150,53\ cm^2  

c)

 69,12 cm269,12\ cm^2  

d)

 138,23 cm2138,23\ cm^2  

21.

Bereken de omtrek. Rond af op twee decimalen.

a)

25,13 cm

b)

12,57 cm

c)

50,27 cm

d)

201,06 cm

22.

Een cirkel heeft een diameter van 120 dm. Bereken de oppervlakte van de cirkel in  m2m^2 . Rond af op een geheel getal.

a)

113

b)

45239

c)

452

d)

38

e)

11310

23.

Bereken de oppervlakte van de cirkel in hele mm2

a)

113

b)

11

c)

11310

d)

1131

24.

Bereken de oppervlakte van het rode deel.

a)

65,97 cm2

b)

314,16 cm2

c)

50,27 cm2

d)

113,10 cm2

25.

In een rechthoekige tuin van 10 meter bij 14 meter ligt een cirkelvormig terras met een straal van 2 meter.

Bereken de oppervlakte van het gras.

a)

140 m2

b)

12,57 m2

c)

127,43 m2

d)

153,94 m2

26.

Bereken de oppervlakte van de opening van het vogelhuisje.

a)

7,07 cm2

b)

28,27 cm2

c)

113,10 cm2

d)

90 cm2

27.

De diameter van de band is 68 cm.

Bereken de omtrek van de band.

a)

106,8 cm

b)

213,6 cm

c)

3631,7 cm

d)

14526,7 cm

28.

Welk teken wordt in de wiskunde gebruikt voor pi?

a)

Ω

b)

λ

c)

£

d)

π

e)

§

29.

Bereken de oppervlakte van driehoek KLM. Rond af op hele.

a)

22

b)

19

c)

28

d)

32

30.

AB=6cm. AC=BC=7 cm. Bereken oppervlakte van ABC.

Rond af op één decimaal.

a)

21,0 cm2

b)

19,0 cm2

c)

23,8 cm2

d)

37,9 cm2

31.

Een driehoek heeft een oppervlakte van 162 cm2.

De zijde waar de hoogte op staat is 27 cm.

Bereken de hoogte.

a)

6 cm

b)

12 cm

c)

54 cm

d)

132 cm

32.

In een groet cirkel zitten twee evengrote kleine cirkels. De diamter van de kleine cirkels is 3 cm. Bereken de oppervlakte van het het blauwe vlak.

a)

7,07 cm2

b)

14,14 cm2

c)

28,27 cm2

d)

Weet ik niet

33.

Een gelijkijzige driehoek heeft zijden van 5 cm.

Bereken de oppervlakte, afgerond op helen.

a)

25 cm2

b)

15 cm2

c)

22 cm2

d)

11 cm2

34.

Welke antwoorden zijn goed?

2,7 dam2 =

a)

27 m2

b)

270 m2

c)

0,27 hm2

d)

0,00027 km2

e)

27000 dm2

35.

Marieke snijdt een cirkelvormige taart in precies 8 gelijke punten. De diameter van de taart is 28 cm.

Wat is de oppervlakte van één punt?

a)

5 cm2

b)

44 cm2

c)

77 cm2

d)

308 cm2

36.

De oppervlakte van parallellogram VWXY is 480 cm2.

Bereken de lengte van zijde WX afgerond op hele cm.

a)

120 cm

b)

31 cm

c)

26 cm

d)

7 cm