Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Renaissance en humanisme

Total questions: 16

Worksheet time: 8mins

Name
Class
Date
1.

De renaissance bespreken we in tijdvak 5. Welke jaartallen passen bij dit tijdvak?

a)

500 - 1000

b)

1000 - 1500

c)

1500 - 1600

d)

1600 - 1700

2.

Welk kenmerkend aspect hoort niet bij tijdvak 5?

a)

Veranderende mens- en wereldbeeld en nieuw wetenschappelijke belangstelling.

b)

Begin van de Europese overzeese expansie.

c)

Hernieuwde oriëntatie op de Klassieke Oudheid

d)

De expansie van de christelijke wereld naar buiten toe, onder andere in de vorm van kruistochten

3.

Welke volgorde is correct (van oud naar nieuw).

a)

3-1-2

b)

2-1-3

c)

3-2-1

d)

2-3-1

4.

Wat betekent Renaissance letterlijk?

a)

Wederopstanding

b)

Wedergeboorte

c)

Gedenk te sterven

d)

Herleving

5.

De uitspraak Memento Mori past bij de Renaissance

a)

Juist

b)

Onjuist

6.

De Renaissance mensen hadden veel bewondering voor

a)

De Grieken en Romeinen

b)

De middeleeuwse mens

c)

De geestelijkheid

d)

De adel

7.

Welk kenmerk past niet bij de Renaissance?

a)

Belangstelling voor onderzoek en wetenschap

b)

Individualiteit van de mens

c)

Erfgoed Klassieke Oudheid

d)

Georiënteerd op het leven na de dood

8.

Voor mensen in de Renaissance speelde het christelijke geloof geen rol van betekenis meer aangezien de individuele mens was nog belangrijk.

a)

Juist

b)

Onjuist

9.

De ideeën van de renaissance leefde vooral bij

a)

De geestelijkheid

b)

De elite

c)

Het gewone volk

d)

De vrouwen en slaven

10.

Welk kenmerk past niet bij het humanisme

a)

Literaire en wetenschappelijke stroming

b)

Bestudering van klassieke teksten

c)

Emoties tonen in kunst

d)

Kritiek op de Vulgaat

11.

Waar had Erasmus in zijn werk Lof der Zotheid kritiek op?

a)

De christelijke kerk

b)

De adel

c)

De handelselite

d)

De boeren

12.

Wat was geen speerpunt van Erasmus?

a)

Onderzoek op basis van oorspronkelijke bronnen

b)

Een bijbel in de Volkstaal

c)

Het zuivere van de kerkelijke leer

d)

Het oprichten van een nieuwe kerkstroming

13.

Welk kenmerk past niet bij een Homo universalis?

a)

Renaissance-ideaal

b)

Mens kan alles doe wat hij maar wil

c)

Persoon die zich op alle gebieden ontwikkelt

d)

Persoon die één specifiek talent heeft

14.

Dit kunstwerk past bij de

a)

Middeleeuwen

b)

Renaissance

15.

Dit kunstwerk past bij de

a)

Middeleeuwen

b)

Renaissance

16.

Deze kerk is gebouwd in de

a)

Middeleeuwen

b)

Renaissance