wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Formatieve meting 19e eeuwse kunst

Total questions: 40

Worksheet time: 20mins

Name
Class
Date
1.

Dit komt uit welke eeuw?

a)

18e eeuw

b)

10e eeuw

c)

20e eeuw

d)

19e eeuw

2.

Tot welke stroming hoort dit schilderij?

a)

impressionisme

b)

realisme

c)

pointillisme

d)

classicisme

3.

Welke stroming zet zich af tegen de romantiek?

a)

Pointillisme

b)

classicisme

c)

realisme

d)

impressionisme

4.

Welke van deze termen hoort hier niet thuis

a)

vlotte toets

b)

schilderen van het moment

c)

classicisme

d)

tube olieverf

5.

Op welke manier kun je zien dat er bij dit schilderij gebruik gemaakt is van fotografie?

a)

nadruk op moment van de dag-afsnijding-hoge horizon

b)

afsnijding-momentopname-nadruk op moment van de dag

c)

momentopname-afsnijding-drukte

d)

drukte-alledaags tafereel-afsnijding

6.

Dit werk behoort tot

a)

neo classicisme

b)

romantiek

c)

impressionisme

d)

realisme

7.

Dt werk van Goya behoort tot

a)

Neo-classicisme

b)

Romantiek

c)

Realisme

d)

Impressionisme

8.

Dit werk van Seurat behoort tot

a)

realisme

b)

surrealisme

c)

pointillisme

d)

impressionimse

9.

Gauguin schildert met felle kleuren en heel plat, hij is een voorloper van het

a)

impressionisme

b)

expressionisme

c)

kubisme

d)

symbolisme

10.

De Aardappeleters werd door van Gogh geschilderd na het zien van werk van

a)

de symbolisten

b)

de impressionisten

c)

de pointillisten

d)

de school van Barbizon

11.

Wat hoort niet in het rijtje thuis:

a)

romantiek

b)

angstaanjagende kracht van de natuur

c)

landschap als symbool voor behoud van de natuur

d)

wijze van leven vol menselijke hebzucht en technologische ontwikkelingen

12.

Dit schilderij is picturaal geschilderd. Wat is het tegenovergestelde van picturaal?

a)

vlot

b)

lineair

c)

impressionistisch

d)

hoekig

13.

Geen kenmerk van de Pre-Raffaelieten:

a)

kiezen onderwerpen met een romantische achtergrond

b)

De Vlaamse Primitieven vormen een groot voorbeeld

c)

afwijzen van de academische schilderstijl

d)

verwijzen naar de kunst na Rafaël

14.

De neo-classistische beeldhouwer Canova was vooral geïnspireerd door:

a)

De Renaissance

b)

Bernini

c)

De grieken

d)

De romeinen

15.

Rodin "de Denker", wat hoort hier niet thuis:

a)

brons

b)

academische werkwijze

c)

impressionistische werkwijze

d)

levendige modellering

16.

Welk kenmerk hoort niet bij de neo stijlen

a)

teruggrijpen op stijlen uit het verleden

b)

de keuze van een stijl werd afgestemd op de functie van het gebouw

c)

eclecticisme: vermenging van meerdere, vroegere stijlen

d)

weinig tot geen decoratieve elementen

17.

Jacques Soufflot La Madeleine 1842, welke functie heeft dit gebouw en welke functie zou je verwachten?

a)

functie rechtbank, ik verwacht een theater

b)

functie station, ik verwacht een tempel

c)

functie gemeentehuis, ik verwacht een rechtbank

d)

functie kerk, ik verwacht een tempel

18.

welke van de volgende afbeeldingen is impressionistisch

a)
b)
c)
d)
19.

Welk gebouw is niet gebouwd met pre fab elementen?

a)
b)
c)
d)
20.

Gustave Eiffel was een ingenieur. Eerdere 19e eeuwse soorten bouwwerken dienden als voorbeeld voor het ontwerp van de Eiffeltoren. Noem 2 soorten bouwwerken

a)

viaduct en brug

b)

brug en toren

c)

plantenkas en stadion

d)

stationsoverkapping en toren

21.

Welke van de onderstaande technologische vernieuwingen hebben niet bijgedragen aan het snel en hoog bouwen van de Eiffeltoren:

a)

elektrische lift voor transport van materiaal

b)

stoommachine voor takelsystemen

c)

toepassing van gewapend beton

d)

de ontwikkeling van staal voor grote overspanningen,

e)

pre fab elementen die ter plekke in elkaar gezet kunnen worden

22.

Naar welk voorbeelden is dit gebouw gemaakt?

a)

gotiek en renaissance

b)

renaissance en middeleeuwen

c)

classicisme en gotiek

d)

middeleeuwen en classicisme

23.

Welke groepering verzette zich tegen de industriële massaproductie en pleitte voor een terugkeer naar het ambachtelijke, zoals in de Middeleeuwen?

a)

Amsterdamse school

b)

Haagse school

c)

school van Barbizon

d)

Arts and Crafts

24.

De volgende grafische techniek werd in de 19e eeuw ontdekt

a)

etsen

b)

lino snede

c)

zeefdruk

d)

lithografie

25.

Dit marmeren beeld is in opdracht van George Washington door de Franse beeldhouwer Houdon in classicistische stijl gemaakt. Welke elementen passen niet in de traditionele uitstraling van een machtig persoon?

a)

het realistische portret

b)

de moderne kleding

c)

zijn linkerarm rust op een fasces

d)

gehouwen uit carrara marmer

26.

Welke kunststroming hoort bij deze kunstenaars: Gauguin, Seurat, Van Gogh en Cézanne:

a)

realisme

b)

impressionisme

c)

pointillisme

d)

post-impressionisme

27.

Cézanne was de voorloper van …… uit de 20e eeuw

a)

kubisme

b)

futurisme

c)

surrelaimse

d)

De Stijl

28.

Welke van de volgende afbeeldingen hoort niet thuis in dit rijtje

a)
b)
c)
d)
29.

Welk groots evenement zou hier georganiseerd worden?

a)

onthulling van de the house of parliaments

b)

paardenrace

c)

wereldtentoonstelling

d)

de opening van een expo over de Gouden Eeuw

30.

Welke van de 4 hoort niet thuis in het rijtje

a)

exotische elementen

b)

koele vormen en lijn

c)

mythologisch thema

d)

historiestuk

31.

Kies uit de volgende schilderijen welk schilderij het voorbeeld was voor dit werk van Manet?

a)
b)
c)
d)
32.

Manet veroorzaakte veel ophef met dit schilderij. Welke bewering hier is niet juist:

a)

De naakte dame is een prostituee

b)

De naakte dame is een vooraanstaande rijke dame uit Parijs

c)

de naakte dame kijkt je recht aan

d)

De naakte dame is heel plat, zonder volume geschilderd

33.

Dit relief is gemaakt door Flaxman. Welke periode gebruikt Flaxman als voorbeeld van zijn werk?

a)

de Romaanse periode

b)

de Renaissance

c)

de Gotiek

d)

De klassieke oudheid

34.

Welke uitvinding in de 19e eeuw zorgde ervoor dat veel schilders geen opdrachten meer kregen?

a)

de schildersezel

b)

de verftube

c)

de stoommachine

d)

de fotografie

35.

Welke van de volgende anwoorden hoort hier niet thuis?

a)

sjabloontechniek

b)

impressionisme

c)

neo-impressionisme

d)

wetenschappelijke benadering van het schilderen

e)

divisionisme

36.

Van Gogh schilderde dit werk. Welke van de antwoorden is niet juist:

a)

japonisme

b)

afsnijding

c)

japanse prentkunst

d)

asymetrische compositie

e)

lineair

37.

De beschrijving is een beschrijving over de vormgeving:

a)

de haren lijken een gedachtewereld vol fantasie en spiritualiteit te verbeelden

b)

elegante vrouwfiguren

c)

zwierige kleding

d)

de vele zwarte lijnen zorgen voor een beweeglijk effect

38.

Goya de derde Mei 1808 1814, dit werk is

a)

zowel romantisch als realistisch

b)

romantisch

c)

realistisch

d)

impressionistisch

39.

Andre Rude, de Marseillaise

a)

behoort tot het Neoclassicisme

b)

behoort tot de Romantiek

c)

behoort tot het realisme

d)

behoort tot het impressionisme

40.

L'art pour l'art, welke van de onderstaande antwoorden is NIET juist:

a)

In de 19e eeuw ontstond voor het eerst ruimte voor een kunstenaar die werkte vanuit zichzelf en niet ten dienste van een opdrachtgever.

b)

Van de kunstenaar wordt nu verwacht dat hij autonoom, onafhankelijk, is.

c)

het kunstwerk hoefde geen ander doel meer te dienen dan een esthetisch doel.

d)

het kunstwerk werd een doel op zich.

e)

het academisme is de basis voor l'art pour l'art