Font size
Worksheetsverpleegkundig rekenen C
Total questions: 13
Worksheet time: 39mins
Informatie over de toets:
Type alleen een getal in, niet de eenheid die erbij hoort (bijv. ml)
Gebruik geen punt in een getal, wel een komma (bijv. 1,5)
Heb je dit gelezen?
ja
nee
Mevrouw Krings heeft een infuus van 0,8 liter per 24 uur.
Ze drinkt deze dag 2 bekers thee van 175 ml per stuk en eet een beker vla van 100 ml per. Ook drinkt ze een glas sap van 200 ml.
Uit haar wonddrain kwam 300 ml vocht.
De urinekatheter bevatte 950 ml.
Er is hier sprake van een ................vochtbalans van ......... ml
positieve vochtbalans van 200 ml
negatieve vochtbalans van 150 ml
positieve vochtbalans van 25 ml
een negatieve vochtbalans van 25 ml
het goede antwoord staat er niet bij
Je hebt een penicilline-oplossing met een concentratie van 20000 IE/m.
Een cliënt krijgt 50000 IE voorgeschreven.
Hoeveel ml krijgt zij ingespoten?
(a)
Op een ampul van 2 cc staat:
“pethidine 75 mg/ml”.
Een cliënt krijgt 120 mg voorgeschreven.
Hoeveel ml injecteer je?
(a)
Een cliënt moet 1 x per dag 750 µg medicijn innemen.
Het medicijn wordt geleverd in de vorm van tabletten,
die in vieren deelbaar zijn.
Eén tablet bevat 0,5 mg medicijn.
Hoeveel tabletten moet de cliënt per dag innemen?
2
2,5
1,5
0,75
het goede antwoord staat er niet bij
In voorraad is Fentanyl 4 mg per 5 ml.
Je moet 1,2 mg toedienen.
Hoeveel ml geef je?
(a)
In voorraad is een flacon vitamine K.
Op het etiket staat: 1 cc = 3 mg.
Een zorgvrager moet 7,5 mg krijgen.
Hoeveel ml injecteer je?
(a)
Aanwezig zijn ampullen met daarin 60 mg/ml Gentamycine.
De patiënt weegt 80 kg.
Voorgeschreven is 3 mg Gentamycine per kg lichaamsgewicht.
Hoeveel ml krijgt de patiënt toegediend?
(a)
Kies het goede antwoord:
Een cliënt heeft voorgeschreven gekregen:
zuurstof 2 liter/min.
Hoe lang kan je doen met een fles zuurstof van 5 liter en een druk van 40 bar?
Geef je antwoord in uren en minuten.
3 uur en 33 minuten
3 uur en 20 minuten
3 uur en 3 minuten
3 uur en 30 minuten
Een cliënt heeft 1,5 liter/min zuurstof voorgeschreven gekregen.
De cilinder van 10 liter geeft een druk aan van 45 bar.
In deze cilinder is genoeg zuurstof voor …………….. minuten.
(a)
Een cliënt met COPD krijgt 2 liter/min zuurstof.
Zij gaat een dagje uit en neemt zuurstofcilinder(s) mee.
Zij vertrekt zaterdagmorgen om 10.00 uur en komt ’s avonds terug om 22.00 uur.
Hoeveel cilinders van 8 liter en 50 bar moet zij minimaal meenemen?
(a)
Een cliënt krijgt gedurende 12 uur 2 liter sondevoeding.
Er zijn zakken aanwezig met 500 ml.
Na hoeveel uur moet een zak vervangen worden?
(a)
Een zorgvrager moet 1800 ml vloeistof krijgen in 20 uur.
Op welke druppelsnelheid (per minuut) stel je het apparaat in?
(a)
