wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Herhalingsoefeningen

Total questions: 50

Worksheet time: 37mins

Name
Class
Date
1.

Wat weet je als je dit op een bewonerskamer ziet staan?

a)

Dat de bewoner maagproblemen heeft.

b)

Dat de bewoner ademhalingsproblemen heeft.

c)

Dat de bewoner slikproblemen heeft.

2.

Wat moet je doen als je dit poeder op de bewonerskamer ziet staan.

a)

Hiermee kan je voeding en vloeistoffen indikken.

b)

HIermee kan je voeding en vloeistoffen een ander smaakje geven.

c)

HIermee kan je voeding en vloeistoffen dunner maken.

3.

Welke chocotoffees mag iemand die suikerziekte/diabetisch heeft.

a)
b)
c)
4.

Geef een andere benaming voor diabetisch.

a)

Zoutziekte

b)

Suikerziekte

c)

Bloemziekte

5.

Maria eet 's morgens graag een boterham met choco, maar op haar eetkaart staat dat ze diabetisch is, welke choco ga je haar geven.

a)
b)
c)
6.

Jozef heeft geen speciaal dieet, welke koek mag hij bij de koffie?

a)
b)
c)
7.

Kan het kwaad als je iemand een suikervrije koek geeft, als hij geen suikerziekte heeft?

a)

Ja

b)

Neen

c)

Ik weet niet

8.

Dit is?

a)

Urinaal

b)

Bedpan

c)

WC-stoel

9.

Dit is?

a)

Bedpan

b)

Urinaal

c)

WC-stoel

10.

Dit is?

a)

Bedpan

b)

Urinaal

c)

WC-stoel

11.

Je wil suikervrije wafels bakken, welke suiker ga je gebruiken?

a)
b)
c)
12.

Ik ga zoutarme soep maken, welke bouillonblokjes ga je gebruiken?

a)
b)
c)
13.

Een bewoner uit het rusthuis heeft een afspraak in het ziekenhuis, omdat zijn algemene toestand achteruit gaat.

Bij welke specialist zal hij een afspraak hebben?

a)

Geriater

b)

Pediater

c)

Oncoloog

14.

Bernadette heeft een afspraak bij een oncoloog. Voor welke ziekte gaat Bernadette naar de oncoloog?

a)

Huidziekte

b)

Darmziekte

c)

Kanker

15.

Welke patiënten verblijven op geriatrie?

a)

Kinderen

b)

Ouderen

c)

Pasgeboren baby's

16.

Welke patiënten verblijven op Pediatrie?

a)

Kinderen

b)

Ouderen

c)

Pasgeboren baby's

17.

Welke patiënten verblijven op de kraamafdeling of materniteit.

a)

Kinderen

b)

Mama's met hun pasgeboren baby

c)

Te vroeg geboren baby's

18.

Welke patiënten verblijven op palliatieve zorgen?

a)

Mensen die psychiatrische hulp nodig hebben.

b)

Mensen die geopereerd zijn.

c)

Mensen die niet meer te genezen zijn en op een mooie manier kunnen sterven.

19.

Amelie is zwanger en gaat naar een?

a)

Psychiater

b)

Gynaecoloog

c)

Dermatoloog

20.

Mijn schoenen op stage of op PSG moeten:

a)

Zoals crocs zijn.

b)

Dicht, geluidsloos en stevig zijn.

c)

Met een open hiel zijn.

21.

Welke werkschoenen mag je niet dragen op PSG?

a)
b)
c)
22.

Geef de juiste benaming van 1.

(a)  

23.

Geef de juiste benaming van 2.

(a)  

24.

Geef de juiste benaming van 3.

(a)  

25.

Geef de juiste benaming van 4.

(a)  

26.

Geef de juiste benaming van 5.

(a)  

27.

Bij het opdekken van Jef zijn bed, zie je nog een pilletje liggen, wat ga je doen?

a)

De medicatie snel aan Jef geven.

b)

De medicatie in de vuilbak gooien.

c)

De medicatie aan een verpleegkundige geven.

28.

Wat is Trendelenburg? Kies de juiste afbeelding

a)
b)
c)
29.

Louis gaat met zijn rollator naar het cafetaria, hij vraagt jou om te helpen. Wat moet je altijd doen?

a)

Tegen Louis zeggen, doe maar zelf.

b)

De rollater voor Louis zetten en de remmen opzetten.

c)

De rollator voor Louis zetten.

30.

Dit is?

a)

Driehoeksverband

b)

Spiraalverband

c)

Kruisverband

31.

Dit is een kruisverband.

a)
b)
c)
32.

Zoek op waarvoor een conische beker gebruikt wordt?

a)

Met deze beker moet je je hoofd naar achter kantelen.

b)

Met deze beker kun je drinken zonder je hoofd naar achteren te kantelen.

33.

Welke bord gebruiken ze voor mensen met dementie?

a)
b)
c)
34.

Waarom wordt er rood servies aangeboden aan mensen met dementie?

a)

Zorgt er enkel voor dat de bewoner het bord beter kan zien.

b)

Zorgt er enkel voor dat de bewoner meer eetlust heeft.

c)

Zorgt ervoor de bewoner meer eetlust heeft en het bord beter kan zien door de rode kleur.

35.

Geef een andere naam voor dementie

a)

Alzheimer

b)

Parkinson

c)

Botontkalking

36.

Dit toilet is te laag voor Koen, wat kan hij wel gebruiken?

a)
b)
c)
37.

Piet eet zeer langzaam, wat kan je hem aanbieden zodat zijn eten toch langer warm blijft?

a)
b)
c)
38.

Een logistiek assistent mag? Meerdere antwoorden mogelijk.

a)
b)
c)
d)
39.

Een logistiek assistent mag? Meerdere antwoorden mogelijk.

a)
b)
c)
d)
40.

Een logistiek assistent mag niet? Meerdere antwoorden mogelijk.

a)
b)
c)
d)
41.

Nummer 1 is?

a)

Wielen

b)

Matras

c)

Rem

42.

Nummer 2 is:

a)

Wiel

b)

Ziekentiller

c)

Bel/afstandsbediening

43.

Nummer 3 is?

a)

Hoofdkussen en kussensloop

b)

Matras

c)

Bel/afstandsbediening

44.

Nummer 4 is?

a)

Dekbed + dekbedovertrek

b)

Kussen + kussensloop

c)

Matras + hoeslaken

45.

Nummer 5 is?

a)

Kussen + kussensloop

b)

Dekbed + dekbedovertrek

c)

Matras + hoeslaken

46.

Nummer 6 is?

a)

Kussen + kussensloop

b)

Dekbed + dekbedovertrek

c)

Matras + hoeslaken

47.

Nummer 7 is?

a)

Om je rem op te zetten.

b)

Om je wielen vast te zetten.

c)

Om je bed in trendelenburg te zetten.

48.

Wanneer moet je de tanden van een bewoner poetsen.

a)

's morgens en 's avonds

b)

's morgens

c)

's avonds

49.

Dit gebruik ik om een wonden te ontsmetten.

a)
b)
c)
50.

Wat moet je zeker doen als je een kunstgebit gaat poetsen.

a)

Het kunstgebit poetsen, terwijl de bewoner het nog in heeft.

b)

De wasbak vullen met water.

c)

De wasbak niet vullen met water.