Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

europese unie

Total questions: 15

Worksheet time: 8mins

Name
Class
Date
1.

Na de 2e wereldoorlog besloten 6 Europese landen om samen te werken. Welke landen?

a)

Belgie, Duitsland, Frankrijk, Noorwegen, Nederland en Italie

b)

Nederland, Belgie, Luxemburg, Duitsland, Frankrijk en Italie

c)

Oostenrijk, Noorwegen, Nederland, Belgie, Zweden en Italie

d)

Belgie, Portugal, Cyprus, Luxemburg, Nederland en Duitsland

2.

Wat was de belangrijkste reden dat Europese landen samen gingen werken?

a)

Het was de bedoeling om door meer samenwerking minder oorlog in Europa te hebben

b)

Het was de bedoeling om door samenwerking één groot Europees land te worden.

c)

Het was de bedoeling om door samenwerking alle Europese landen gelijk te maken.

3.

In welk jaar kwam de EGKS tot stand?

a)

1962

b)

1957

c)

1951

d)

1953

4.

Welk land treedt toe tot de EU in 1981?

a)

Kroatië

b)

Bulgarije

c)

Italië

d)

Griekenland

5.

De samenwerkingen van de EEG ging vooral om ...

a)

economie / handel

b)

onderwijs

c)

gezondsheidszorg

d)

veiligheid

6.

In welke stad werd de EEG de Europese Unie?

a)

Amsterdam

b)

Brussel

c)

Maastricht

d)

Rotterdam

7.

Uit hoeveel landen bestaat de Europese Unie vandaag?

a)

20

b)

24

c)

27

d)

29

8.

Elk land in de Europese Unie gebruikt de euro

a)

Juist

b)

Fout

9.

Europese integratie betekent...

a)

samenwerken op basis van munt de Euro.

b)

allemaal dezelfde cultuur aannemen.

c)

steeds sterkere samenwerking tussen de EU landen.

d)

alle grenzen laten verdwijnen.

10.

Sommige landen mogen geen lid worden van de EU. Welke reden klopt niet?

a)

Het land heeft een verouderde industrie

b)

Het land heeft bijna geen toerisme

c)

Het land heeft hele verschillende wetten en regels dan de EU

d)

Het land heeft een te zwakke economie

11.

Wat is geen onderdeel van de Europese Unie?

a)

Europese klimaatdoelen

b)

Een Europees leger

c)

Vrij verkeer van personen, goederen, diensten en kapitaal

d)

Een grondslag van solidariteit

12.

Vanuit welke stad wordt de EU bestuurd?

a)

Brussel

b)

Amsterdam

c)

Parijs

d)

Oslo

13.

Hoeveel leden telt het Europees Parlement?

a)

775

b)

705

c)

789

d)

734

14.

Hoevaak worden er Europese verkiezingen gehouden?

a)

Om de 2 jaar

b)

Om de 4 jaar

c)

Om de 5 jaar

d)

Om de 10 jaar

15.

Telt de EU meer of minder inwoners dan de VS?

a)

Meer

b)

Minder