wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Rijbewijs wees wegwijs les 19 #Brusselleer

Total questions: 15

Worksheet time: 8mins

Name
Class
Date
1.

Wie heeft voorrang?

a)

Auto A.

b)

Auto B.

2.

Wie heeft voorrang?

a)

Auto A.

b)

Auto B.

3.

Parkeerplaatsen op de rijbaan. De foto is genomen vanuit de auto waarmee jij rijdt.

a)

Tegenliggers moeten jou voorrang verlenen.

b)

Jij moet voorrang verlenen aan de tegenliggers.

4.

Mag je, als er een hindernis is op de rijbaan, de tram langs links kruisen?

a)

Ja.

b)

Nee.

5.

Mag je, om het kruisen te vergemakkelijken, ook rijden over de strook die bestemd is voor parkeren?

a)

Ja.

b)

Nee.

6.

Mag je, om het kruisen te vergemakkelijken, ook rijden over de gelijkgrondse berm?

a)

Ja.

b)

Nee.

7.

Een fietssuggestiestrook. Om een auto te kruisen ...

a)

... mag je hierop rijden.

b)

... mag je hier niet op rijden.

c)

... moet je hierop rijden.

8.

De rijbaan is smal. Mag de blauwe auto, om het kruisen te vergemakkelijken, een beetje over het fietspad rijden?

a)

Ja.

b)

Nee.

c)

Ja, op voorwaarde dat hij de andere weggebruikers niet in gevaar brengt.

9.

Mag de bestuurder van de blauwe auto over de fietssuggestiestrook rijden om het kruisen te vergemakkelijken?

a)

Hij mag dat.

b)

Hij mag dat niet alleen, hij moet dat.

c)

Hij mag dat niet.

10.

Welke tekening is fout?

a)

Tekening 1.

b)

Tekening 2.

11.

Wie heeft op dit kruispunt voorrang?

a)

De auto.

b)

De motorfiets.

c)

Geen van beiden.

12.

Wie heeft voorrang?

a)

De rode auto.

b)

De blauwe auto.

13.

Er staan pijlen op de de weg. Je moet hier ...

a)

... links kruisen.

b)

... rechts kruisen.

14.

Een bijzonder overrijdbare bedding. Wat is juist?

a)

Je mag hier niet stilstaan en parkeren.

b)

Je mag hier niet op rijden, stilstaan en parkeren.

15.

Geen pijlen op het wegdek. Je moet hier ...

a)

... rechts kruisen (achter elkaar doorrijden).

b)

... links kruisen (voor elkaar langs rijden).