wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Verkeer: Verkeersborden: Welk bord of licht is juist?

Total questions: 25

Worksheet time: 50mins

Name
Class
Date
1.

welk licht is juist?

ik stop.

a)
b)
2.

welk licht is juist?

ik stop ook.

a)
b)
3.

welk licht is juist?

ik rijd door maar pas goed op.

a)
b)
4.

welk licht is juist?

ik steek over.

a)
b)
5.

welk licht is juist?

ik blijf staan.

a)
b)
6.

welk bord is juist?

hier stop ik het best om anderen door te laten.

a)
b)
7.

welk bord is juist?

ik stop altijd aan de stopstreep wanneer ik fiets.

a)
b)
8.

welk bord is juist?

ik mag daar niet gaan.

a)
b)
9.

welk bord is juist?

hier moet ik rechtdoor rijden.

a)
b)
10.

welk bord is juist?

ik mag in die straat niet rijden, in geen enkele richting.

a)
b)
11.

welk bord is juist?

ik mag in deze richting de straat niet inrijden.

te voet mag ik wel verder stappen.

a)
b)
12.

welk bord is juist?

ik moet links afslaan.

a)
b)
13.

welk bord is juist?

ik let op voor een gevaar.

a)
b)
14.

welk bord is juist?

ik kom in een erf of in een woonerf.

auto's en fietsen rijden daar zeer traag.

ik mag daar overal gaan en spelen.

ik laat de andere mensen wel door.

a)
b)
15.

welk bord is juist?

ik verlaat een erf of een woonerf.

ik let weer goed op het verkeer.

a)
b)
16.

welk bord is juist?

ik laat de bestuurders van links en van rechts door.

a)
b)
17.

welk bord is juist?

hier moet ik stappen.

a)
b)
18.

welk bord is juist?

ik let op want ik nader een overweg met slagbomen.

a)
b)
19.

welk bord is juist?

ik let op voor mensen die aan het werk zijn.

a)
b)
20.

welk bord is juist?

ik steek over op een zebrapad, maar ik let daar evengoed op als elders.

a)
b)
21.

welk bord is juist?

ik let op voor voetgangers die willen oversteken.

a)
b)
22.

welk bord is juist?

ik let op want ik nader een kruispunt waar lichten staan.

a)
b)
23.

welk bord is juist?

ik let op omdat er hier speciaal veel kinderen kunnen komen.

a)
b)
24.

welk bord is juist?

ik moet op dit deel van de weg stappen of fietsen.

a)
b)
25.

welk bord is juist?

ik moet op de stoep stappen of fietsen op het fietspad.

a)
b)