NEW
Font size
Worksheetshet weer
Total questions: 20
Worksheet time: 10mins
Wat zie jij?
Het is bewolkt.
De zon schijnt.
Het bliksemt.
Er is veel wind.
Wat zie jij?
Het bliksemt.
Het dondert.
Het is bewolkt.
Het is zonnig.
Wat zie jij?
Het bliksemt.
Het dondert.
Het sneeuwt.
Het vriest.
Wat zie jij?
Het dondert.
Het regent.
Het sneeuwt.
Het vriest.
Wat zie jij?
Het bliksemt.
Het dondert.
Het is bewolkt.
Het regent.
Wat zie jij?
Het bliksemt.
Het dondert.
Het is bewolkt.
Er is veel wind.
Wat zie jij?
Het sneeuwt.
Er is veel wind.
Het bliksemt.
Het is bewolkt.
In welk seizoen draagt de aap een muts en een sjaal?
de lente
de winter
de herfst
de zomer
Welk seizoen past bij deze foto?
de lente
de zomer
de winter
de herfst
Welke zin past bij het plaatje?
Doe een dikke jas aan.
Doe een korte broek aan.
Doe een zwembroek aan.
Doe je sandalen aan.
Wat zie jij?
de regen
de sneeuw
de mist
de hagel
Welk seizoen past bij deze foto?
de lente
de zomer
de winter
de herfst
Welk seizoen past bij deze foto?
de lente
de zomer
de winter
de herfst
Wat zie jij?
Het bliksemt.
Het dondert.
Het sneeuwt.
Het vriest.
Wat zie jij?
Het bliksemt.
Het hagelt.
Het sneeuwt.
Het vriest.
Wat past bij deze prent? Ik zie de regenboog als het ........
het regent en de zon schijnt
het hagelt en het sneeuwt
het sneeuwt en de zon schijnt
er mist is en het regent
Wat zie jij?
Het is warm.
Het regent.
Het is koud.
Het is zonnig.
Wat zie jij?
Het is warm.
Het regent.
Het is koud.
Het is zonnig.
Wat zie jij?
een sjaal
een zonnebril
een paraplu
een zomerjas
Wat zie jij?
een sjaal
een zonnebril
een paraplu
een zomerjas
