wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

het weer

Total questions: 20

Worksheet time: 10mins

Name
Class
Date
1.

Wat zie jij?

a)

Het is bewolkt.

b)

De zon schijnt.

c)

Het bliksemt.

d)

Er is veel wind.

2.

Wat zie jij?

a)

Het bliksemt.

b)

Het dondert.

c)

Het is bewolkt.

d)

Het is zonnig.

3.

Wat zie jij?

a)

Het bliksemt.

b)

Het dondert.

c)

Het sneeuwt.

d)

Het vriest.

4.

Wat zie jij?

a)

Het dondert.

b)

Het regent.

c)

Het sneeuwt.

d)

Het vriest.

5.

Wat zie jij?

a)

Het bliksemt.

b)

Het dondert.

c)

Het is bewolkt.

d)

Het regent.

6.

Wat zie jij?

a)

Het bliksemt.

b)

Het dondert.

c)

Het is bewolkt.

d)

Er is veel wind.

7.

Wat zie jij?

a)

Het sneeuwt.

b)

Er is veel wind.

c)

Het bliksemt.

d)

Het is bewolkt.

8.

In welk seizoen draagt de aap een muts en een sjaal?

a)

de lente

b)

de winter

c)

de herfst

d)

de zomer

9.

Welk seizoen past bij deze foto?

a)

de lente

b)

de zomer

c)

de winter

d)

de herfst

10.

Welke zin past bij het plaatje?

a)

Doe een dikke jas aan.

b)

Doe een korte broek aan.

c)

Doe een zwembroek aan.

d)

Doe je sandalen aan.

11.

Wat zie jij?

a)

de regen

b)

de sneeuw

c)

de mist

d)

de hagel

12.

Welk seizoen past bij deze foto?

a)

de lente

b)

de zomer

c)

de winter

d)

de herfst

13.

Welk seizoen past bij deze foto?

a)

de lente

b)

de zomer

c)

de winter

d)

de herfst

14.

Wat zie jij?

a)

Het bliksemt.

b)

Het dondert.

c)

Het sneeuwt.

d)

Het vriest.

15.

Wat zie jij?

a)

Het bliksemt.

b)

Het hagelt.

c)

Het sneeuwt.

d)

Het vriest.

16.

Wat past bij deze prent? Ik zie de regenboog als het ........

a)

het regent en de zon schijnt

b)

het hagelt en het sneeuwt

c)

het sneeuwt en de zon schijnt

d)

er mist is en het regent

17.

Wat zie jij?

a)

Het is warm.

b)

Het regent.

c)

Het is koud.

d)

Het is zonnig.

18.

Wat zie jij?

a)

Het is warm.

b)

Het regent.

c)

Het is koud.

d)

Het is zonnig.

19.

Wat zie jij?

a)

een sjaal

b)

een zonnebril

c)

een paraplu

d)

een zomerjas

20.

Wat zie jij?

a)

een sjaal

b)

een zonnebril

c)

een paraplu

d)

een zomerjas